kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 28-09-2008 voor het laatst bewerkt.

Kunstgeschiedenis

Zie ook het artikel kunststromingen voor een tijdlijn.

I. WAT IS KUNSTGESCHIEDENIS - ESTHETICA?
Kunstgeschiedenis bestudeert alle kunststromingen in chronologische volgorde (dikwijls alleen de westerse) en beperkt zich tot het waarnemen en registreren van uiterlijke stijlkenmerken. Kunstgeschiedenis heeft als onderwerp de geschiedenis van de kunst en moet bijgevolg een kritische studie zijn die de oorzaak en het gevolg van de evolutie van alle kunststromingen die de mens kende bestudeert.
Deze evolutie kan men best waarnemen als men zich houdt aan objectieve criteria, zoals data, feiten, kenmerken, namen, invloeden...
Kunstgeschiedenis beslaat de uiterlijke kenmerken die nodig zijn voor een inzicht in deze evolutie. Kunstgeschiedenis is objectief in die zin, dat er over deze uiterlijkheden moeilijk valt te redetwisten.
Esthetica legt uit waarom en wanneer iets als kunst wordt ervaren. Daarbij doet zij aan innerlijke waarneming, en leeft zich in in alles wat er in de mens omgaat als deze met kunst wordt geconfronteerd. De esthetica wil dus een waardebepaling vastkoppelen aan een kunstwerk. De band met het kunstwerk wordt heel rechtstreeks. Het kunstwerk wordt subject in plaats van object. Wat zegt een kunstwerk mij? Slaag ik erin de visie van de kunstenaar aan te voelen? Versta ik zijn taal? Waarom is het de moeite waard? Wat doe ik ermee?
Etymologisch is het woord esthetica afkomstig van het Griekse werkwoord aistanomai, wat betekent waarnemen. Esthetica betekent dus waarnemingsleer. Omdat waarneming echter slechts een eerste stap is in de richting van de appreciatie is waarnemingsleer onvolledig. Daarom is de betekenis later verbeterd in schoonheidsleer. Maar ook dit is bij nader inzien onvoldoende, aangezien iets lelijks ook tot de kunst kan behoren.
In onze tijd ziet men de esthetica meer en meer als een bijna filosofische benadering van het kunstwerk, ten einde een leer te vinden om iedereen van het kunstwerk te kunnen laten genieten. De moderne estheten zijn ervan overtuigd dat iedereen die zijn ervaring laat werken en zijn vele traditionele vooroordelen laat varen, bijvoorbeeld een werk van Mozart of Picasso kan waarderen. Om al deze redenen kan men het woord esthetica beter vertalen als kunstappreciatieleer, of zelfs als kunstervaringsleer.

II. KUNSTAPPRECIATIE VIA EEN ONDERZOEK VAN VORM EN INHOUD
Een degelijk onderzoek naar de volledige betekenis van het kunstwerk biedt slechts een voortreffelijk resultaat als we de twee basiselementen van ieder kunstwerk onder ogen nemen, nl. de VORM en de INHOUD.
Elke stijl in de kunst wordt bepaald door een aantal factoren die op elkaar inwerken, en waarbij het minder of meer doorwegen van één element een bepaalde stroming doet verschillen van een andere. Maar in feite kan alles herleid worden tot de twee basiselementen, zonder welke geen enkele kunstvorm mogelijk is:
- de inhoud: dit is de idee die men wil uitdrukken
- de vorm: de manier waarop de idee zintuiglijk waarneembaar wordt

Inhoud en vorm zijn even belangrijk. Het antwoord op de vraag waarom een kunstwerk al dan niet bevalt, is zeker gemakkelijker te geven door systematisch alle elementen van de inhoud en de vorm te onderzoeken. Hoe minder deze twee elementen samengaan, hoe lager de artistieke waarde. Het meest hoogstaande artistieke product brengt een harmonieus samenspel tussen vorm en inhoud. Bij een ideaal kunstwerk dient de vorm de inhoud en is de vorm slechts de veruitwendiging van deze inhoud.

De zes hoofdelementen van vorm en inhoud zijn:

Inhoud:
1. Onderwerp
2. Inspiratiebron
3. Karakter

Vorm:
4. Ritme
5. Techniek
6. Compositie

1. Onderwerp
Je kan ingenomen zijn met het onderwerp, met wat wordt voorgesteld. Er kunnen heel wat redenen zijn waarom je het onderwerp mooi vindt. Het woord schoon of mooi heeft echter meer dan één betekenis. Met betrekking tot een kunstwerk betekent het iets anders dan als je zegt: "wat een mooie wagen”. We moeten dus nuanceren en sentimentaliteit niet verwarren met echte schoonheid. Eigenbelang is niet altijd de mooiste eigenschap van de mens.

a. Moet het onderwerp schoonvormelijk zijn?
Schoonvormelijkheid betekent dat men het zintuiglijk aantrekkelijke als zeer belangrijk beschouwt. Typevoorbeeld van een stroming waarin men schoonvormelijkheid en kunst gelijkstelde, is de Griekse klassieke kunst (5de eeuw v.C.). Deze opvatting werd hernomen tijdens de Renaissance en leeft nu nog voort. Ze wordt weinig in vraag gesteld en speelt ons nog altijd parten.
Vele kunstenaars geven een beeld van de ontredderde mens. Het gewilde onderwerp is lelijk te noemen en zeker niet schoonvormelijk. Toch zijn het vaak meesterwerken door hun oprechtheid en/of hun meevoelen.
Artistieke schoonheid gaat verder dan zintuiglijke schoonheid en gaat niet altijd hand in hand met schoonvormelijkheid!

b. Moet het onderwerp herkenbaar zijn?
Ligt de waarde van een kunstwerk alleen in het herkennen van wat men ziet, hoort of leest? Is de enige weg om begrippen als onbehagen, liefde, geluk uit te drukken, de concrete en herkenbare weg?
Kunnen deze begrippen eigenlijk wel op deze concrete, herkenbare manier uitgedrukt worden? Heeft de toeschouwer zelf geen fantasie genoeg om in het kunstwerk te zien wat hij kan/wil, om het abstracte werk slechts te zien als een aanleiding tot zijn eigen gemoedsgesteltenis?
Het onderwerp moet dus niet altijd herkenbaar zijn. In een goed kunstwerk herken je altijd iets, al is het dan niet altijd onmiddellijk.

c. Mag het onderwerp afwijken van de realiteit?
Je kan zweren dat kunst alleen maar een kopie van de waarneembare werkelijkheid mag zijn (realisme).
Door afwijking van de realiteit drukt het kunstwerk misschien zelfs beter dezelfde realiteit uit. Het expressionisme slaagt er zelfs in door vervorming datgene te laten zien, wat in de waarneembare werkelijkheid niet kan gezien worden.
Drukt een imitatie of een kopie van de realiteit uit wat er in de mens leeft? Een echt kunstwerk is trouwens altijd meer dan alleen maar een kopie van de realiteit. Een kunstenaar is niet iemand die kopieert, maar wel interpreteert.

2. Inspiratiebron
Waar haalt de kunstenaar zijn inspiratie, of met andere woorden waar komen de ideeën vandaan? Inspiratie komt uit het innerlijke van de kunstenaar of uit zijn dagelijkse omgeving. De inspiratie is geworteld in zijn eigen traditionele omgeving. De inspiratie zit in de projectie van de relatie van jezelf tot je omgeving.
Er zijn ook andere bronnen dan de eigen belangstellingssfeer: de werken op bestelling. Bestaat het gevaar hier niet dat de inspiratie uiteindelijk het veld moet ruimen voor routine en massaproductie Hier speelt de persoonlijkheid van de kunstenaar een grote rol. Vergeten we immers niet dat de grootste meesterwerken op bestelling gemaakt zijn. Niet elke bestelling is dus per definitie minderwaardig.
Er zijn dus verschillende vormen van inspiratie, doch de graad van originaliteit speelt hier een fundamentele rol. Originaliteit is de vrucht van jarenlange inspanning en niet de spontane opwelling van iemand die zonder de minste ervaring een krabbel op papier zet. Originaliteit is een dusdanige vorm van persoonlijk handelen, dat de toeschouwer het verschil met de alledaagsheid onmiddellijk door heeft.

3. Karakter
Het karakter stelt zich de vraag waarom het kunstwerk gemaakt is, welke bedoeling er achter steekt, wat men er mee wil bereiken, welke de functie ervan is. Heeft het kunstwerk een religieus-officieel doel (m.a.w. is het toegepaste kunst, dwz. kunst in dienst van een politiek, economisch, sociaal en/of religieus doel) of is het een louter esthetisch product
Het karakter van een kunstwerk kan beschrijvend, verhalend, vluchtig, verwijtend... zijn

4. Ritme
In een kunstwerk moet er, om een goede vorm te krijgen, evenwicht zijn tussen contrasterende delen. Dit wordt geregeld door het ritme.
Ritme is een dynamisch verschijnsel, waarin gelijke en ongelijke eenheden elkaar afwisselen, met als belangrijkste factor de herhaling.
In muziek, dans en poëzie wordt ritme duidelijk ervaren, omdat deze disciplines zich voortbewegen in de tijd, waardoor het gemakkelijker opvalt.
In de beeldende kunsten is het ritme minder duidelijk, omdat het ruimtelijk gesitueerd is en daardoor minder opvalt. Maar toch is het aanwezig. De grondslag van het ritme wordt in de beeldende kunst dikwijls gevormd door een eenvoudig spel van lijnen die met elkaar oneindig kunnen afgewisseld worden en die telkens een bepaald gevoel met zich meebrengen.
Het ritme stelt zich dus de vraag hoe de beweging verloopt. Het ritme kan statisch, dynamisch, pathetisch, expressief, vluchtig... zijn.

5. Techniek
Om het materiaal gestalte te geven is techniek nodig. Techniek in de kunst is de manier waarop een inhoud wordt weergegeven door lijn en kleur in een bepaalde vorm of materie te brengen.

a. Grondelement LIJN
Het resultaat van een lijn is een tekening of een schets. Kunstenaars gebruiken tekeningen meestal slechts als ontwerp voor het eindproduct maar toch gebruiken zij vaak het spel van lijnen ook als een soort vingeroefening.

b. Grondelement KLEUR
Kleur is de indruk die het menselijk oog krijgt, teweeggebracht door elektromagnetische golven van een bepaalde golflengte. Kleur ontstaat door breking van licht. Als er geen licht is, is er geen kleur. Wanneer je een zonnestraal door een gleuf in een prisma stuurt ontstaan de zeven hoofdkleuren. Dit zijn rood, oranje, geel, groen, blauw, indigo en violet. Alle kleuren samen vormen wit, terwijl zwart de negatie is van kleur. Zwart en wit zijn optisch gezien geen kleuren. De drie primaire kleuren zijn geel, rood en blauw. Daarmee kan men alle andere kleuren vormen. Daarnaast zijn er complementaire en secundaire kleuren.
Kleur heeft een bijzondere aantrekkingskracht en is dan ook voor uiteenlopende doeleinden gebruikt. De Egyptenaren gebruikten de kleur als schoonheidsnorm; de middeleeuwer kende aan kleuren een symbolische waarde toe; in de renaissance gebruikte men de kleur als ruimte- en tastbaarheidselement; in de barok beeldde men het licht uit; bij de impressionisten was alles kleur en in de twintigste eeuw gebruikt men vaak kleur om emoties uit te drukken (kleur om de kleur).

c. Disciplines
Per discipline zijn er ook eigen, specifieke aspecten die afzonderlijk kunnen doorwegen in onze appreciatie. Een houtsnede is anders dan een zeefdruk; olieverf heeft een glanzend oppervlak, fresco is mat...

d. Keuze van het materiaal
Men moet rekening houden met de moeilijkheidsgraad van het materiaal. We mogen hierbij niets uitsluiten. Kunstenaars zijn ook nu nog steeds op zoek naar nieuwe materialen (vilt, ijs, metaalslakken, vuilnis, landschap...) De keuze van het materiaal is vaak erg traditioneel bepaald, maar toch wezenlijk verbonden aan de opvattingen van de kunstenaar over begrippen van wereld, samenleving en kunst.

6. Compositie
De opbouw of compositie van een kunstwerk is het systeem waardoor de verschillende onderdelen van het werk tot een eenheid worden gebracht. De compositie laat ons het ritme van het kunstwerk beter ervaren, verduidelijkt ons het gebruik van kleur en lijn, leert ons de geheime kracht van de constructie ontdekken, ...
Er bestaan wetmatigheden die de compositie bepalen. De verhouding die in de kunstgeschiedenis nogal wat faam heeft verworven is de Gulden Snede. Dit is de verdeling van een lijnstuk waarbij het kleinste deel zich verhoudt tot het grootste zoals het grootste zich verhoudt tot het gehele lijnstuk. Wiskundig vertaald geeft dit x=L/2 (·-1). Deze verhouding, geformuleerd in de 6de eeuw v.C., door Pythagoras, is in de loop van de geschiedenis veel toegepast. Ze wordt trouwens nog altijd gebruikt. Vooral in de architectuur is ze zeer populair, omdat deze discipline zich het beste leent voor wiskundige regels en harmonische verhoudingen. Tijdens de Middeleeuwen vond men die verhouding zo ideaal dat men ze de Proportio Divina noemde.
De compositie van een kunstwerk kan spontaan, intuïtief of onopvallend zijn. Men spreekt ook van bestudeerde compositie, zelfs van overcompositie.

(Naar F. BAERT, Samen omgaan met beeldende kunst)


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 12.