kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Pattern-And-Decoration

of pattern painting of New Image Painting.

Stroming in de schilderkunst, sculptuur, keramiek en textielkunst, die in reactie op de puristische dogmatiek van veel moderne kunst, in de vroege jaren zeventig van de 20ste eeuw in de Verenigde Staten opkwam. De vormgeving – decoratieve patronen van bloemen, figuren en ornamentele vormen met veel glans en glitter van spiegeltjes en kraaltjes – is ontleend aan de volkskunst en ornamentele kunst uit het Midden- en Verre Oosten en van Indiaanse culturen. De pattern and decoration wordt beschouwd als een stellingname tegen de arrogantie van de door mannen gedomineerde en westers-modernistische kunst. Het decoreren wordt als een vrouwelijke bezigheid gezien, waarbij men aansluiting zoekt bij niet-Westerse kunsten.

Pattern & decoration heette eerst Pattern Painting, maar werd later bekend onder de naam Pattern and Decoration (P&D). De belangrijkste uiterlijke kenmerken zijn: een bedwelmende kleurenpracht, waarbij ook schrille accenten niet vermeden worden, een onbekommerd plezier in het decoratieve effect en een voorliefde voor het lang verboden ornament, de gedurfde samensmelting van het figuratieve en abstracte vormenapparaat en het provocerende teruggrijpen op folklore en commerciële stofdessins, zonder uitzondering eigenschappen die met het oog op de verheven geboden van puristische kunststromingen zoals minimal art en analytische schilderkunst als uitgesproken verwerpelijk en niet serieus moesten worden beschouwd.

Hoe denigrerend dergelijke - overigens zelf gekozen - benamingen ook in Europese oren mogen klinken, ze maken toch de precieze doelstellingen en karakteristieke eigenschappen van deze artistieke richtingen duidelijk. Kushner, een van de eminente leden van P&D, geeft aan welke kwaliteiten een kunstwerk met die naam moet bezitten:
tweedimensionaliteit i.p.v. illusie
expansiviteit i.p.v. verinnerlijking
toepassing van (gedeeltelijk reeds bestaande) beeldvoorbeelden
het ondergeschikt maken van het beeldobject of de betekenis aan het visuele effect
Geen kunst dus die op het transcendente is gericht, maar juist volledig op het heden, een toepassing van de werkelijkheid en niet van doordringing, verandering van de smaak en niet van het bewustzijn, barokke overvloed in plaats van puriteinse soberheid.

In P&D-kunst smelten invloeden van verschillende oorsprong samen, vooral invloeden van niet-Europese culturen. Hieruit komt niet in de laatste plaats het gebrek aan begrip voort waarop P&D in Europa stuitte. Medebepalend waren de kleurrijke islamitische kunst uit Iran met haar ingewikkelde, geciseleerde vormenrepertoire, erotische en landschappelijke motieven uit de kunst van het Verre Oosten, Mexicaanse tegels, Moorse architectuur, Marokkaanse keramiek en zowel vroeg-Amerikaanse quilts als de combine paintings van Robert Rauschenberg. Daarnaast de popart met zijn voorkeur voor het triviale en de vormentaal van industrieel geproduceerde bedrukte stoffen en tapijten.

De ingrediënten waarmee kunstenaars als Kushner, MacConnel, Schapiro, Thomas Lanigan-Schmidt en Joyce Kozloff hun meestal los neerhangende doeken overladen, komen zowel van de ‘hogere' als de ‘lagere schappen' van de cultuurgeschiedenis. Ze vermengen zich tot fascinerende composities zonder wereldomvattende pretenties, waarin sociale kritiek zich, zoals bij MacConnel en Schapiro, verbindt met een "joie de vivre".

Dergelijke tendensen in de kunst, die "eerder een beweging dan een stijl" vormen, moesten wel als een aanslag op de geheiligde principes van de avant-gardekunst werken. Twee gezichtspunten brachten P&D radicaal in conflict met de avantgarde:
de verwerping van de conceptie van het autonome kunstwerk, dat zelf zijn eigen wetten bepaalt en zijn eigen werkelijkheid ontvouwt, dat aan niemand en niets gebonden is, ten gunste van een opvatting van het kunstwerk als een mengvat van de meest uiteenlopende invloeden, open voor traditie en de feiten van de actuele werkelijkheid; geneigd tot indruk maken, overweldigen en fascineren, de expliciete belijdenis van het functionele karakter van de kunst.
Het ostentatieve historisme, eclecticisme en pluralisme.
Dientengevolge manifesteerden zich in Pattern&Decoration heel wat artistieke elementen van de post-avantgarde.

Eén van de belangrijkste maatschappelijk en politiek relevante effecten van Pattern&Decoration is de forse opwaardering van kunstenaressen. Deze kunststroming verzekerde vrouwen een legitieme plaats in de hedendaagse kunst, waarin ze daarvoor slechts als buitenstaanders fungeerden en in het gunstigste geval zijdelings werden gerespecteerd. De meest toegepaste technieken in de kunst van vrouwen - weven, appliceren, fantasievol variëren met en herhalen van bepaalde vormen - werden (en worden) als door en door vrouwelijke bezigheden gezien en daarom als culturele activiteit niet bijzonder hoog aangeslagen. Daarom zag Schapiro P&D terecht als een uitdrukkelijk politieke kunst, een artistieke expressievorm die ten minste in de kunst de emancipatie van de vrouw aanzienlijk heeft bevorderd.

Bovendien heeft P&D er op beslissende wijze toe bijgedragen dat de barrières tussen kunst en architectuur, die tijdens de Avant-garde onoverkomelijk hoog waren geworden, weer werden neergehaald. Het is niet verwonderlijk dat Kushner zijn eigen kunst en die van zijn vrienden ziet als een artistieke reactie op de saaiheid van de moderne schoenendoosarchitectuur. Diezelfde saaiheid kwam volgens hem ook naar voren in stoffen- en meubeldesign en in de avant-gardistische schilderkunst, die hij overigens als ‘klassieke schilderkunst' kenschetste. Daarentegen bestond er in de P&D-kunst geen principieel onderscheid meet tussen industrieel geproduceerde stoffen en schilderkunst. Er was echter één uitzondering: een schilderij moest steeds als een geheel gecomponeerd worden, terwijl bij het materiaal in de commerciële stofdrukkerij een continu programma herhaald werd. Energiek verdedigt hij ook de decoratieve factor in de kunst. Volgens Kushner hoefde iets decoratiefs niet per se flatteus en mooi uit te vallen, maar kon het net zo goed agressief zijn. Wie de bijdrage van de P&D-kunstenaars ziet als een van de vele stilistische stormen in een glas water die elkaar na de Tweede Wereldoorlog in steeds sneller tempo opvolgden, miskent de explosieve kracht van de artistieke impulsen die kunstenaars als Kushner, MacConnel, Schapiro en Ned Smyth hebben gegeven. Hun kunst roep vragen op die het zelfbesef van de hedendaagse kunst raken. Bovendien is geen enkele kunstrichting sinds de Jugendstil, de Art Deco, het Bauhaus en De Stijl voor de contemporaine architectuur zo'n uitdaging geweest als P&D. Vele kunstenaars hebben inmiddels hun composities in openbare en particuliere locaties binnens- en buitenshuis gerealiseerd en daarmee de enorme draagkracht van hun artistieke ideeën bewezen. Met P&D heeft de hedendaagse kunst een sociale dimensie heroverd, die door de Avant-garde op conceptuele gronden was genegeerd. (hed kun 62-70)

Na gedurende de jaren zeventig vrijwel alleen in de Verenigde Staten succes te hebben gekend, kreeg de pattern and decoration in de jaren tachtig als gevolg van het postmodernisme ook in Europa enige bekendheid. Vertegenwoordigers zijn Miriam Shapiro, Robert Kushner, Lucas Samaras, Arch Connely, Rodney Alan Greenblatt en Rhonda Zwillinger. De laatste drie beplakken vooral meubels met snuisterijtjes, glittersnippers en mierzoete plaatjes. (Encarta 2001) )


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 352.