kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 14-06-2011 voor het laatst bewerkt.

Russisch impressionisme

Wie op zoek gaat naar het "Russische" in de Russische kunst komt al snel in de tweede helft van de 19de eeuw terecht. Daarvoor wordt de Russische kunst gedomineerd door de Byzantijns geïnspireerde iconen schilderkunst, met als hoogtepunt het werk van de belangrijkste iconenschilder uit Novgorod, Andrej Rublev (ca. 1400), en West Europese kunstenaars. De stichting van St. Petersburg, "Ruslands poort naar Europa" door Tsaar Peter de Grote in 1703 had namelijk vele architecten, schilders, beeldhouwers en ambachtslieden uit heel West Europa naar het verre Rusland doen trekken en deze introduceerden door hun werk in de nieuwe stad de heersende West Europese kunststijlen in Rusland.

Echt Russisch was dit alles niet, ook niet toen Tsarina Catharina de Grote in St. Petersburg, in 1754 de Academie voor Schone Kunsten stichtte, daar het Keizerlijk hof, zijn opdrachten bij voorkeur aan Westerse kunstenaars gunde. Weliswaar zijn er kundige 18de en 19de eeuwse Russische kunstenaars geweest, maar deze volgden de West Europese stijlen en schilderden op classicistische of romantische wijze.

Nee, echt Russisch wordt het pas onder de invloed van het internationale realisme, waardoor interesse voor -en betrokkenheid bij "het gewone volk" schilders, maar zeker in Rusland ook schrijvers als Toergenew, Dostojewski en Tolstoj inspireerden. In 1863, twee jaar na het afschaffen van het lijfeigenschap ontstaat de groepering van kunstenaars, die zich de "Itineranten" noemden. Deze rondtrekkende kunstenaars wilden de kunst naar het volk brengen en door hun reizende tentoonstelling van kunstwerken met realistische thema's moest de bevolking bewust gemaakt worden van de misstanden in het Tsarenrijk. Kunstenaars als Ilya Repin en Vasily Surikov schilderden hun voorstellingen van het Russische leven in een realistische op Courbet en Millet geïnspireerde stijl. Vooral Repin was een pionier in het gebruik van licht in kleur en daarmee één van de grondleggers van het Russisch impressionisme.

Rond 1870 kwam de Russische avantgarde samen in het buitenhuis van de spoorwegmagnaat Sava Mamontov. Schrijvers, componisten en schilders zochten een eigen Russische kunst en richtten de vereniging "Mir iskoesstva" (de wereld van de kunst) op. Hoofdredacteur werd de impresario Sergei Diaghilev, de man die later met zijn Ballets Russes de Russische moderne kunst in het Westen zou brengen.Mir iskoesstva organiseerde tentoonstellingen van het werk van Picasso, Matisse en Cézanne (1899- 1903), ten gevolge waarvan collecties van deze moderne Westerse kunst gevormd werden door Russische industriëlen. Er ontstond een cultureel klimaat, waarin het experiment gestimuleerd werd en jonge kunstenaars geïnspireerd werden.Zo ontstonden: Het aan het Italiaanse Futurisme verwante Rayonisme van Mikhael Larionov (1881 -1964) en Natalia Gontcharova (1881 -1962) met als motto: ”Als we letterlijk willen schilderen wat we zien, dan moeten we de som van stralen schilderen die worden gereflecteerd vanuit het object; Het Suprematisme van Kasïmïr Malevich (1878- 1935), die op zoek was “de mystieke sensatie” in een kunstwerk vast te leggen door zuivere vorm en kleur, resulterend in schilderijen als “Suprematistische compositie, die het gevoel van draadloze telegrafie uitdrukt” (1915). Zijn werk culmineerde in de "wit op wit" reeks uit 1917/18 met witte vierkanten op een witte achtergrond, totaal verstilde beelden, die het onderbewuste raken; en het daaraan tegengestelde Constructivisme van Vladimir Tatlin (1885- 1953), die geloofde dat kunst de maatschappij kon -en moest beïnvloeden en dat, in een aan het kubisme en futurisme verwante beeldtaal met de modernste industriële middelen, trachtte te bereiken.

Na de revolutie van 1917 en de daarop volgende burgeroorlog vertrokken een aantal kunstenaars naar het Westen, maar diegenen die in Rusland bleven werden door de regering en vooral commissaris Lunacharskii geïnspireerd hun talenten in dienst van de jonge arbeidersstaat te stellen. In literatuur, architectuur, theater en schilderkunst kon vrijelijk geëxperimenteerd worden, terwijl eindeloze discussies gehouden werden over de rol van van de kunstenaar in de nieuwe maatschappij. Aan het eind van de 20er jaren veranderde de politieke situatie onder Josef Staln. Het revolutionaire elan was inmiddels weggeëbd en de intelligentsia.moest ondergeschikt gemaakt worden aan de partijleiding en het staatsbelang.

In 1928 werden alle onafhankelijke verenigingen van kunstenaars opgeheven en Lunacharskii vervangen. De situatie culmineerde in 1934 toen gedecreteerd werd dat het sociaal (of socialistisch) realisme als enige kunststijl voor alle kunstvormen werd opgelegd. Het socialistisch realisme moest de staat verheerlijken en de klassenloze maatschappij propageren. Een realistisch impressionisme ontleend aan het Russisch impressionisme van Serov, Korovin en Levitan was de ideale stijl om de Sovjet successen in vast te leggen.

De Sovjet kunstenaar moest daarvoor een gedegen opleiding ontvangen aan één van de grote kunstacademies. De officiële opleiding aan deze academies duurde zes jaar. In de eerste vijf leerjaren moest de aankomende kunstenaar zijn techniek verbeteren in ateliers, die geleid werden door grote Russische kunstenaars als Repin en Surikov. Het zesde jaar van de opleiding was helemaal gewijd aan het produceren van een groot werk met een Sovjet thema. Toegang tot deze academies was bijzonder moeilijk en vereiste vaak een vooropleiding op één van de vele kunstscholen. De totale opleiding kon op die manier zo'n tien jaar duren.,

Een opleiding aan één van de grote academies was vereist om lid te worden van een lokale of nationale afdeling van de Unie van Russische Kunstenaars. Leden daarvan ontvingen beurzen, schildersbenodigdheden, een atelier en opdrachten. De Academie voor de schone kunsten van de USSR organiseerde "wedstrijden" en tentoonstellingen op nationaal, regionaal of lokaal niveau. Uitverkoren kunstenaars kregen de gelegenheid een "Academische" dacha, een huis op het land, te betrekken om daar tussen gelijken in een intellectueel en artistiek inspirerende omgeving te werken.

Ondertussen probeerden talloze kunstenaars toch een bepaalde artistieke vrijheid te behouden. door schilderijen en schetsen te maken geïnspireerd door de naaste omgeving. Geliefde onderwerp waren kinderen, sport, muziek, ballet, naakten en het stilleven. Vooral deze "vrije" werken getuigen vaak van een grote intimiteit en een bijna romantische verbondenheid met het onderwerp.

Dankzij het baanbrekende werk van de Kunsthandel Gebr. Douwes, Cees Hogendoorn en enkele anderen heeft ook Nederland kennis kunnen nemen van de vaak zeer hoge kwaliteit van het werk van de Russische impressionistische kunstenaars. Internationaal is er al veel literatuur over dit onderwerp verschenen, waarbij het boek van de Engelse journalist Matthew Cullerne Brown, Socialist Realistic Painting, London 1990 een gedegen geschiedenis van deze stroming bevat, waaruit voor het samenstellen van deze catalogus geput is.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 58.