kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Marc Mulders

Nederlands collagekunstenaar, fotograaf, schilder, geboren 23 september 1958 in Tilburg,

Websites:
Berkel-Enschot. Woont en werkt in Tilburg.

Marc Mulders studeerde aan de academie voor beeldende kunsten St. Joost te Breda. Hij is een van de meest prominente Nederlandse schilders van vandaag. Zijn werk is opgenomen in verzamelingen in binnen- en buitenland.

Het oeuvre van Marc Mulders wordt bepaald door de eeuwige cyclus van leven en dood. De uitdrukking van leven en sterven, dood en herrijzenis, heeft in de westerse schilderkunst lange tijd centraal gestaan en Mulders plaatst zichzelf bewust in die traditie. Niet alleen schildert hij religieuze onderwerpen zoals het lijden en de dood van Christus, ook maakt hij reeksen schilderijen van bloemen, dood wild, vissen en gevogelte.

Zijn schilderijen zijn expressief, pasteus en kleurrijk. Qua intensiteit doet zijn werk denken aan Pollock en De Kooning, maar hij is even schatplichtig aan Rembrandt of Mantegna. Mulders transformeert de thematiek van vergankelijkheid in een dynamisch en levenskrachtig beeld. Tegenover de sterfelijkheid stelt hij schoonheid. Uiteindelijk gaat het hem erom dat de cyclus van leven en dood zich ook in het schilderij voortzet, dat de verf van dode materie tot levend beeld wordt.

Marc Mulders is een eigenzinnig kunstenaar, een schilder die zowel vakmatig als inhoudelijk kiest voor een eigentijdse positie in de traditie van zijn vakgebied. De moderne kunst vindt voor hem haar hoogtepunt in de absolute intensivering van de persoonlijke beleving. Een intensiteit die hij ook bij schilders als Pollock, Reinhardt, Ryman en De Kooning herkent. Maar het modernisme als een tot dwang verworden originaliteitsgedachte heeft hem niets te bieden. Voor hem is het juist de traditie, waaraan hij schatplichtig is, die het heden kan voeden en inspireren. In zijn eigen bewoordingen: ‘Geen nieuwe kunst dus, geen nieuwe onderwerpen, maar de klassieke, voorbeeldige, thema's, scènes van passie, de diepte van hemel en hel.'

Naast zijn vrije werk (schilderijen, aquarellen, foto's en collages) beoefent Marc Mulders ook diverse vormen van toegepaste kunst. Zo ontwierp hij het glas-in-lood-raam in de Nieuwe Kerk in Amsterdam ter ere van het jubileum van koningin Beatrix. Verder maakte hij boekomslagen, affiches, tafelkleden, collageachtig werk en heeft hij een handtasjeslijn onder de titel Stop Bleeding.

Mulders is actief lid van de katholieke kerk. Dat maakte hem als kunstenaar lange tijd een buitenstaander. Het tij lijkt langzaam te keren, religie en moderne kunst kunnen weer samengaan. Mulders maakt deel uit van een verbond van kunstenaars in de Tilburgse School. Geen kunstrichting, maar een groep kunstenaars die hun spiritualiteit met elkaar delen.

Het religieuze fundament van Mulders werk is eerbetoon aan de schepping. Dat is wat Mulders laat zien in iedere kwaststreek en in iedere collage: ieder werk draagt de belofte in zich van een mooiere wereld. Het beeld van de ark, de schuilkerk zien we bij Mulders steeds weer terug. “Jezus is in deze tijd een verbannene. We zijn Hem kwijtgeraakt. Het motief van de ark laat zien dat ik Hem wil bewaren tot men Hem weer wil zien.” (Prix de Rome Vrij Schilderen (1985)
Nationaal en vervolgens ook internationaal brak Mulders door na het winnen van de Prix de Rome in 1985.

NBM-Amstelland/Pulchri Award (1987)
Charlotte Köhler Award (1989)

Hij had solo exposities in het Stedelijk Museum in Amsterdam (1991) en in galeries in Parijs (1997) en New York (1999). Hij leverde glas-in-loodramen voor de NI1kerk in Rhoon en de Sint Stevenskerk in Nijmegen.

Het vroege werk bestaat uit donkere en doorwerkte doeken waarin vaak motieven te zien die direct uit de christelijk-religieuze traditie afkomstig zijn: de lijdende Christus, de kruisiging, de doornenkroon en de piëta, en diep donkere bloemstillevens. Dikwijls refereert Mulders daarbij aan het werk van kunstenaars voor wie hij ook in schilderkunstig opzicht grote bewondering heeft: Rembrandt, Mantegna, Durer en Grunewald. In Studie naar Rembrandt (1989) schildert hij een liggende Christusfiguur naar Rembrandts Anatomische les. Op Schors M.G. I (1992) zet hij over de ruwe huid van rode verfstreken, bijna als een litteken, het monogram van Matthias Grünewald, de kunstenaar die in zijn Isenheimer Altar het lijden van Christus op de meest aangrijpende wijze in beeld heeft gebracht.

De katholieke iconografie biedt Mulders een herkenbare symboliek voor het menselijk drama, voor het lijden en de hoop op verlossing. Zijn verwijzingen en beeldcitaten betekenen echter niet dat hij slechts nostalgisch terugblikt op een verloren religiositeit in de kunst. Integendeel, de schilderkunst heeft voor hem niets ingeboet aan de kracht waarmee zij verslag doet van de wereld. Mulders actualiseert de traditionele beelden en betekenissen door ze te relateren aan de hedendaagse samenleving, aan het geweld in oorlogsgebieden of in de ‘suburbs' van de grote steden waarmee de media ons dagelijks confronteren. Zo combineert hij in zijn collages beelden uit de kunstgeschiedenis met foto's van eigentijds geweld en laat hij zien dat lijden en strijd van alle tijden zijn.

Na de doeken met religieuze thema's maakt Mulders reeksen schilderijen van bloemen en dood wild, vissen en gevogelte. Hij schildert het dode wild en de vissen niet als tafereel in de klassieke zin van het jachtstilleven of als een macabere voorstelling van vlees en bloed. Zijn doel is niet zozeer de weergave, maar de transformatie van het beëindigde leven in een dynamisch beeld. De schoonheid van het lichaam en de huid wordt als het ware in de verf herboren. Het wild, gevild, opgespannen of ‘aan de haak geslagen' toont als een spiegel onze eigen kwetsbare lichamelijkheid. Door de intensiteit van het schilderen, nat-in-nat en laag over laag, ontstaat een bijna fysieke relatie tussen het onderwerp en de afbeelding. In Mulders' eigen woorden: ‘het vlees wordt verf en de verf wordt vlees.'

Tegenover de onontkoombare sterfelijkheid toont de kunstenaar echter ook de schoonheid van het leven en Mulders' schilderijen zijn vaak onbeschaamd mooi. De pasteuze verf spat in vitaliteit van het doek, de kleuren stralen in felheid of liggen juist verscholen in prachtige nuanceringen. Kwaststreek en lijnvoering zinderen van energie en expressie. De Bevroren rozen I en II (1992, 1993) en Ree II (1993) hebben nog de diepdonkere kleur van geronnen bloed, maar de Papegaaitulpen (1994) breken al open in een werveling van lichtere kleuren. Ook de verschillende schilderijen van vissen tonen dat in de verf de huid van het lichaam schittert.
Tot aan de rand van de esthetiek gaan de stillevens met bloemen. In Pioenrozen, ranonkels VII (1996) en Bleke irissen V (1998) tuimelen de bloemen bijna van het doek in de heftige beweging van het schilderen. Knoppen, kelken en volle meeldraden getuigen van de zinnelijkheid van het leven. Ook deze pracht heeft echter een kortstondigheid die ons onze vergankelijkheid doet beseffen. Mulders schildert zijn boeketten immers in alle stadia van bloei en verval.

Marc Mulders is vooral bekend geworden - ook internationaal - met zijn stillevens van bloemen en dood wild, vissen en gevogelte. In zijn doeken volgt Mulders de loop der seizoenen. In de lente en de zomer schildert hij irissen, lelies, zonnebloemen en papegaaientulpen, in de herfst en winter gaat hij over op hazen, geslachte reeën, opengesperde ossen en vissen. Met dikke lagen verf probeert hij de 'essentie' van de bloem, van het hert of de haas weer te geven. Hij wil de majestueuze grootheid van de schepping laten zien, en zijn vervoering daarover.

Tilburgse school beeldhouwer Guido Geelen en de schilders Ronald Zuurmond, Paul van Dongen en Reinoud van Vught, wordt de Tilburgse school genoemd.
Vanaf 1985 zijn in de museum- en galeriewereld de leden van de Tilburgse school in meerdere tentoonstellingen bijeengebracht. Daarnaast hebben ze zelf exposities geïnitieerd. Het bleef niet onopgemerkt dat er in Tilburg talent was verzameld. Jhim Lamoree betitelde de groep kustenaars voor het eerst als zodanig in een recensie over Reinoud van Vught in het Parool (20 nov. 1997). Vanaf dat moment leeft de naam verder in de media en hebben de kunstenaars zich de naam eigengemaakt. In het voorjaar 2003 heeft de Tilburgse school voor het eerst onder deze naam een klein retrospectief getoond van al deze kruisbestuivingen.
De Tilburgse school is geworteld in een geestelijke en picturale erfenis van 2000 jaar christendom en humanisme. De wortelen zuigen uit een rijke voedingsbodem, bladeren ademen, wolken verspreiden zich.

11 september 1999 – 16 januari 2000 expositie in het Stedelijk Museum in Amsterdam in 1991. Aan de hand van zo'n vijftig schilderijen en een groot aantal aquarellen, collages en eigen publicaties wordt een beeld gegeven van de ontwikkeling in thematiek en werkwijze. Bij de tentoonstelling verschijnt een catalogus met daarin een beschouwing over het werk van Marc Mulders geschreven door dichter en essayist Willem Jan Otten.

2003 - Museum Jan Cunen - In terms of Francis Bacon
De Ierse kunstenaar Francis Bacon (1909-1992) staat bekend om zijn indringende olieverfschilderijen, vaak triptieken, van vervormde gestalten en gezichten. Kunstenaars Paul van Dongen en Marc Mulders zijn al sinds eind jaren tachtig gefascineerd door zijn werk en laten in de tentoonstelling In terms of Francis Bacon zien op welke wijze ze zich door zijn werk, zijn leven en uitspraken hebben laten inspireren. Mulders schilderde pasteuze doeken van aan Bacon verwante motieven, zoals een opengelegde roos of een opengehangen haas. 'De verf beweegt zich als een spier die openligt en samentrekt.' Het Museum Jan Cunen bezit van beide kunstenaars enige representatieve werken. Van Marc Mulders zijn er de schilderijen Stierenkop, liggend Madrid en Rendierkop Artis.

2005 Marc Mulders. Opgericht voorjaar 2005 te Tilburg, een stad waar van oudsher het katholicisme en het textielambacht dominante factoren waren.
‘Stop Bleeding' werkt vanuit deze geestelijke en picturale erfenis. Het wil een alledaags gebruiksvoorwerp als een tas versieren en decoreren met elementen uit en herinneringen aan deze erfenis, niet om weemoedig om te kijken maar juist vooruit te kijken, door te pogen een feestelijkheid hand in hand met een symboliek of reminicentie aan deze wereld in borduursel of print op een tas de wereld in te sturen.
Een voorbeeld zijn de tassen met daarop een vis geborduurd, waarbij binnen in de buik een afbeelding van Maria is te ontwaren. De vis als 'schuilkerk' , als een ark van Noach; een waardevolle afbeelding wordt zo gekoesterd en bewaard voor betere tijden.

Beatrix ter gelegenheid van haar 25-jarig regeringsjubileum in De Nieuwe Kerk in Amsterdam een door Marc Mulders ontworpen gebrandschilderd. Het raam toont een tuin die door het daglicht tot leven wordt gewekt. Met dit thema onderscheidt het zich van andere herdenkingsramen in de kerk die verwijzen naar historische gebeurtenissen. Ook gaf Mulders lyrische schildertrant de oude techniek van het glas-schilderen nieuwe impulsen. Voor hem is de tuin symbool voor hoop op een betere wereld. Hij wil niet de lelijke kanten van de samenleving tonen, maar kunst scheppen die het wereldse kwaad pareert met schoonheid. In het raam wordt het kwaad verbeeld door duiveltjes, kemphanen en doorntakken. Hiertegenover zet hij o.a. vlinders, pauwen en irissen.

Bronnen en links:
kunstenaars hun visie op de uitersten van leven en dood. Marc Mulders laat in zijn schilderijen de sensatie van de schepping zien, Sarah Lucas daarentegen verbeeldt in haar objecten de banalisering van de werkelijkheid.
Het project laat twee confronterende standpunten zien waarop kunstenaars hun betrokkenheid met de wereld betonen: tegenover de lelijke kant van het leven, zoals die door Sarah Lucas wordt uitgelicht, stelt Marc Mulders de verbeelding van het mooie en het goede.
Marc Mulders schildert de kringloop van het bestaan, doorgaans op het ritme van de seizoenen. Dood wild in het najaar en de winter, geplukte bloemen in het voorjaar en de zomer. In zijn meebewegen met de cyclus van opkomst en verval, sterven en wederopstanding, leven en dood schuilt het religieuze fundament van zijn werk: eerbetoon aan de schepping. In de verenpracht van de fazant, de zachte vacht van een konijn, het bloed van een geslachte os en de heldere kleurschakeringen van bloemen wil hij de majestueuze schoonheid van de schepping en de zinnelijkheid van het leven laten zien. Tegelijkertijd herinneren de gevilde hazen, de opengesperde everzwijnen, de geplukte fazanten en de verwelkte bloemen aan de onontkoombare sterfelijkheid en de tijdelijkheid van het bestaan.
In Haarlem zijn circa dertig recente schilderijen en aquarellen van de Tilburgse kunstenaar te zien. Bovendien wordt door Mulders een groot ‘stilleven' opgesteld van echte bloemen ( irissen, parkiettulpen, pioenrozen, ranonkels ); een huisaltaar, waarbij stof langzaam neerdaalt op de zachte vacht van verwelkende bloemkelken.
In het Paviljoen zullen bovendien verder vijftig handtasjes te zien zijn van ‘Stop Bleeding', een samenwerkingsproject van Diane Schouten, Brechje Trompert en Marc Mulders.
Bij de tentoonstelling verschijnt een kunstenaarsboek ( 16 pagina's ), € 7,50.
Zie ook: Marc Mulders, Nieuwe Kerk, Amsterdam, 2005) als 'mooiste Nederlandse kunstwerk van de afgelopen 50 jaar'
Het glas in loodraam dat beeldend kunstenaar Marc Mulders (1958) in 2005 in de Nieuwe Kerk in Amsterdam realiseerde, ter gelegenheid van het vijfentwintig jarig regeringsjubileum van Koningin Beatrix, is verkozen tot het 'mooiste Nederlandse kunstwerk van de afgelopen 50 jaar'. Op het kunstwerk werden via de website www.artstart.nl 1.011 (op een totaal aantal van 5.289) stemmen uitgebracht. Het werk werd genomineerd door Paola van de Velde (kunstcriticus bij De Telegraaf), die haar keuze als volgt motiveert: "Het glas in loodraam van Marc Mulders is een buitengewoon blijmoedig en positief beeld. Symbolen uit verschillende religies smelten samen tot een grote lofzang op de schepping: de paradijstuin. Het raam is daarmee een kunstwerk voor iedereen: christen, moslim, jood, autochtoon, allochtoon. Het is voor mij dus ook een actueel beeld, een verzoenend beeld dat na alle spanningen die sinds 11 september in de wereld, maar ook in Nederland na de moord op Theo van Gogh leven, hoop biedt."
De verkiezing van het mooiste Nederlandse kunstwerk van de afgelopen 50 jaar ging op 8 maart 2006 van start. Kunstliefhebbers konden daarbij een keuze maken uit 50 toonaangevende kunstwerken gemaakt door 42 kunstenaars. De kunstwerken werden genomineerd door een comité van 26 kunstkenners. Onder alle kunstliefhebbers die een stem uitbrachten is 'een leven lang kunst' verloot. De verkiezing van het mooiste Nederlandse kunstwerk van de afgelopen 50 jaar is een initiatief van de Federatie Kunstuitleen en is bedoeld om de aandacht te vestigen op www.artstart.nl. Via artstart krijgen organisaties die hedendaagse beeldende kunst verkopen, verhuren en/of uitlenen de unieke mogelijkheid om hun collecties gezamenlijk via internet onder de aandacht te brengen van bestaande en potentiële klanten.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 26.