kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Jan Wiegers


Jan Wiegers volgde de kunstacademie Minerva in Groningen.

In 1918 richtte hij samen met onder meer Jan Altink en Johan Dijkstra de Groninger kunstenaarsvereniging De Ploeg op, uit ontevredenheid met de behoudende opvattingen van het Groninger kunstleven en de heersende burgermoraal. Het doel was moderne kunst te exposeren.

In 1920 reisde Wiegers naar Davos, waar hij wegens tbc moest kuren. Het verblijf was van beslissende betekenis voor zijn artistieke ontwikkeling. Hij leerde er de Duitse expressionist Ernst Ludwig Kirchner kennen, die zeer geïnteresseerd in de kleurenleer van Johann Wolfgang Goethe en in grote, afgebakende, krachtige vlakken en weloverwogen kleurcombinaties schilderde en de onderwerpen veelal in zijn directe omgeving vond.

Wiegers introduceerde binnen De Ploeg de op Kirchner geïnspireerde expressionistische stijl. Zijn Landschap met rode bomen, is kenmerkend voor zijn vroege werk en een schilderij dat volgens Steenbruggen 'passie en pure expressie' ademt. Wiegers schilderde (in wasverftechniek) portretten, naakten, stillevens en landschappen. Tevens maakte hij tekeningen, etsen, litho's en houtsneden. Jan Wiegers wist zijn op Kirchner geïnspireerd expressionisme binnen de kring van vooruitstrevende Ploegers uit te dragen. In navolging van hem kozen - de een voor langere, de ander voor kortere tijd - Jan Altink, Johan Dijkstra, Hendrik Nicolaas Werkman en Jan Martens voor een expressionistisch palet.

,,Men voelt zich eenigermate bepygmaliond bij het aanschouwen van dit werk'', is het commentaar van de recensent van het Nieuwsblad van het Noorden in 1921 over een solotentoonstelling van Jan Wiegers. Het werk, vindt hij, doet denken aan ,,de onzekere letters van een kind''. Spijtig constateert hij dat ,,het tijdperk van het inhoudloos gestamel in de schilderkunst'' is aangebroken. Dat was nog een mild oordeel over het werk van kunstenaar Jan Wiegers (1893-1959), pionier van het modernisme in ons land. Het grote publiek vond zijn expressieve schilderijen met zijn non-conformistische kleurgebruik barbaars en brutaal.

Tussen 1920 en 1926 bezat hij een tomeloze werklust. Anders dan Kirchner waren zijn werken wilder en soms primitivistisch.

Vanaf 1927 beweegt Wiegers stijl zich in de richting van een meer gematigd expressionistische stijl met een geheel eigen koloriet.

Buiten Groningen ondervindt Wiegers als eerste 'Ploeger' erkenning, hetgeen zich uit in exposities, publicaties en connecties.

In 1934 vestigt hij zich in Amsterdam, waar hij uitgroeit tot gerespecteerd kunstenaar en wordt beschouwd als een van de fakkeldragers van het modernisme. Wellicht onder invloed van de algehele neergang van het modernisme neemt zijn 'geïnspireerdheid' gedurende de jaren dertig af, hetgeen blijkt uit de vele in kwaliteit sterk uiteenlopende stillevens en bloemstillevens.

Zijn activiteiten binnen het kunstenaarsverzet en zijn in de jaren twintig en dertig opgebouwde faam als baanbrekend modernist verlenen hem na de oorlog grote reputatie. Als kroonpunt op zijn carrière werd Wiegers in de jaren vijftig benoemd als professor aan de Rijksacademie te Amsterdam.

De jaren vijftig luiden in artistiek opzicht een nieuwe periode van inspiratie en expressie in. Waarschijnlijk mede onder invloed van het eigentijds modernisme en de groeiende belangstelling voor zijn vroege werk, worden zijn schilderijen krachtiger van kleur en vrijer van opvatting.

Wiegers geldt als de belangrijkste modernist van ons land en behoort met Leo Gestel en Jan Sluijters tot de voornaamste vertegenwoordigers van het expressionisme en de modernste kunstenaar van de Groninger kunstkring De Ploeg. Anders dan Sluijters en Gestel raakte hij na zijn dood in vergetelheid.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 36.