kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Karin Arink

Katharina Cecilia Elisabeth Arink, geboren 29-4-1967 te Delft, Nederlandse kunstenares, beeldhouwer, installatie-kunstenaar, tekenaar en keramist, woont en werkt in Rotterdam.
Docent aan de Willem de Kooning Academie/Academie van Beeldende Kunsten, Rotterdam

Bij het werk van Karin Arink speelt zich het nabije in haar leven en het dicht op de huid zijn een grote rol. Zowel in de positieve als de negatieve effecten van een verhouding- de toegang tot de ander. De liefde, openheid, bereidheid, hartstocht, het opgaan in de ander, maar ook de twijfel en angst voor het voorbijgaan, het verliezen en verlaten worden. Deze verscheurdheid speelt zich binnen relaties af maar ook binnen het eigen zijn. Karin Arink gebruikt en onderzoekt in haar werk diverse media, zoals ingesneden en bewerkte foto's, geboetseerde, gehakte en genaaide beelden, ruimtelijke tekeningen van textiel en plakplastic, videoanimaties en tekstwerken met altijd een verwijzing naar een voelbare vorm van lichamelijkheid die de kwetsbaarheid en de hulpeloosheid van de mens tonen.

Opleiding
Willem de Kooning Academie, Rotterdam
Rijksakademie, Amsterdam

In 1992 won ze met haar textielsculpturen de prestigieuze Prix de Rome voor beeldhouwkunst.

Rotterdam, wijdde op 6 augustus 1996 een avond aan het lichaam. Karin Arink en Karin Spaink werden gevraagd op elkaars werk te reageren.
Ze maakt lichamen. Grote beelden, naar ik aanneem levensgroot - van tot op heden ongekende creaturen. Ze zijn broertjes en zusjes van de schepsels van Bacon en Barker. En waar Barker me bij de eerste blik imponeert en de adem doet stokken, en Bacon me mijn ogen doet uitkijken, raak ik bij haar beelden hoofdzakelijk ontroerd. Haar wezens zijn anders, niet menselijk, skeletachtig - maar mooi, zo mooi dat je er subiet verliefd op zou worden. Zie volledige artikel op Karin Arink is één van de 10 genomineerden voor de West Art of Now Award, die bij de opening van de KunstRAI wordt uitgereikt door burgemeester Cohen.

Museum Schiedam / I (X-pose), I+I (you&me), I+I+I (mumbag!)
In deze expositie toont de Rotterdamse kunstenaar Karin Arink haar werk in drie trappenhuizen. Haar werk is in de collectie van het Stedelijk Museum Schiedam vertegenwoordigd met twee “Cutdresscutphotos”, die beide in de vaste opstelling te zien zijn.
In het werk van Karin Arink staat het individu centraal. Haar fascinatie geldt vooral hoe het individu zichzelf ervaart in relatie tot de omgeving en tot de ander. Het thema van de presentatie in de projectruimten bestaat uit drie staten van ‘zijn' van de mens; alleen (I), samen (I+I) en met kind (I+I+I). Deel I gaat in op de zichtbaarheid van het individu; hoe je bestaat doordat anderen je waarnemen en op je reageren. Deel II gaat over de individuele grenzen, over het aftasten van jezelf via de ander. Hoe word je beïnvloed door de ander? Deel III betreft het moederschap; over de sterke lichamelijke ervaringen die spelen bij het krijgen van een kind en over de vraag wat er gebeurt met het individu als aparte entiteit.

Karin Arink in de Rotterdamse Schouwburg het duet “Smal hands (out of the lie of no)”van Anne Teresa De Keersmaeker en Cynthia Loemij. Twee lichamen, die elkaar duidelijk al jaren kennen, wervelden om en langs elkaar. Daar zat Karin Arink, tot tranens toe geroerd, terwijl binnenin haar eigen lichaam het nog ongeboren lichaam van haar zoontje rondtastte.
Deze dubbele verdubbeling is de basis van haar werk voor beeldspoor. Uit haar lichaam snijdt ze twee lichamen, die ze vervolgens weer hardhandig samenvoegt tot één “ontspoord”lichaam: “ANAKOLOET”.

ANAKOLOET
“Welkom. U zult zich afvragen waar u nu terecht gekomen bent. Dat ligt nogal voor de hand: ik sta hier voor een groot gordijn. U ziet: het doek gaat open.”

Een lange vrouw komt op. Haar bewegingen zijn op een opvallende manier elegant. Ze wordt gevolgd door groepjes mensen, die haar voorzichtig naderen tot ze om haar heen klitten. Ze geven haar snoepjes, gevouwen servetjes, een steentje en bedelen om advies, een aanraking, aandacht. Zij glimlacht, zoekt oogcontact, maar ontmoet overal dezelfde bewonderende en veeleisende blik. Dan haken haar ogen in die van een kleine vrouw, het enige paar ogen dat ze tot nu toe heeft vermeden.

De vrouwen (tegelijk):
“Wij zijn eenheid. Wij zijn twee. Ons denken wordt gevormd door observaties uit twee bronnen. Denkbeelden groeien in het ene hoofd, maar zijn gezaaid of worden geoogst in het andere. Een beweging, een klank, een lettergreep van de één beïnvloedt de ander. Gedachten infecteren elkaar; een gedachte verwekt andere.
Wij spreken een eigen taal, onze taal. Onze taal is een samenraapsel dat, besmet door obsessies, voortwoekert. Tussen ons rollen de woorden heen en weer. Ze vallen van het ene vocabulaire in het andere, met of zonder behoud van betekenis. Ook klanken krijgen de betekenis van woorden. We worden bewogen door elke schijnbeweging van elkaar. Het is alsof wij spreken uit één mond.”

(Fragment uit “Anakoloet- een boek in wording” van Karin Arink en Liorah Hoek)


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1019.