kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 21-01-2016 voor het laatst bewerkt.

John Rädecker

Nederlandse beeldhouwer, graficus, illustrator, tekenaar, schilder van dieren, figuurvoorstellingen, interieurs, naaktfiguren, portretten, religie, stillevens, zelfportretten,

Naamsvarianten: Johannes Anton Rädecker, John Raedecker,

Zeer begaafd beeldhouwer. Hij werkte soms met zijn broer Anton en gaf les aan zijn zoon Jan Willem Radecker en aan G. Leijden van Amstel, H.J.B. Schippers en G. van der Wagt. Hij was een van de belangrijkste nederlandse beeldhouwers van de jaren '20 en '30. Zijn beelden zijn vaak grof van vorm en maken een geheimzinnige indruk. Zijn broers Toon en Willem waren ook allebei beeldhouwer.

In het oeuvre van John Rädecker ligt de nadruk op de sensitiviteit en sensualiteit van de vorm, en op een weergave van de werkelijkheid die een mystiek symbolische en soms religieuze bron lijkt te hebben. Hoewel Rädecker als beeldhouwer tot de Amsterdamse School wordt gerekend, bracht hij een groot deel van zijn leven door in het Noord Hollandse dorpje Groet.

Geboren Amsterdam 5-9-1885, Gestorven Amsterdam 12-1-1956,

1905 Opleiding Academie van Beeldende Kunsten en Technische Wetenschappen (Rotterdam)
Avondopleiding Rijksakademie van beeldende kunsten Amsterdam (1906-1910) o.l.v. B.J.W.M. van Hove.
1910 Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (Antwerpen)

Amsterdam 1911 - 1914
Parijs 1911 - 1914

Schoorl 1914 - 1946

Rädecker, Van Eyck en zijdelings ook Roland Holst maakten vanaf 1916 deel uit van De Nieuwe Kring, een gezelschap van beeldende kunstenaars en letterkundigen dat geïnspireerd werd door een neo-religieus gemeenschapsideaal. Zij kritiseerden de moderne samenleving en de vermechaniserende wereld en predikten een levenshouding die gebaseerd was op zelftucht en bezinning. Overeenkomstig dit ideaal leidden zij een boerenbestaan in het Noord-Hollands duin- en weidegebied in de omgeving van Bergen, toen als kunstenaarskolonie in opkomst. Rädecker sloot destijds in zijn beeldhouwwerken en houtsneden aan bij uiteenlopende voorbeelden van buiten-Europese kunst en bij het 'gotisch vormgevoel' van de toenmalige Duitse expressionisten. De schilders van het gezelschap, onder wie Henri ten Holt en Jaap Weijand, bij het werk van de kunstenaars van Der Blaue Reiter als Franz Marc en Wassilly Kandinsky. Zij zochten hun onderwerpen evenals hun Münchense voorbeelden in een veelal bijbelse thematiek.
Een van de meest kenmerkende krachten van hun expressionisme was het idee van kosmische solidariteit. Hieruit valt de sympathie voor de christelijke en mystieke kunst en voor haar motieven, en voor de kunst van cultuurlozen en primitieven te verklaren. Deze gezindheid werd mede beïnvloed door schrijvers als Dostojewski en Tolstoj - waarvan Van Eyck een kenner was, en die ook door Rädecker werden gelezen - met hun ideeën over de mystieke kracht van het geloof, bevrijd van het verstand. Zelf maakte Rädecker zonder de toenmalige kerkelijke zoetsappigheid Monniken, Madonnabeelden en Redontieke Gevallen Engelen en na de Eerste Wereldoorlog sneed hij tot twee maal toe een Johannes de Doper, waarvan hij er een aan Van Eyck verkocht. Toch kan men zich afvragen of hij zich nu wezenlijk geïnteresseerd heeft voor de inhoud van het Journaal van den Nieuwen Kring, of voor daarmee verband houdende publicaties over kunst en mystiek van de letterkundigen Pieter Talma en Charles Wijnschenk. Onder invloed van de laatsten was er tijdelijk ook bij Van Eyck sprake van een mysticiserende tendens, die echter niet representatief is voor zijn verdere oeuvre. Al omstreeks 1917 heeft zowel Rädecker als Van Eyck afgehaakt.

Van Eyck in Londen. Hier bracht hij het werk van Rädecker onder de aandacht van een toenmalige Hollandse kolonie, waaronder enkele rijke collectionneurs.

Op 2 juli 1926 werd de kunstenaarsvereniging de brug opgericht, naar voorbeeld van de eerder in Duitsland opgerichte vereniging Die Brücke. Doel was de introductie van de Nieuwe zakelijkheid in de schilderkunst. Leden van het eerste uur waren bekende kunstenaars als charley toorop, dick ket, Johan Polet, Jacob Bendien, henri boot en John Rädecker.

Charley toorop (1891-1955) en John Raedecker waren goed bevriend en behoorden beiden al jaren tot de gevestigde orde. Zij ontmoetten elkaar waarschijnlijk voor het eerst in 1919, toen Rädecker met vrouw en kind de kamers huurde in de vervallen Amsterdamse villa Huize Meerhuizen, die charley toorop tot die tijd met haar zoons had bewoond. De hechte vriendschap tussen Toorop en Radecker ontstond echter pas later, aan het begin van de jaren dertig. Toen kreeg Rädecker de opdracht een monument te maken voor Charleys vader, de in 1928 overleden jan toorop.

Amsterdam 1946 - 1954

Als één van de belangrijkste beeldhouwers van zijn tijd kreeg Rädecker verschillende belangrijke opdrachten, waarvan de beeldhouwwerken voor het Nationaal Monument op de Dam de bekendste zijn. Hierbij schakelde Rädecker Roland Holst in als tekstdichter.

Blaricum 1955 - 1956

Hij overleed te Amsterdam op 12 januari 1956.

Relevante verwijzingen: http://www.centraalmuseum.nl/


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 864.