kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 26-10-2008 voor het laatst bewerkt.

Raphael

Raphaël

1506 zelfportret

Italiaans schilder, tekenaar en architect, geboren 6 april 1483 op het hertogdom van Urbino, een klein dorpje vlakbij Rome, en gestorven in Rome 6 april 1520.

Zie het artikel Aartsengelen voor informatie over de aartsengel Rafaël.

Tijdens zijn leven genoot Raffaël grote roem. Rafaello Sanzio (of Raffaello Sanzio), ofwel Rafael, behoorde samen met Leonardo da Vinci, Michelangelo en Titiaan tot de grote Italiaanse kunstenaars die werkzaam waren tussen 1500 en 1520; zij zijn de meesters van de Italiaanse Renaissance. De naam Raffaël is synoniem met het klassieke in de kunst van de hoogrenaissance. Zijn genie was meer gericht op verfijning dan op revolutionaire vernieuwing. In zijn meegaandheid wat betreft de wensen van zijn beschermers lijkt hij meer op de kunstenaar van de vroegrenaissance dan op Leonardo of Michelangelo en in tegenstelling tot hun grillige en ontzagwekkende persoonlijkheid stond hij bekend om zijn vriendelijke charme. Leo X stelde exorbitante eisen aan zijn talent. Terwijl Michelangelo een voorbeeld is van het eenzame genie, vertegenwoordigt Raffaël het tegenovergestelde type: de kunstenaar als man van de wereld. Het contrast tussen deze twee groten was tijdgenoten even duidelijk als ons. Terwijl beiden hun aanhangers hadden, deden ze in roem niet voor elkaar onder.

Tegenwoordig is de belangstelling niet meer gelijk verdeeld. T.S. Eliot schrijft: "In the room the women come and go, talking of Michelangelo". En niet alleen vrouwen, maar ook schrijvers allerhande hebben het meer over Michelangelo, terwijl Raffaël slechts door kunsthistorici wordt besproken. De loopbaan van de jonge meester is te zeer een succesverhaal; zijn werk getuigt te zeer van schijnbaar van moeiteloze gratie om op te kunnen tegen de trafische heroïek van een Michelangelo. Als vernieuwer schijnt Raffaël vaak de mindere van Da Vinci, Bramante en Michelangelo, de drie kunstenaars die voor zijn werk de basis hebben gelegd. Maar Raffaël blijft de voornaamste schilder van de hoge renaissance; onze conceptie va de hele stijl berust meer op zijn oeuvre dan dat van alle andere meesters. Hij bezat de unieke kracht om de elementen van Da Vinci en Michelangelo samen te vatten en zo een kunst te scheppen die zowel lyrisch als dramatisch was, rijk aan picturale schoonheid, zeker van vorm. (Janson 432-433)

Biografie
Raphaël was de zoon van Magia di Battista di Nicola Ciarla en de schilder en dichter Giovanni di Santi di Pietro. Om zijn achternaam een Latijnse klank te geven veranderde hij later zijn familienaam van Santi naar Sanzio.

7 oktober 1491 stierf Raphaels moeder. Zijn vader trouwde kort na de dood van zijn vrouw met Bernardina. Uit dit huwelijk werd een meisje geboren, genaamd Elisabeth.

Ook al zou Raphaël erg beïnvloed worden door de belangrijke kunstenaars in Florence en Rome, de basis werd gelegd in zijn geboorteplaats Urbino aan het hof van de hertog in Urbino waar hij tot het tot het jaar 1494 zijn eerste artistieke vorming krijgt bij zijn vader Giovanni Santi, die behoorde tot de Umbrische school, maar op 1 augustus 1494 overleed.

13 mei 1500 vertrok hij vanwege een ruzie met zijn stiefmoeder Bernardina naar Perugia om als leerling in dienst te treden bij Pietro Perugino, de sterk religieus gestemde colorist. Raffaël werd door hem beïnvloed in zijn stralende weidsheid (grazia), de geïdealiseerde vorm, de subtiele sierlijkheid van zijn figuren, de lieflijkheid van zijn vrouwengezichten en de kleurenharmonie. Maar al spoedig overvleugelde hij zijn meester.

Zijn vroegste altaarstukken maakte hij voor Cittá del Castello in Perugia.

FLORENCE

Ansidei Madonna

Tussen 1504 en 1508 maakte Rafael zijn mooiste portretten en een serie afbeeldingen van de Heilige Familie. Hij werkte in deze periode in Florence en maakte zich los van de Umbrische school. Hij schilderde portretten met allure die door warme kleuren werden versterkt; in FLorence bestudeerde hij het werk van Leonardo da Vinci, Michelangelo, Masaccio en Fra Bartolommeo. Aan de 'sfumato-techniek' van Leonardo da Vinci (clair-obscureffecten) ontleent hij het werken met schaduweffecten. Van Michelangelo zou hij zich de tekenkunde en het Venetiaanse koloriet eigen maken. In deze periode heeft hij o.a. de "Ansidei Madonna" (1505) gemaakt.

Raphael was veel vriendelijker, vrolijker en opgewekter dan Da Vinci en Michelangelo. Hij was dol op mooie vrouwen - “Ik voel honger naar mooie vrouwen als ik schilder…” - en heeft deze in de vorm van madonna's dan ook veelvuldig geschilderd. Zijn religieuze en mythologische taferelen zijn harmonieus samengesteld. Zijn waardige portretten doen het karakter van zijn modellen eer aan. Rafael leidde in Rome een groot atelier.

Da Vinci’s Mona Lisa stond model voor Raffaëls nieuw portrettype en Da Vinci's Sint-Anna ter Drieën lag aan de basis van Raffaëls madonna's. Raffaël had een feilloos vermogen om van anderen over te nemen wat voor zijn eigen visie noodzakelijk was en te verwerpen wat er niet mee overeenstemde. Hier begon hij de reeks Madonna's waarvan de bekoorlijkheid, die op ongeëvenaarde wijze het goddelijke binnen een tedere menselijkheid opriep, sindsdien zozeer tot de verbeelding heeft gesproken. Wat de compositie betreft komen Raffaëls vroege Madonna's sterk overeen met de piramidale structuur die door Leonardo was ontwikkeld, maar de complexiteit en het vernuft van Leonardo worden bij Raffaël tot een volmaakt evenwichtige harmonie. De raadselachtige uitdrukking van Leonardo's figuren maakt plaats voor ongecompliceerde klaarheid, in plaats van fantastische achtergronden ontvouwt zich een sereen en vredig landschap, zoals in De Madonna del Cardellino (ca. 1506).

ROME
In 1508 wordt Raphaël door paus Julius II (1503-1513) naar Rome geroepen, waar hij vanaf 1509 vooral werkt aan fresco's voor het Vaticaan, terwijl Michelangelo het gewelf van de Sixtijnse kapel beschildert (1508 - 1512). Het betekent ook meteen contacten met Bramante en Perruzzi.
Raphael schilderde fresco's in vier vertrekken (Stanzen) op de bovenste verdieping van de noordelijke vleugel van het paleis: de Stanza della Segnatura, Stanza di Eliodoro, Stanza dell'incendio di Borgio en de Sala di Constatino. In de Stanza della Segnatura heeft hij twee grote werken gemaakt, namelijk: "Het dispuut over het Sacrament" en "de Atheense school". Het geheel beschilderen van de vier vertrekken duurde ongeveer tot 1518.

De School van Athene (La Scuola d'Athena), 1509-1510, basis 770, Vaticaan, Stanza della Segnatura
Zijn eerste frescoserie "De Atheense school" is een ingewikkeld, maar klassiek opgestelde groep Griekse filosofen en wiskundigen afgebeeld in levendige discussie. Daarbij is er is duidelijk één punt waar allen zich naar richten: het gesprek tussen Plato en Aristoteles.
De opdracht voor het decoreren van de Stanzen kwam van paus Julius II. De stanza della segnatura is misschien de bibliotheek van deze paus geweest. Raffaëls fresco's op wanden en plafond hebben het over de vier gebieden van de kennis: theologie, filosofie, recht en de kunsten. De School van Athene is reeds lang erkend als zijn meesterwerk en als volmaakte uitdrukking van de klassieke geest waardoor de hoge Renaissance werd bezield. Onderwerp is de Atheense school van het denken (d.i. de rationele kennis), een groep beroemde wijsgeren, verzameld rond Plato en Aristoteles, waarbij elke figuur in een karakteristieke pose of bezigheid is afgebeeld. In een architecturaal kader van laatromeinse renaissance, misschien geïnspireerd op Bramante's Sint-Pieter, waarvoor hij de inspiratie zocht in de ruines van de antieke basiliek van Maxentius en Constantijn op het Forum Romanum. Idee van Ficinus: tempel van de filosofie.

Beeld links in de nis is Apollo met citer. Onder dit beeld in hoogreliëf een lotta di Ignudi en een triton die een nereide vastgrijpt: symboliseren het geweld en de zinnelijkheid, uitingen van het lagere deel van de ziel. Beide worden beheerst door de rede, nl. Apollo. Beeld rechts in de nis is Athena (Minerva): dit is de actieve intelligentie. Koepelmedaillon links: man kijkend in een boek, symbool van Plato, wijzend naar omhoog met de Timaeus. Koepelmedaillon rechts: een vrouw met de hand op een wereldbol, symbool van Aristoteles, wijzend naar beneden, met ethica.

De School van Athene is een verzameling wijsgeren en geleerden uit de oudheid, geplaatst in een groots architectonisch decor, door een trap in twee plannen verdeeld. Centraal staan Plato en Aristoteles. Plato wijst omhoog (cfr.Ideeënleer). Aristoteles wijst vooruit (cfr. positieve wetenschappen, het aardse). Daarrond bewegen zich de andere personen, verspreid over de twee plannen. Bijna aan de voeten van de twee vertegenwoordigers van de belangrijkste systemen van het antieke denken (het idealisme en het realisme) zit Diogenes op de traptreden met zijn rug naar hen toegekeerd. Uit de omringende groepen is links en verder naar achteren een man met een tulband (mogelijk Averroës) als Socrates te herkennen, verder Epicurus, dan Pythagoras en Herakleitos, die op een stenen blik steunt (waarover verder). Aan de andere kant van de halve kring herkent men Euclides in de geleerde die omringd is door leerlingen en zich bukt om een geometrische figuur te meten, terwijl Ptolemaeus (ten onrechte voor een telg van de Egyptische regerende familie gehouden) met een kroon wordt getoond. In dezelfde groep kan men Zarathoestra herkennen aan de bol in zijn handen. Verder rechts, de jonge man met de zwarte fluwelen muts, is Raffaël zelf, naast de schilder Giovanni Sodoma. Dit zijn niet de enige portretten in de schildering. Evenals in de disputa gaf Raffaël aan personen uit de Oudheid vaak gezichten van tijdgenoten. Hij probeerde zo een parallel tussen verleden en heden te trekken. Zo is Da Vinci in Plato, Bramante in Euclides en Michelangelo in de figuur van het pante rheï Herakleitos te herkennen. Deze figuur werd toegevoegd in 1511 na de voltooiing van het fresco, zoals men aan de voegen kan zien.

Idee: verzoening tussen klassieke wijsheid en christelijke openbaring.

In de School van Athene staat Raffaël onder invloed van Pierro della Francesca en Melozzo da Forli: grote figuren, brede gebaren en strenge kleuren. Hierdoor is hij meer persoonlijk geworden en werkt hij, los van het traditionele, met een sterke bezieling. In dit werk bezingt Raffaël met open registers de triomf van de menselijke geest. Raffaël moet ook het bijna voltooide plafond van de Sixtina al hebben gezien want hij dankt kennelijk aan Michelangelo de expressieve energie, de fysieke kracht en de dramatische groepering van zijn figuren. Toch heeft Raffaël niet eenvoudig Michelangelo's repertoire van gebaren en poses geleend. Hij heeft het geabsorbeerd in zijn eigen stijl en er zo een andere betekenis aan gegeven. Lichaam en geest, actie en emotie zijn nu in harmonisch evenwicht, en elk lid van deze indrukwekkende verzameling speelt zijn rol met feilloze duidelijkheid. Herakleitos van Efese is toegevoegd in 1511 (een portret van Michelangelo, die toen werkte aan de plafondfresco's van de Sixtijnse kapel en voor wie Raffaël de grootste bewondering had). Herakleitos ontbreekt ook op het karton dat in de Ambrosiana-bibliotheek in Milaan wordt bewaard. Een duidelijke gelijkenis met Michelangelo's Jesaja in de Sixtina en zijn plastische kwaliteit isoleren hem enigszins van de anderen en demonstreren Raffaëls terugkeer tot de stijl van Michelangelo. Misschien is het een dubbele hulde van de jonge schilder aan zijn mentor en rivaal.

De algemene conceptie van het werk roept eerder de geest op van Leonardo's Laatste Avondmaal dan die van het plafond van de Sixtina. Dit geldt ook voor de wijze waarop Raffaël elk van de filosofen de gerichtheid van zijn ziel laat onthullen, en voor de verhoudingen tussen individuen en groepen, die hij door een ritmisch vormprincipe heeft verbonden. Eveneens Da Vinciachtig zijn het gecentraliseerde, symmetrische compositieplan en de wisselwerking tussen de figuren en hun bouwkundige achtergrond. Maar in vergelijking met de zaal van het Laatste Avondmaal draagt Raffaëls klassieke bouw (met zijn hoge koepel, tongewelf en monumentale standbeelden) veel meer bij tot de totale compositie. Deze architectuur, geïnspireerd op Bramante, lijkt haast een prototype van de nieuwe Sint-Pieter. Door de geometrische precisie en grootse ruimtelijkheid wordt hier een climax bereikt in een traditie die door Masaccio is begonnen, door Domenico Veneziano en Della Francesca voortgezet en aan Raffaël overgedragen door zijn leraar Perugino.

Het Dispuut over het Sacrament en de School van Athene vormen samen de symbolische uitdrukking van de continuïteit tussen het antiek rationeel-wijsgerig denken en de christelijke geopenbaarde waarheid. Als humanist geloofde Raffaël in de overeenstemming tussen de antieke wereld en de christelijke spiritualiteit. (BRT; Kunstschatten van Rome; ?; Janson 433; Kunstschatten van Rome, 365-366)

Hij maakte samen met Perruzzi mythologische fresco's in de Villa Farnesina in Rome (1511-1512) (met de triomf van Galatea, 1511).

Villa Farnesina, 1511 of ca. 1513, interieur

Madonna Sistina 1513-14

Baldassare Castiglione, 1514-1515

Portret van Baldassare Castiglione, 1515-1516, van paneel op doek overgebracht, 82x66, Parijs, Louvre
Raffaël was waarschijnlijk al sinds 1506 bevriend met Castiglione; in dat jaren waren ze beiden in dienst van Guidobaldo, hertog van Urbino. Dit hof was toen het culturele centrum van Italië. Il Cortegiano, geschreven in dialoogvorm en begonnen in 1508, maar pas een jaar voor zijn dood in 1528 gepubliceerd, is een literair monument voor het hof van Urbino.
Door middel van een serie voorbeelden demonstreert het boek de kunst van de elegante en geleerde discussie. Verder bevat het een gedragscode voor de hoveling en voor de edelman met plichten aan het hof. Van hen werd een voorname terughoudendheid en zelfbeheersing verwacht, die ze moesten tonen door hun verfijnde en waardige manieren. Van de hoveling verwachtte Castiglione kennis van vaardigheden op het gebied van kunst, muziek en literatuur en een uitstekende beheersing van het paardrijden, de wapenkunde en het dansen. Tot de voorname manieren behoorden ook een smaakvolle manier van kleden, die naar het voorbeeld van de Bourgondische mode donker moest zijn en felle kleuren diende te mijden.
Raffaëls portret is uitgevoerd in een getemperde, bijna monochrome kleurstelling. Zijn beperkte palet weerspiegelt blijkbaar de gedragsethiek van de geportretteerde, die alles afwees wat luid, gemaakt of overdreven was. Castiglione draagt de kleding die hij in zijn traktaat aanbeveelt. Met zijn iets naar rechts gewende lichaam kijkt hij de toeschouwer met een zachte, vriendelijke, maar ook ernstige blik aan. Zijn bebaarde gezicht is omlijst door een hoog opstaande kraag en een zwarte muts. Zijn handen steken uit de zwarte manchetten van de grijs-fluwelen pofmouwen en zijn gevouwen. Dit drukt aristocratische terughoudendheid en zelfbeheersing uit. (Portret 80)

Het portret van Raffaël maakt nog deel uit van de hoge renaissance. De kleuren zijn warm en vriendelijk; het karakter ervan is even beschaafd, rustig en sympathiek als de geschriften van Castiglione zelf. De details zijn met liefdevolle aandacht behandeld - het fluweel, het zachte linnen, het bont, het vlees en de baard; de verf is rijkelijk, op echter schildersmanier aangebracht. Het portret van Raffaël is van een hoveling en vervaardigd door een hoveling; op en top aristocratisch. (KIB ren 98)

Na de dood van Bramante in 1514 werd Rafael benoemd tot de nieuwe hoofdbouwmeester van de Sint Pieter te Rome. Hij maakte daarvoor een nieuw ontwerp, dat echter nooit werd uitgevoerd.

In 1515 neemt hij het ambt van conservator van de oudheden van Rome over. Hij maakte ontwerpen van talrijke palazzi en landhuizen in Rome en omgeving, zoals de villa Madama (samen met Sangallo en Romano).

In 1515 en 1516 ontwierp hij voor de Sixtijnse kapel een tiental kartons voor een reeks wandtapijten die scènes uit het leven van de apostelen voorstellen. Deze werden geweven te Brussel (P. Coecke). Deze kartons bevinden zich momenteel in het Victoria and Albert Museum in Londen.

Raffaël maakte in deze periode ook een reeks portretten. Bekend is ook zijn Transfiguratie (1517-1520) die onvoltooid bleef. Het werd uiteindelijk in maniëristische stijl afgewerkt door Giulio Romano.

Na het beeindigen van zijn opdracht voor het Vaticaan kocht hij in 1518 een wijngaard in Rome waar hij verbleef tot het einde van zijn leven.

Raphaël stierf op Goede Vrijdag 6 april 1520 precies op zijn 37ste verjaardag aan een hevige koorts die al 14 dagen duurde. De begrafenisplechtigheid vond plaats in het Vaticaan, zijn 'Transfiguratie' was geplaatst aan het hoofd van zijn lijkbaar, zijn lichaam werd bijgezet in het Pantheon in het centrum van Rome.
Op de klassieke sarcofaag is het beroemde distichon te lezen: Ille est hic Raphaël; timuit quo sospite vinci, Rerum magna parens et moriente mori. (Hier rust de beroemde Raphaël; de grote moeder aller dingen (de Natuur) vreesde door hem overtroffen te worden bij zijn leven en te sterven, als hij sterft.)

Websites:
. www.casa-in-italia.com
. www.kunstkennis.nl
. nl.wikipedia.org
. www.casa-in-italia.com/Raffaello_nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 517.