kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 27-03-2008 voor het laatst bewerkt.

Manierisme

Het maniërisme vormt een overgangsvorm tussen de renaissance en de barok. Vertegenwoordigers zijn bijvoorbeeld Parmigianino, Tintoretto, El Greco, Giovani Bologna, Guilio Romano en Giorgio Vasari.

Het beeld van de wereld schudde op zijn grondvesten, dat onder meer door de ontdekkingen, de opkomst van het heliocentrische wereldbeeld en de reformatie werd veroorzaakt. Binnen de kunst komt dit tot uitdrukking door de opheffing van het gebondene en begrensde, tot in de oneindigheid. Tijdens de Renaissance komt de kunstenaar als individu steeds duidelijker naar voren, maar dit betekent ook dat hij na gaat denken over zijn rol in de maatschappij. De oude zekerheden vallen weg, en men gaat op zoek naar nieuwe wegen. Een deel van die onzekerheid vindt uiteindelijk zijn uitweg in het Maniërisme.

Het is voor de schilders van dan moeilijk om de schilderkunst verder te ontwikkelen, en een grote groep schilders weet niets beter te doen dan de 3 groten te herhalen, maar hun werk is zeer vakkundig, dus technisch heel perfect. Daardoor ontstaat dan ook vaak een verstarring.

Het maniërisme zoekt naar ijzige perfectie, is stijlvol en elegant en plaatst zijn personages in overdreven poses. Vaak doen de werken trucmatig en onecht aan. Zo is de modieuze stand van de wijsvinger in feite zeer onnatuurlijk, evenals de S-vormige houdingen van het lichaam, en de lange nek. De kunst van het maniërisme is dynamischer en soms zelfs wat pathetisch. Men zoekt naar speciale effecten en heeft een voorliefde voor moeilijke en ingewikkelde technieken. Vormen, figuren en ruimte worden benadrukt benadrukt en overdreven.

Anders is dit bij Titiaan, die zich bekwaamt in het sfumato. Gorgione wordt een meester in de lichtdonker effecten, en wordt ook aangeduid als de voorloper van de volgende periode: de Barok.

Het Maniërisme ontstond in Rome, maar door de pestepidemie (1522) en de plundering van Rome(1527) trokken veel kunstenaars de stad uit, zo werd het Maniërisme snel verspreid.

Manierisme in de Beeldhouwkunst:
Typerend voor het manierisme zijn de onnatuurlijke houdingen die wel dynamische en emotioneel geladen effecten teweegbrengen. Beelden waren van alle kanten goed te bekijken, de figuren hadden een gedraaide houding (ook wel figura serpentinata genoemd). Twee andere bekende manieristische beeldhouwers zijn Benvenuto Cellini en Giovanni Bologna.

Manierisme in de architectuur:
Ook in de architectuur neemt men afstand van veel regels die er geformuleerd waren om harmonie en het klassieke schoonheidsideaal te bereiken.
- Palladio ontdekt de 'kolossale orde': Over de verdiepingen doorlopende zuilen of pilasters die de gevel meer tot een eenheid maakt.
- Ontwikkelingen naar de Barok (zoals trappen voor een huis).

Manierisme ten Noorden van de Alpen:
Deze landen hebben een rare 'omwenteling' gehad: ze zijn van Laat Gotiek meteen doorgestroomd naar Hoog Renaissance en/of Maniërisme. Men spreekt ook wel over de school van Fontainebleau. Italianen als o.a. Benvenuto Cellini en Rosso Fiorentino gaan voor Francois I aan het hof van Fontainebleau werken. Het hof van Fontainebleau werd het artistieke centrum ten noorden van de Alpen.

Franse beeldhouwers die door dit manieristische bolwerk zijn beinvloed zijn onder andere Germain Pilon en Jean Goujon (1510-1565?). Het is goed mogelijk dat de Nederlandse beeldhouwer Adriaan de Vries door de school van Fontainebleau aangespoord wordt om naar Italie te vertrekken. In Florence werd hij opgeleid door Giovanni da Bologna. Een groot deel van zijn leven is hij werkzaam in Duitsland. In 1588 werd hij hofbeeldhouwer van de hertog van Savoie.

Voor het gebied ten noorden van de Alpen wordt de term Manierisme veelal gebruikt voor kunstenaars die Renaissance-elementen in hun kunst verwerkten. De Haarlemse Maniëristen, zoals Hendrick Goltzius (1558-1617) en Karel van Mander (1548-1606), vormen hier een duidelijk voorbeeld van. Verworvenheden van de Italiaanse kunst waren een belangrijke elementen in hun oeuvre. Veel kunstenaars ondernamen studiereizen naar Italië om de werken van de grootmeesters te bestuderen en te kopiëren. Dit waren de zgn. Italianisanten.



Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 802.

Tweets by kunstbus