kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 06-05-2009 voor het laatst bewerkt.

A.F.Th. van der Heijden

Nederlands schrijver, geboren 15 oktober 1951 in Geldrop.

Website: pseudoniem Patricio Canaponi. Thans wenst hij als schrijver A.F.Th. genoemd te worden.

Biografie
Adriaan Franciscus Theodorus (A.F.Th.) van der Heijden wordt geboren in het Noord-Brabantse Geldrop. Zijn jeugd is niet erg gelukkig. Zijn vader drinkt zich in het weekend regelmatig onder de tafel en schreeuwt dan zijn familie de huid vol. De jonge Adri trekt zich vaak terug in zijn kamer en vlucht in de wereld van de boeken.

Adrianus Franciscus Theodorus van der Heijden ondernam op 16-jarige leeftijd al pogingen om een roman te schrijven.

Na de hbs wilde hij aanvankelijk Nederlands gaan studeren, maar in 1970 begon hij met psychologie in Nijmegen. Deze studie verruilde hij reeds snel voor filosofie.

Op 20-jarige leeftijd voltooide hij 'Het bejaardentehuis op het dak van de hemel', een nooit uitgegeven werk dat eigenlijk de oertekst vormt van het grote romanproject De tandeloze tijd waarvan de eerste delen verschenen in 1983.

In 1976 verhuisde hij naar Amsterdam en studeerde enige tijd esthetica, maar ook deze studie bleef onvoltooid. Ondertussen verhuisde hij regelmatig en bracht ook veel tijd door in Italië. Na zijn huwelijk met Mirjam Rotenstreich verhuisde hij ook nog enige malen.

In juni 1978 verschijnt zijn verhaal ‘Bruno Tirlantino op de bruiloft van prinses Ann’ in De Revisor onder het pseudoniem Patrizio Canaponi.

Van der Heijden debuteerde met zijn eerste verhalenbundel Een gondel in de Herengracht eveneens onder de naam Patrizio Canaponi. Ook de roman 'De draaideur' (1979) verscheen onder deze naam. Zijn biografie klonk buitengewoon exotisch: 'Geboren ben ik op de boot van Messina naar Genua (ter hoogte van Civitavecchia, als ik mijn moeder mag geloven. Ingeschr. Genua, 1946. Later ned. paspoort.) uit een italiaanse moeder (Antonella Canaponi) en een hollandse vader (†; nauwelijks gekend; in die naoorlogse maanden voortvluchtig zwervend door Europa).’ Niet veel later bleek achter dit pseudoniem A.F.Th. van der Heijden schuil te gaan. Geboren in Geldrop, zoon van een Brabantse lakspuiter.

Zijn eerste boek 'Een gondel in de Herengracht en andere verhalen' (1978) werd bekroond met de Anton Wachterprijs.

Toen in 1983 'De slag om de Blauwbrug' en de trilogie 'Vallende ouders' verschenen, heette hij A.F.Th. van der Heijden en was hij begonnen aan de romancyclus 'De tandeloze tijd'.

1983 – De slag om de Blauwbrug. De tandeloze tijd. Proloog (roman)
1983 – Vallende ouders. De tandeloze tijd 1 (roman)
1985 – De gevarendriehoek. De tandeloze tijd 2 (roman)
In 1983 verscheen de epiloog voor zijn grote romancyclus 'De tandeloze tijd'. De cyclus geeft een overzicht van de jaren vijftig tot en met tachtig van de twintigste eeuw. Het leven wordt hierin gedetailleerd beschreven.
De tandeloze tijd volgt vooral de ontwikkeling van Albert Egberts. Wanneer de lezer hem in de proloog De slag om de Blauwbrug leert kennen, bevindt zijn leven zich op een dieptepunt. Verslaafd aan drugs en levend van autodiefstallen is hij op 30 april 1980 in Amsterdam getuige van de roerige kroning van koningin Beatrix. Het vrijwel gelijktijdig met de proloog verschenen eerste deel Vallende ouders beschrijft Alberts studentenjaren in Nijmegen. Het verhaal wordt 'achteruit' verteld en eindigt bij zijn jeugdjaren in Geldrop. Die jeugdjaren vormen de kern van De gevarendriehoek, het tweede deel van De tandeloze tijd dat in 1985 uitkwam en werd bekroond met de Bordewijk-prijs en de Multatuli-prijs.

1986 – De sandwich (roman)

1988 – Het leven uit een dag (roman)
In de jaren tussen De gevarendriehoek en Advocaat van de hanen publiceerde Van der Heijden twee korte romans die buiten het bestek van de cyclus vallen: De sandwich (1986), een requiem voor twee kennissen uit het verleden, en Het leven uit een dag (1988), een fantasievol sprookje over een wereld waar het leven zich in één dag afspeelt en alles ook maar één keer gebeurt.

1990 – Advocaat van de Hanen. De tandeloze tijd 4 (roman)
Na het uitkomen van De gevarendriehoek liet Van der Heijden de lezers van de cyclus lang wachten op een vervolg. In plaats van het onder de titel Sneeuwnacht in september aangekondigde derde deel verscheen in 1990 het vierde deel: Advocaat van de hanen, spelend in 1985. Hierin zijn Albert Egberts en zijn vrienden Flix en Thjum uit de eerste delen wel aanwezig, maar centraal staat Ernst Quispel, advocaat van punkers (om hun haardracht betiteld als 'hanen') en krakers. Quispel, zowel maatschappelijk als privé 'geslaagd', is een 'kwartaaldrinker'. Op gezette tijden moet hij toegeven aan de drang radicaal met zijn keurige bestaan te breken. Kort na zo'n liederlijke periode raakt hij betrokken bij de dood van Kiliaan Noppen, een punker die overlijdt in een politiecel nadat hij is opgepakt bij de ontruiming van een kraakpand. De intrige is deels gebaseerd op de Affaire Hans Kok (de kraker die in 1985 na zijn arrestatie in een politiecel overleed) die destijds veel opschudding teweeg bracht. Dat is Van der Heijden op de nodige kritiek komen te staan vanuit de kraakbeweging, hetgeen in 1995 nog bleek tijdens de opnamen voor de film die naar de roman gemaakt is.

1992 – Weerborstels. De tandeloze tijd. Een intermezzo (novelle)
Het in 1992 verschenen Boekenweekgeschenk Weerborstels presenteerde de schrijver als een intermezzo in De tandeloze tijd. Centraal staat Robby, een neef van Albert Egberts, die door de obsessie van zijn vader dat zijn zoon hem dient te overtreffen, de dood wordt ingejaagd.

1994 – Asbestemming. Een requiem (roman)
Asbestemming (1994) is opnieuw een requiem, geschreven na de dood van zijn vader. Dit in stilistisch opzicht zeer gevarieerde boek is eigenlijk niet goed een roman te noemen. Het is onverbloemd openhartig en autobiografisch, maar ook nadrukkelijk literair en 'geconstrueerd'. Beschrijvingen van de laatste dagen van het leven van de vader met wie hij een moeizame relatie had, worden afgewisseld door verhalen over schrijvers' jeugdjaren en zijn huidige leven als vader van een zoontje dat net jarig is op de dag van het sterfgeval. Verder zijn er essayistische passages over leven, dood en drankgebruik. In het gedeelte 'Heijdeniana' krijgen allerlei beknopte aantekeningen, herinneringen en invallen een plaats. Van der Heijden typeerde Asbestemming zelf als 'een boek van vader en zoon'. 'Dat wat ik ben, komt voor een groot deel voort uit hem. Het gaat dan ook nooit over hem los van mij.'

1996 – Het Hof van Barmhartigheid. De tandeloze tijd 3.1 (roman)
1996 – Onder het plaveisel het moeras. De tandeloze tijd 3.2 (roman)
In het derde deel, bestaande uit de romans Het hof van barmhartigheid en Onder het plaveisel het moeras, wordt de beschrijving van het leven van Albert Egberts weer opgepakt, nu geconcentreerd op de jaren vol drugs en seks in Amsterdam. De vertelde tijd bestrijkt de periode vanaf Alberts vertrek naar Amsterdam in 1976 tot en met de dag waarop ook De slag om de Blauwbrug eindigt: 23 juli 1980. Die proloog eindigt met het beeld van Albert die een schaar in zijn hand houdt. De punt van de schaar staat voor het heden, de beide snijbladen voor verleden en toekomst. 'Na te zijn afgedaald naar de oorsprong van mijn leven, volgde mijn wijsvinger dit leven langs het andere blad terug naar het heden, in de richting van zijn eigenlijke bestemming...'. Aldus is de cirkel rond, wat echter niet betekent dat de cyclus De tandeloze tijd daarmee voltooid is.
Zoals Advocaat van de hanen al een andere hoofdfiguur kende, voert Van der Heijden ook een groot aantal andere personages ten tonele. Dat zijn zowel figuren die bekend zijn uit de eerste twee delen en de proloog als uit het (in de tijd later gesitueerde) Advocaat van de hanen. Bovendien maken enkele nieuwe personages hun entree. Een van hen, Patrick Gossaert, is een schrijver die publiceert onder het pseudoniem Patrizio Canaponi... Daarnaast kent deel drie een aantal uitvoerige nevenintriges, zoals de beschrijving van het proces tegen de vermeende moordenares Hennie A. Hiervoor vond Van der Heijden opnieuw inspiratie bij een feitelijke gebeurtenis: het als de Bemmelse moordzaak bekend staande proces tegen Annie E. in 1974. Deze verhaallijn kwam Van der Heijden overigens op een beschuldiging van plagiaat te staan, omdat de journaliste Toni Boumans vond dat de schrijver het door haar geschreven boek De zaak Annie E. zonder toestemming 'tot in detail had hergebruikt'.

Met de enorme omvang van de twee romans die samen het derde deel vormen, heeft Van der Heijden heel nadrukkelijk uiting gegeven aan het idee van 'schrijven in de breedte'. Een passage in Onder het plaveisel het moeras lijkt die aanpak te verantwoorden: 'Dat volhardende schrijven, dat zwoegen en eindeloos herschrijven totdat een zo economisch mogelijke tekst is ontstaan, het correspondeert allemaal niet met het leven dat ons is toebedeeld. Ik vind het natuurlijker om koortsachtig achter de woorden aan te ijlen dan met geheven pink achter de goudschaaltjes te gaan zitten.'

Groepsportret (1996).

1997 - AKO Literatuurprijs voor Onder het plaveisel het moeras

1997 – 'WHAMM, de democratisering van het talent'.
1998 – De gebroken pagaai (novelle)
1999 – Het onmogelijke boek: een kleine monoloog van de auteur
2001 – Gevouwen woorden (brieven)

In 2002 verscheen De Movo tapes, een voorpublicatie van de proloog van de voorgenomen zevendelige cyclus Homo duplex. In 2003 verscheen de volledig proloog als De Movo tapes: een carrière als ander, waarin sprake is van persoonsverdubbeling.

2003 – Engelenplaque (Dagboekaantekeningen)
In de dagboekaantekeningen die Van der Heijden publiceerde in de reeks Privé-Domein onder de titel Engelenplaque: notities van alledag 1966-2003 (2003) wordt de lezer een kijkje vergund in allerlei privézaken, maar wordt vooral duidelijk welke feiten het scheppingsproces bij de schrijver in gang hebben gezet en wat hij met die feiten doet.

2004 – Hier viel Van Gogh flauw (Dagboekaantekeningen)
2006 – Drijfzand koloniseren (sleutel tot Homo duplex)
2007 – Het schervengericht (onderdeel van Homo duplex, positie nog nader te bepalen door de auteur)
2007 – Mim (novelle ter gelegenheid van Harry Mulisch' tachtigste verjaardag, geïnspireerd op diens De versierde mens)

2007 - AKO Literatuurprijs voor Het Schervengericht
In een rechtstreekse uitzending van het televisieprogramma Pauw & Witteman heeft Gerlach Cerfontaine, voorzitter van de jury van de AKO Literatuurprijs 2007, tijdens een feestelijke bijeenkomst op Paleis Het Loo bekendgemaakt dat de jury het boek Het schervengericht van A.F.Th. heeft bekroond met de AKO Literatuurprijs 2007.
De schrijver van het bekroonde boek ontvangt een sculptuur van Eugène Peters en een cheque ter waarde van € 50.000,-. Dit bedrag wordt beschikbaar gesteld door de Stichting Jacques de Leeuw.
Juryrapport: Schervengericht van A.F.Th., een ongekende gevangenisroman waarin het stilistische vuurwerk en de vertellershoogstandjes een ijzingwekkende geschiedenis in beeld brengen. Het mooie, menselijke en sensibele tweeluik over liefdes en onmogelijke keuzes Heb lief en zie niet om van Willem van Maanen. ... De jury moest kiezen tussen fictie en non-fictie, tussen dunne novelles en baksteendikke turven, tussen melancholische schoonheid en menselijke tragiek. Het was niet eenvoudig. We hebben gekozen voor een onontkoombaar boek dat, geschreven in een prachtige stijl, de mens laat zien op het scherp van de snede. De AKO_literatuurprijs 2007 gaat naar A.F.Th. voor Schervengericht.

Laudatio
A.F.Th. – Het schervengericht
Aan ambitie ontbreekt het A.F.Th. niet. Met volharding neemt hij steeds weer een genereuze hap uit onze tijd. Daarvan heeft hij zijn handelsmerk gemaakt. Met Het schervengericht heeft zijn ambitie om grote bewegingen te maken hem gedreven tot op een hoogte waar hij nog weinig tegenstand hoeft te dulden. Van der Heijden heeft zijn armen hier heel breed gespreid. En vervolgens zijn verbeelding losgelaten. Hij heeft geworsteld, gekneed en geknipt. Het resultaat telt meer dan duizend bladzijden en die zijn een feest van de fantasie, waarin hoofdstukken dansen op de gloeiende stukken kool van onze tegenwoordige tijd.
Het schervengericht is een deel van de romancyclus Homo Duplex. De cyclus gaat over gedaanteveranderingen. Die heeft Van der Heijden ook zelf ondergaan. In deze cyclus schrijft hij lyrischer, breedvoeriger dan in De tandeloze tijd. Maar hij blijft even betrokken bij de werkelijkheid, en vooral blijft hij in Het schervengericht even sprankelend de wereld naar zijn mythologiserende hand zetten, tientallen personages uitdiepend en als een halfgod over zijn schaakbord schuivend. Een rode draad in Homo Duplex is de vraag die hoofdpersonage QX-Q8 kwelt. Zal hij de grote wereldrevolutie kunnen doen uitbreken? Die open vraag spiegelt de vraag of Van der Heijden het titanenwerk van zijn nieuwe cyclus rond zal krijgen. Zal hij de banvloek bezweren die hij over zichzelf uitriep?
Maar eigenlijk is dat zelfs de vraag al niet meer. Want in Het schervengericht toont Van der Heijden hoe elke weg weer twee andere wegen opent, en hoe een echte meester van de verbeelding zijn talent bewijst door het eeuwig openplooien van telkens nieuwe stukjes werkelijkheid. Als een accordeon die wonderbaarlijke nieuwe tonen tevoorschijn tovert door zich uit te strekken tot in het oneindige.
- www.akoliteratuurprijs.nl/ARCH/Pb/05112007.pdf)

Websites: www.dbnl.org, boeken.vpro.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 9.