kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 22-04-2008 voor het laatst bewerkt.

Willem van Haecht

Zuidnederlands schilder en graveur, 1593 - 1637 Antwerpen.

Willem van Haecht stamde uit een Antwerpse kunstenaarsfamilie. Zijn vader, Tobias van Haecht, was de eerste leermeester van Rubens.

In 1615 vertrok Van Haecht naar Parijs, maar hij keerde al snel weer huiswaarts.

In 1619 reisde hij voor langere tijd naar Italië.

Terug in Antwerpen in 1626 werd hij conservator van de beroemde kunstcollectie van Cornelis van der Geest. Pas in 1628 als meester vermeld in het Antwerpse gilde.

We kennen slechts drie schilderijen van zijn hand en een klein aantal prenten, allemaal voorstellingen van kunstkamers, interieurs die gevuld zijn met schilderijen en andere kunstvoorwerpen. Het Mauritshuis bezit het grootste exemplaar, dat ook het schilderij moet zijn dat Van Haechts bij zijn dood heeft nagelaten aan zijn beschermheer Van der Geest.
Van Haechts geschilderde kunstkamers zijn een mengeling van werkelijkheid en fantasie. De schilderijen die hij er op weergaf, kopieerde hij vrijwel allemaal naar bestaande schilderijen van beroemde meesters. Maar ze bevonden zich niet samen in één verzameling. Van Haecht bracht ze in zijn geschilderde wereld samen. Bovendien zitten zijn kunstkamers vol met verhalende elementen die verwijzen naar het artistieke en culturele leven in Antwerpen van zijn tijd.

De drie schilderijen die we van Van Haecht kennen, bevinden zich in het Mauritshuis, het Rubenshuis in Antwerpen en in een particuliere verzameling. Zijn werk "De Kunstkamer van Cornelis van der Geest", dat in het Rubenshuis te Antwerpen hangt beeldt het bezoek van de Aartshertogen Albrecht en Isabella af.

(deel van kunstkamer van Cornelis van der Geest)

De kunstkamer van Cornelis van der Geest, 1628, Antwerpen, Rubenshuis
Het genre van de geschilderde 'Constkamer'-taferelen is in Antwerpen ontstaan in de eerste decennia van de 17de eeuw. Het zijn uitbeeldingen van interieurs, meestal van enkele figuren voorzien (de verzamelaar), waarin vooral de kunstwerken die er in prijken de aandacht van de toeschouwer opeisen. Daardoor hebben ze een grote documentaire waarde. Ze illustreren de artistieke rijkdom die destijds in sommige (Antwerpse) huizen werd aangetroffen en laten ons toe de kunstsmaak van hun bewoners a.h.w. visueel te leren kennen. Voor de kunsthistoricus zijn ze overigens ook een welkome bron van inlichtingen, wanneer een bepaald nog bestaand kunstwerk erop voorkomt en aldus zijn datering en herkomst kunnen worden achterhaald.

Dit werk neemt in de talrijke kunstkamers een ereplaats in. Het is immers een belangrijk en zeer zeldzaam werk van een kunstenaar die zonder twijfel de beste en tevens een van de vroegste beoefenaars was van het genre. Tegelijk geeft het een van de voornaamste kunstcollecties weer die ooit binnen de muren van Antwerpen hebben bestaan. Daarenboven komen op geen enkel ander tafereel zoveel figuren voor die in de kunstgeschiedenis van Antwerpen en van ons land een vooraanstaande rol hebben gespeeld.

Op het voorplan links zijn de aartshertogen afgebeeld, terwijl hun door twee knielende pages een paneel wordt voorgehouden. Rechts daarvan staat Cornelis van der Geest, die het schilderij aanwijst. Deze afbeelding herinnert aan een historische gebeurtenis, nl. het bezoek van de vorsten aan de woning van Van der Geest in de (verdwenen) Mattenstraat in de buurt van de Walburgiskerk en het Steen (23 augustus 1615). Het schilderij werd pas 13 jaar na deze gebeurtenis voltooid. Het werk is dan ook geen getrouwe weergave van het bezoek. Er staan namelijk figuren op die beslist niet aanwezig waren tijdens het bezoek, en een aantal afgebeelde schilderijen zijn pas na 1615 ontstaan en konden dus nog geen deel uitmaken van de collectie van Van der Geest. Wellicht was de ruimte van de kunstkamer in werkelijkheid ook niet zo groot. De kunstenaar heeft gewoon zoveel mogelijk schilderijen uit de collectie willen afbeelden.

Terecht is de vraag gesteld of het bezoek van de aartshertogen wel het eigenlijke onderwerp van het kunstwerk is. Hun bezoek versterkt enkel het belang van de collectie, maar is voor het overige slechts van bijkomstig belang. Ze vormde een geschikte aanleiding om een aantal belangrijke personen, maar vooral kunstenaars met wie de gastheer bevriend was, te verenigen in zijn kunstkamer en ze weer te geven met een groot aantal werken, die het voorwerp waren van zijn artistieke belangstelling en gewettigde trots. Het opschrift onder het wapenschild, Vive l'Esprit' wijst in deze richting. Het tafereel verzinnebeeldt trouwens een Hulde aan Pictura, de Schilderkunst, die door de mecenas Van der Geest in zo grote mate werd bevorderd.

Twee werken van Rubens komen in deze Kunstkamer voor. De slag der Amazonen hangt vlak naast het raam, goed belicht en in het oog springend, boven de personages die omheen de aartshertogen gegroepeerd staan. Het is één van de topstukken van Rubens. Het andere werk van Rubens hangt ook aan die grote wand, geheel rechts boven, en is een legeraanvoerder met twee pages die hem helpen bij het aantrekken van zijn wapenrusting (coll. Earl Spencer te Althorp). Het zou dateren van kort na Rubens' terugkeer uit Italië. Rubens zelf is afgebeeld als de man rechts van aartshertog Albert; hij neigt enigszins naar hem toe en geeft in zijn functie van hofschilder blijkbaar toelichting bij het schilderij dat wordt getoond.

Wellicht zijn de figuren in de omgeving van de aartshertogen allemaal hofdignitarissen, edelen en personen met hoge ambten (zijn lang niet allemaal geïdentificeerd). Rond de tafel in het midden staan kunstverzamelaars (collega's van Van der Geest); rechts schilders en meer op de achtergrond links en rechts beeldhouwers.

Geïdentificeerd zijn: links van de Infante Geneviève d'Urfé hertogin van Croy; daarnaast in profiel vermoedelijk Ambrogio Spinola de legeraanvoerder en voornaamste raadsman van de aartshertogen; daarachter, de tweede vrouw van links vermoedelijk de gravin van Arenberg; naast haar Nicolaas Rockox, burgemeester van Antwerpen met Jan van den Wouwer, humanist en raadsheer bij het Hof van Financiën te Brussel. Rechts van Rubens, met de hoed op het hoofd (wat als vorst toegelaten was) Vladislas Sigismund, de latere koning van Polen (niet aanwezig tijdens het bezoek van 1515). Rechts van de koning Jan Van Montfort, muntmeester van de aartshertogen, pratend met Antoon van Dyck (in 1628 ook hofschilder en daarom bij het hoge gezelschap afgebeeld).

Cornelis Van der Geest zelf vormt de overgangsfiguur naar de tweede groep rond de tafel. De eerste is waarschijnlijk Catharina van Mockenborgh, de tante van Willem van Haecht en huishoudster van Van der Geest. De man aan de rechterhoek van de tafel met een damesportretje in de hand is Peter Stevens. De andere drie zijn niet met zekerheid bekend. Ook de knielende man voor het schilderij is niet geïdentificeerd. Hij vormt de brug met de derde groep , die uit schilders zou bestaan, al bevinden er zich wellicht ook geografen onder, wat blijkt uit de globe en andere instrumenten van de cartograaf (en ook wijzend op Van der Geests belangstelling voor de geografie en cartografie). De dieren- en stillevenschilder Frans Snyders staat erbij. Hij staat rechtop onder het grote afgietsel van Hercules Farnese. Rechts van hem staat Hendrik Van Balen. Links van Snyders staat Jan Wildens, die zich iets vooroverbuigt. De overige drie figuren zijn onbekend.

Meer op de achtergrond links en rechts bevinden zich wellicht nog een aantal beeldhouwers, gezien hun belangstelling voor de kleine en grote beelden. De man die rechts een meer dan levensgrote Venus en Amor aanwijst, zou de Duitse beeldhouwer en goede vriend van Rubens, Jörg Petel kunnen zijn. Misschien is de kloeke man met de zwarte snor nabij het raam met een beeldje in de hand wel Hans van Mildert. De bescheiden, misschien wat ziekelijke figuur in de deuropening, die zich aan de trapleuning vasthoudt is misschien Willem van Haecht zelf.

In de 'constcamer' hangen niet minder dan 43 schilderijen. De meeste behoren tot de Vlaamse school, naast een aantal Italiaanse en Duitse. Het oudste stuk is een zeldzaam (en verloren gegaan) profaan werk van Jan Van Eyck: een staande naakte vrouw in een interieur, vergezeld van een voornaam geklede dame (zijwand rechts in de diepte in de hoek boven de beelden). Er zijn drie schilderijen van Quinten Matsys, een verloren gegaan landschap met een wagen van Pieter Bruegel de Oude, de amazonenslag van Rubens, de Pannenkoekenbakkers van Pieter Aertsen, een Heilige Familie van Frans Floris, een Landschap met Nomaden van Cornelis van Dalem (in vier stukken versneden en nu in vier musea), een Laatste Avondmaal van Otto van Veen, een stilleven met Apen (vermoedelijk) van Frans Snyders, Landschap met Jager van Jan Wildens, De verloochening van Petrus van Gerard Seghers, Een Gezicht op de Haven van Antwerpen van Sebastiaan Vranckx, een Vrolijk Gezelschap van Simon de Vos, en een Danaë van Willem van Haecht.

Er is een portret van Dürer door Tommaso Vincidor van Bologna, en vrouwenportret van (wellicht) B. Licino, een Laatste Oordeel van Rottenhammer, twee paneeltjes van Elsheimer (Judith slaat het Hoofd af van Holofernes en Ceres en Stellion). (merc)

Willem van Haecht - Apelles schildert Campaspe, c.1630, paneel, 104,9 x 148,7 cm, schilderijen, antieke beelden, tekeningen, prenten en porselein. Toch is dit een denkbeeldig museum. Veel van de afgebeelde schilderijen bestaan echt, maar ze zijn nooit bij elkaar geweest in één collectie.
Schilderijen, beelden, prenten, tekeningen, kostbaar porselein – dit is een collectie waar menig verzamelaar jaloers op zou zijn. Van Haechts denkbeeldige museum bevat veel schilderijen die hij dagelijks zag als conservator van de beroemde kunstverzameling van zijn stadsgenoot Cornelis van der Geest. Boven de tafel hangt bijvoorbeeld De amazoneslag die Rubens omstreeks 1615 maakte voor Van der Geest. Maar er zijn ook werken van Italiaanse kunstenaars als Caravaggio en Titiaan te zien, die zich toen niet in Antwerpen bevonden. Mogelijk kende Van Haecht ze van zijn reizen naar Frankrijk en Italië.

De Vlaamse schilder Willem van Haecht combineerde deze denkbeeldige 17de-eeuwse kunstverzameling met een verhaal uit de klassieke oudheid. Linksvoor zit een man achter een schildersezel. Het is Apelles, de hofschilder van Alexander de Grote (in harnas). Hij portretteert hier Campaspe, de mooiste minnares van Alexander. Volgens het verhaal werd Apelles daarbij verliefd op haar. Toen het schilderij af was, gaf Alexander hem Campaspe cadeau. Zelf had hij immers genoeg aan haar portret, dat nog mooier was dan de echte vrouw.
Dit verhaal was populair bij schilders. Het toont namelijk dat zij de werkelijkheid konden overtreffen en daarvoor rijkelijk beloond konden worden. Van Haecht heeft de scène geplaatst te midden van de mooiste schilderijen die hij kende, waaronder een groot aantal Vlaamse werken. Daarmee bracht hij een ware ode aan de schilderkunst.

Uit dit schilderij spreekt een grote bewondering voor Rubens, in Van Haechts tijd de meest gelauwerde kunstenaar van Antwerpen. Van Haecht, die verre familie was van Rubens, verwijst op allerlei manieren naar de grote meester. Tijdgenoten met een liefde voor kunst zullen de verwijzingen zeker hebben begrepen.
- Het interieur heeft veel weg van Rubens’ huis in Antwerpen (nu een museum). De halfronde nis in het achtervertrek doet denken aan het mouseion (museum) in het Rubenshuis, waar Rubens zijn beeldenverzameling had uitgestald.
- De figuur van Alexander de Grote is gebaseerd op Rubens’ schilderij Perseus bevrijdt Andromeda.
- Meteen achter de schildersezel van Apelles hangt De amazoneslag van Rubens. Wellicht wilde Van Haecht hiermee een vergelijking trekken tussen zijn stadsgenoot en de beroemde schilder uit de oudheid. Er wordt zelfs beweerd dat Van Haecht de figuur van Apelles baseerde op zelfportretten van Rubens.

Tobias Verhaecht (1561 - 1631)
Landschapsschilder in Antwerpen. Een van zijn leerlingen was zijn verre familielid Pieter Paul Rubens. Tobias Verhaecht was een Vlaamse schilder en tekenaar die ook actief was in Italië. Hij bracht een groot gedeelte van zijn jeugdjaren door in Florence waar hij een van de favorieten was van Francesco I, Groothertog van Toscane, en in Rome waar hij een reputatie opbouwde as schilder van landschapsfresco's. In 1590 werd hij meester in het gilde van Sint Lukas in Antwerpen. Een jaar later trouwde hij Suzanna van Mockenborch, een ver familielid van Pieter Paul Rubens. Zij stierf in 1595. Een jaar later hertrouwde hij. Verheacht leidde verschillende leerlingen op, waaronder zijn zoon Willem van Haecht II, en zij het kort, Pieter Paul Rubens.

Websites: www.mauritshuis.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1118.