kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 06-02-2011 voor het laatst bewerkt.

Raoul Dufy

Frans kunstschilder, illustrator, graveur, textiel-, decor- en tapijtontwerper, geboren 3 juni 1877 Le Havre, gestorven 23 maart 1953 Forcalquier.

Biografie
Raoul Dufy begon op 14-jarige leeftijd bij een importeur van koffie te werken en bezocht avondcursussen aan de École des Beaux-Arts in Le Havre, waar hij Othon Friesz leerde kennen die een van zijn beste vrienden bleef. Samen met Othon Friesz bestudeerde hij de werken van Eugène Boudin in het museum in Le Havre.

Vanaf 1895 en de jaren daarop schilderde Dufy academische aquarellen van landschappen in de buurt, portretten van families en zelfportretten.

In 1900 kreeg Raoul Dufy een beurs, waarmee hij kon studeren aan de École des Beaux-Arts in Parijs, waar hij samen studeerde met Georges Braque. Wanneer hij het atelier van Léon Bonnat bezoekt komt hij zijn vriend Othon Friesz weer tegen en gaan zij samen een atelier in Montmartre delen.

Le port du Havre, 1906

In 1901 exposeerde Dufy voor het eerst in de Salon des Artistes français met een schilderij getiteld Fin de journée au Havre.

In 1902 ontmoet Dufy Berthe Weill, die als eerste een pastel van hem koopt. Zij laat hem deelnemen aan een collectieve expositie.

In 1903 exposeert Dufy voor de eerste keer in de Salon des Indépendants, waar hij later vele keren zal exposeren.

Vanaf 1904 wordt Dufy beïnvloed door de impressionisten en de post-impressionisten, in het bijzonder Claude Monet en Camille Pisarro, maar ook Manet en Boudin beïnvloedden Dufy. Deze invloed is te zien in zijn scènes van de Normandische kust.

Rond 1905 maakt Dufy door zijn vriendschap met Albert Marquet (1875-1947) en Othon Friesz (1879-1949) kennis met de beweging de fauves in de Salon des Indépendants. Hij ziet hier het werk van Matisse Luxe, calme et volupté, die hem sterk beïnvloed. Hij laat steeds meer zijn academische schilderstijl los.

Tot 1909 exposeerde hij samen met Henri Matisse (1869-1954), André Derain (1880-1954) en Maurice de Vlaminck (1876-1958). In deze periode ontwikkelde hij een nieuwe schilderstijl die berustte op het gebruik van vereenvoudigde en abstracte vormen en felle kleuren.

Berthe Weill organiseert in oktober 1906 de eerste solo-expositie van Dufy. Het jaar erop begint hij, wegens financiële problemen, houtgravures te maken.

Samen met Georges Braque gaat hij in 1908 naar L'Estaque in de buurt van Marseille. Ze onderzoeken gepassioneerd het werk van Paul Cézanne. Dufy verlaat het fauvisme en neemt elementen over van het kubisme, waarbij zijn palet vrijwel monochroom wordt.

Le Casino Marie-Christine, 1910

In 1909 reist Dufy samen met Friesz naar München.

Na een korte kubistische periode werkte hij aan op volkskunst gebaseerde ontwerpen. Voorbeelden van volkskunst had hij in 1909 in München en in 1910 op de Salon d'Automne in Parijs gezien.

Hij gaat door met houtgravures. Hij illustreert le Bestiaire van Appollinaire met 30 gravures, eenvoudige houtsneden in primitieve stijl. In zijn gravures werd Dufy sterk beïnvloedt door populaire kunst. Hij blijft het hele volgende decennium boeken illustreren voor Mallarmé, Daudet, Gide, en Colette.

In 1911 ontwierp hij een briefhoofd voor couturier Paul Poiret, een van de grootste modeontwerpers van de 20ste eeuw, die Dufy zijn eigen atelier annex werkplaats hielp opzetten 'La Petite Usine'. Later kreeg Dufy van Poiret opdracht verschillende stoffen te ontwerpen in de stijl van die uit het atelier van Poiret, Atelier Martine. Hij realiseert zijn eerste textielontwerpen (Chasseur, Marine, Automne, Nature Morte).

Het jaar daarop in 1912 verkrijgt Dufy een contract met het huis van de in Lyon gevestigde fabrikant Bianchini-Férier, waar hij als ontwerper van zijdestoffen werkt. In 1914 wordt deze betrekking onderbroken doordat Dufy gemobiliseerd wordt voor de oorlog. Daarna zet de samenwerking zich voort tot 1930.

In 1918 maakt Dufy zijn eerste decorontwerp voor het theater, onder meer door zijn vriendschap met Jean Cocteau.

Fenêtre à Nice, 1928

Dufy's reisindrukken leiden tot een verheldering in het kleurgebruik van zijn landschappen.

In 1919 verblijft Dufy in Vence en wordt geïnspireerd door het licht en de kleuren van de Méditerranée. Hij maakt schilderijen van paardenrennen (1922), stranden en concerten. Hij bezoekt in 1922, Rome en Sicilië, daarna Marokko in 1925/26. Dufy verlaat het hout voor de lithografie, Madrigaux de Mallarmé, 1920.

In 1920 heeft hij zijn eerste expositie in de Salon des Artistes Décorateurs.

Raoul Dufy is behalve om zijn schilderkunst ook beroemd als ontwerper van kleurrijke stoffen en keramiek. Deze ontwerpen zijn net als zijn schilderijen levendig en bevatten vaak sterk kalligrafische lijnen en witte 'schaduwen'. Zijn ontwerpen, zoals 'Feuilles' uit ca. 1920, zijn met hun bijna kinderlijke spontaniteit en ritmische primitiviteit de belichaming van de art-decostijl geworden.

In 1923 experimenteert hij samen met de Catalaan Artigas voor het eerst met keramiek, een samenwerking die tot 1938 zal duren. Van 1923 tot 1930 ontwierp hij ook een tapisseriescherm en een zitpaneel voor Beauvais. Ook heeft Dufy zijn eerste expositie in Brussel in de galerie Centaure. In die tijd gaat Dufy aquarelleren, waardoor hij zich vrijer kan uitdrukken.

Dufy ontwierp veertien beroemde wandtapijten voor Paul Poirets woonboot Orgues, die in de Seine lag tijdens de 'Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels Modernes' van 1925.

Hij reist in 1930 naar Engeland, waar hij onder meer de familie Kessler portretteert.van 1930 tot 1933 ontwierp hij zijden stoffen voor Amalgamated Silk and Onandaga in New York. Hij heeft solo-exposities in Brussel en München in 1931.

In 1932 wordt het eerste schilderij van Dufy opgenomen in het Musée du Luxembourg, het Paddock à Deauville.

detail van de muurschildering La fée électricité

In 1934 heeft hij exposities in New York, Brussel en Praag.

In 1937 ontwerpt Dufy een 10 meter hoog en 60 meter brede muurschildering van verschillende panelen voor het Electriciteitspaleis op de Wereldtentoonstelling van Parijs.

In 1950/51 reist Dufy naar de Verenigde Staten. Hij maakt talloze textiel-, decor-, en tapijtontwerpen.

Raoul Dufy sterft 23 maart 1953 in Forcalquier. Op 25 maart is hij begraven op de begraafplaats van Cimiez, in Nice. Drie maanden later wijdt le Musée National d’Art Moderne van Parijs een eerste grote retrospectieve aan Dufy.

website: www.raoul-dufy.com


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1460.