kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 31-12-2015 voor het laatst bewerkt.

AKO-literatuurprijs 2006

AKO literatuurprijs 2006

Uit een aanbod van 345 Nederlandstalige boeken in het genre oorspronkelijk literair proza voor volwassenen (zowel fictie als non-fictie) heeft de jury van de AKO Literatuurprijs 2006 een eerste selectie gemaakt van 22 titels.
Deze Tiplijst (voorheen longlist) ziet er als volgt uit:
Gerbrand Bakker, Boven is het stil, Cossee
Bernlef, De onzichtbare jongen, Querido
Stefan Brijs, De engelenmaker, Atlas
Remco Campert, Het satijnen hart, De Bezige Bij
Kees ’t Hart, De krokodil van Manhattan, Querido
Ben Knapen, De man en zijn staat, Bert Bakker
Piet Meeuse, Betoveringen, De Bezige Bij
Ann Meskens, Tati, de passie van Ann Meskens, Lemniscaat
Hans Münstermann, De bekoring, Nieuw Amsterdam
Joris Note, Hoe ik mijn horloge stuksloeg, De Bezige Bij
Frits van Oostrom, Stemmen op schrift, Bert Bakker
Rascha Peper, Verfhuid, Nieuw Amsterdam
Marja Pruis, De vertrouweling, Nijgh & Van Ditmar
Joyce Roodnat, Sterrenschot, Contact
Peter Terrin, De bijeneters, De Arbeiderspers
Manon Uphoff, Koudvuur, De Bezige Bij
Dimitri Verhulst, De helaasheid der dingen, Contact
Jacq Vogelaar, Over kampliteratuur, De Bezige Bij
L.H. Wiener, De verering van Quirina T., Contact
Tommy Wieringa, Ik was nooit in Isfahaan, De Bezige Bij
Christiaan Weijts, ART. 285b, De Arbeiderspers
Henk van Woerden, Ultramarijn, Podium

Oost, 10 november 2006
In een rechtstreekse uitzending van het televisieprogramma RTL Boulevard heeft HKH Prinses Laurentien der Nederlanden, voorzitter van de jury van de AKO Literatuurprijs 2006, vanavond tijdens een feestelijke bijeenkomst op Luchthaven Schiphol bekendgemaakt dat de jury het boek De bekoring van Hans Münstermann heeft bekroond met de AKO Literatuurprijs 2006.

De zes genomineerden waren:
Stefan Brijs De engelenmaker Atlas
Hans Münstermann De bekoring Nieuw Amsterdam
Joris Note Hoe ik mijn horloge stuksloeg De Bezige Bij
Frits van Oostrom Stemmen op schrift Bert Bakker
Dimitri Verhulst De helaasheid der dingen Contact
Christiaan Weijts ART. 285b De Arbeiderspers

De leden van de jury:
HKH Prinses Laurentien der Nederlanden (voorzitter)
Jos Borré literair recensent De Standaard
Johan De Haes redacteur/recensent VRT
Elsbeth Etty literair recensent NRC Handelsblad
Rob Schouten literair recensent Trouw, Vrij Nederland
Wim Sanders winnaar literatuurquiz ‘De avond van het boek’ 2005

De schrijver van het bekroonde boek ontvangt een sculptuur van Eugène Peters en een cheque ter waarde van ¤ 50.000,-. Dit bedrag wordt beschikbaar gesteld door de Stichting Jacques de Leeuw.

De AKO Literatuurprijs prijs staat onder auspiciën van de Stichting Jaarlijkse Literatuurprijs voor fictie en non-fictie. Voorzitter van het bestuur is drs. Leo Voogt.
Organisatie: Verstegen & Stigter Culturele Projecten
Prinsengracht 583, 1016 HT Amsterdam
tel.: 00.31.20.6235451
fax: 00.31.20.6231474
e-mail: bureau@verstigt.nl

Op de website zullen fragmenten uit de genomineerde boeken – voorgelezen door de auteur – te beluisteren zijn op de website. Uitgebreide voorleesfragmenten verschijnen bovendien in de Week van het Luisterboek op een CD die in een gelimiteerde oplage wordt uitgebracht in samenwerking met Uitgeverij Rubinstein.

Stefan Brijs
De engelenmaker

Juryrapport
“Soms is wat onmogelijk lijkt alleen maar moeilijk,” meent dokter Victor Hoppe in De engelenmaker van Stefan Brijs, en dus laat hij niet af in zijn pogingen om eerst dieren, dan mensen en uiteindelijk ook zichzelf te klonen. Brijs schildert een indrukwekkend portret van deze man, bij zijn geboorte door zijn moeder verstoten om zijn lelijkheid, door zijn vader als debiel gedumpt in een gesticht. Opvoeders ontdekken in hem een autistisch kind met onvermoede capaciteiten en hij wordt later een vermaard wetenschappelijk onderzoeker. Om een reden die pas veel later duidelijk wordt, keert hij terug naar zijn dorp bij het drielandenpunt, in het gezelschap van drie identieke, misvormde baby’s die geen lang leven beschoren zijn. De dorpelingen maken zich allerlei voorstellingen over wat deze gesloten man met moederloze probleemkinderen over zichzelf te vertellen zou kunnen hebben.
In zijn eenkennigheid heeft Victor Hoppe nooit goed en kwaad leren nuanceren. Hij ziet de strenge en genadeloze oudtestamentische God als de bron van alle kwaad en identificeert zich meer en meer met Jezus, die om zijn overtuiging een groot offer moet brengen. In de aanloop daartoe blijkt hij bereid eerst zware offers van anderen te vragen. Op het einde van het boek breekt zijn waanzin open als een overrijpe vrucht, maar zonder dat iemand het weet bereikt hij toch zijn doel: hij kloont zichzelf. Met een perfide ambitie heeft Victor Hoppe zich in zijn scheppingsdrang en in zijn obsessie om blindelings het kwaad te bestrijden met God zelf gemeten.
In een knap uitgekiende structuur bouwt Stefan Brijs een boeiende roman over een eigentijds, controversieel thema uit tot een huiveringwekkende vertelling, zo geleidelijk dat de geloofwaardigheid nooit in het gedrang komt. In de beklijvende finale, waarin het drielandenpunt met de kruisweg dramatisch en symbolisch een bijzondere allure krijgt, vertoont De engelenmaker affiniteiten met de gothic novel, die graag de duistere krochten van de menselijke persoonlijkheid verkent en ook de gruwel niet schuwt. Daar blijkt dat achter het masker van een innemende huisarts een krankzinnige dokter met een infame obsessie schuil kan gaan.
In een bescheiden maar boeiende stijl en met een opvallende zorg voor het arrangement van treffende verhaalelementen sleept Brijs de lezer vanaf de eerste bladzijde mee. Via zijwegen door het verleden van het hoofdpersonage en langs verrassende wendingen in het sterke plot loodst hij hem naar de plek waar alle personages samenkomen en alle verhaalelementen vakkundig bijeengeknoopt worden.
Atlas
€ 19,90
ISBN 90 450 1384 3

Hans Münstermann
De bekoring

Juryrapport
De beloftes van een nieuwe tijd die op uitbreken staat en de onmogelijkheid daar deel aan te hebben, dat is de inzet van Hans Münstermanns roman De bekoring. De 'sixties' gloren aan de horizon, maar het katholieke zeven kinderen tellende gezin van de Duitser Joachim Klein en diens echtgenote Marianne Petersen leeft in alle opzichten nog in het knellende keurslijf van de naoorlogse wederopbouw. Ze zijn getrouwd op 10 mei 1940, een symbolische datum die als een schaduw over het huwelijk hangt. Andreas Klein is hun vierde kind en degene die later als schrijver de geschiedenis van het gezin te boek stelt. In De bekoring grijpt hij de sterfdag van zijn moeder aan om zijn herinneringen aan een jeugd in Amsterdam-Zuid te evoceren.
Alles in die jeugd draait om één dag, 16 juli 1960, toen de moeder man en kinderen verliet met de mededeling nooit meer te zullen terugkeren. Aan haar sterfbed probeert Andreas te reconstrueren wat zijn moeder tot haar 'verraad' aan man en kinderen heeft gedreven. Dat levert een verstikkend beeld op van een doorsnee vrouwenleven in de jaren vijftig. Nauwelijks bijgekomen van vijf jaar oorlog, fysiek uitgeput na zeven bevallingen, financieel afgeknepen en geterroriseerd door een gefrustreerde echtgenoot, hunkert moeder Marianne naar vrijheid.
Dat hunkeren mag niet. Ze wordt geacht gelukkig te zijn in haar door een tijdgenoot van Berlage speciaal voor de kleine burgerij ontworpen buurt. De geest van deze architect die het gezinsideaal van een vorig tijdperk belichaamt, wordt door Münstermann in een fijnzinnig literair spel tot leven gewekt. Hij volgt de moeder op haar vlucht met de bedoeling haar terug te voeren naar huis en haard. De compositie van De bekoring, een leven teruggebracht tot een vlucht die één dag in beslag neemt, is meesterlijk. Met louter literaire middelen - er komt geen politiek of maatschappijkritiek aan te pas - laat Münstermann ons de beschimmelde benauwenis van een op zijn eind lopend tijdperk voelen en ruiken. Vanuit het perspectief van het verlaten kind schetst hij in een fraaie, suggestieve stijl het wezen van een radeloze vrouw, een twintigste-eeuwse Madame Bovary.
Haar uitbraak loopt uit op een capitulatie, maar ze heeft de weg gebaand voor haar uiteindelijk begripvolle kinderen. Zij behoren tot de generatie 'babyboomers' die een paar jaar na Mariannes mislukte vlucht massaal een geslaagde uitbraakpoging zou ondernemen. Onnadrukkelijk, maar daardoor des te overtuigender schetst Münstermann in De bekoring de onvermijdelijkheid van die uitbraak waarmee in de jaren zestig van de vorige eeuw het leven in Nederland voorgoed veranderde.
Nieuw Amsterdam
€ 14,95
ISBN 90 468 0018

Joris Note
Hoe ik mijn horloge stuksloeg

Juryrapport
Hoe ik mijn horloge stuksloeg is het verhaal van een ontmoeting tussen twee buitenstaanders: een ex-leraar van middelbare leeftijd die in een crisis verkeert en op zoek is naar rust in een kloosterpaviljoen, en een kloosterzuster die bijna zijn tijdgenote is. Boris is ongelovig maar verloochent zijn christelijke verleden niet, al verfoeit hij het loodzware juk van blinde gehoorzaamheid en verlammend schuldbewustzijn.
In één van de mooiste hoofdstukken in het boek tekent Boris zichzelf als een door scrupules verminkte jongeman. Wat daar tot een neurotische en dwangmatige tic is verworden, is elders de koppige wil tot kritisch blijven denken, tegen de ideologische en economische “mind-forged manacles” (W. Blake) van deze tijd in. Boris, slechts één letter verschil met Joris, verloochent evenmin de marxistisch geïnspireerde kritiek van weleer. Zijn analytisch en polemisch spervuur richt hij op de taal van de media waaraan niemand ontsnapt. Sjabloon en cliché zijn de verstarde vormen van een “schaamteloze allestaal” waarmee Joris Note in een onophoudelijk gevecht is gewikkeld. Hij wil het eigene en het concrete in vruchtbaar verzet laten aansluiten bij de taal van de gemeenschap, want “de kwestie van collectiviteit is een kwestie van begrijpelijkheid.” Uiteindelijk is elke taal “rondom je” verkeerd, omdat ze “vervlot en versimpelt, verbloemt en afrondt”. Pas door een vrijgemaakte taal kan hij zichzelf zijn in een gemeenschap. Deze strijd kent geen afloop, schuift op naar de grens van wat nog net in proza kan gezegd worden.
Misschien is het geen toeval dat Joris Note uitgebreid stilstaat bij het leven en het werk van een schilder: de Franse anarchist Gustave Courbet, de provinciaal die “in Parijs (…) zijn rug had gekeerd naar Parijs”. Boris slaat per ongeluk een oud horloge stuk. De kleine gebeurtenis drukt het onbewuste verlangen uit om uit de tijd te stappen, weg van “de furor waarmee het wezenlijke zich uit de voeten maakt”, weg uit de mallemolen die ons tot slaven maakt en die ons van ons zelf vervreemdt. Maar het stukslaan van het horloge gebeurde per ongeluk. Het verzet is niet alleen een kwestie van willen. Het heeft te maken met een geduldige wijze van kijken, luisteren en lezen die dreigt verloren te gaan.
Deze confronterende roman van Joris Note is een furieus en serieus boek van belang: fragmentarisch en samenhangend, verhalend, polemisch en prikkelend.
De Bezige Bij
€ 19,90
ISBN 90 234 1945 6

Frits van Oostrom
Stemmen op schrift

Juryrapport
Een “exercitie in het niemandsland tussen essay en encyclopedie” noemt Van Oostrom zelf zijn studie Stemmen op schrift. En waar wij, vanuit literair oogpunt, vooral benieuwd zijn naar de essay-kant van zijn werkstuk is het toch die samensmelting van beide genres die dit boek ver doet uitsteken boven al het andere dat wij dit jaar aan creatieve non-fictie onder ogen kregen. Doorwrochte belezenheid gaat hier gepaard met flonkerende stijl, academische precisie met aanschouwelijkheid.
Van Oostroms onderwerp is de Nederlandse literatuur vanaf het begin tot 1300. De meeste lezers zal daarvan weinig meer bijstaan dan ‘Karel en de Elegast’ en ‘Vanden vos Reynaerde’, maar Van Oostrom brengt die hele dageraad van onze letteren tot nieuw leven, van de kleinste glossen in het begin tot de volledige kunstwerken aan het eind. Het is werkelijk wonderbaarlijk hoe hij daarbij het wetenschappelijk onderzoek naar zaken als oorsprong, vindplaats, traditie en functionaliteit van al die teksten en tekstjes in kaart brengt zonder een brave en dorre archivaris te worden. Integendeel, er gaat een spannende ontdekkingsreis langs oude en nieuwe inzichten in dit boek schuil, iets dat je alleen maar kunt verklaren vanuit de liefde van de schrijver voor zijn onderwerp, zijn imponerende kennis van zaken en vooral zijn meeslepende wijze van beschrijven. Hij laat zien hoe literaire gebeurtenissen zijn ingebed in hun tijd maar weet ook, zonder populistisch of anachronistisch te worden, duidelijk te maken dat Henric van Veldeke op een soort Poetry International van zijn tijd optrad en dat het verhaal van Walewein een soort mengsel van James Bond, Monthy Python en Rambo moet zijn geweest. “Wat een vreemde wereld – en wat lijken ze op ons” is het treffende motto van ‘Stemmen op schrift’.
Van Oostroms prachtige taalgebruik, zijn inlevingsvermogen en zijn humor maken van dit academische werk een tegelijk panoramisch en gedetailleerd leerboek, waar je voor je plezier in ronddoolt. Voor de niet gespecialiseerde lezer bij wie de middelbare schoolkennis wat is weggezakt, wordt er in één klap een prachtig, kleurrijk gebied aan onze letterkunde toegevoegd, een gebied waar je na het vroegste op schrift gestelde gestamel al gauw onze eerste romans ziet ontstaan en waar de mooiste liefdespoëzie opbloeit. Vanuit postmodernistisch standpunt lijkt soms de literatuurgeschiedenis te verbrokkeld om nog een synthese te verdragen, maar Van Oostrom demonstreert overtuigend dat het grote verband niet heeft afgedaan. Dit voorbeeldige boek is ouderwetse en moderne historieschrijving ineen.
Bert Bakker
€ 39,95
ISBN 90 351 2964 4

Dimitri Verhulst
De helaasheid der dingen

Juryrapport
Aanvankelijk lijkt De helaasheid der dingen van Dimitri Verhulst op een roman van de hilarische soort zoals die de laatste jaren wel vaker in Vlaanderen is verschenen. Nadat hun liefdesverhoudingen zijn mislukt keren de vader van de ongeveer dertienjarige verteller Dimitri Verhulst en drie van zijn `nonkels’ terug naar hun moeder en slijten hun dagen voornamelijk met stevig doorzuipen onder het motto `God schiep de dag en wij sleepten ons erdoorheen’. De meeste van de twaalf als zelfstandige verhalen te lezen hoofdstukken bezingen de vaak lachwekkende avonturen van deze asociale, fantasierijke zatlappen in het bij Aalst gelegen dorpje Reetveerdegem.
Verhulst onderscheidt zich in positieve zin van soortgelijke romans. Allereerst door zijn stijl, die naast beeldend vaak heel puntig is, en door zijn onstuimige vertelkracht. Maar daarnaast omdat hij meer wil dan een door mededogen getemperde absurdistische beschrijving van een armoedige, in dit geval zelfs smerige en toch liefdevolle dronkemansjeugd. De helaasheid der dingen gaat ook over het falen van vaders en over de kwetsende, woedend makende zelfgenoegzaamheid van de geslaagde maar saaie burgers. De naar zelfmoord neigende vader van de verteller wordt steeds aandoenlijker en tragischer in zijn stuntelige en vergeefse pogingen om van de drank af te komen. Zijn wil om toch een normale vader te zijn die bij sportwedstrijden langs de kant van het veld zijn zoon aanmoedigt, wordt hem fataal. Ook de zoon blijkt op het eind van het boek als ouder een fiasco, zij het van een andere orde. In tegenstelling tot zijn eigen vader houdt hij niet van het kind dat hij heeft verwekt. Hij doet zijn best de jongen als weekendvader goed op te voeden, “ik wil zijn atlas zijn”, maar daar blijft het bij en zijn zoon voelt dat maar al te goed.
Aan het einde van het boek blijkt dat de jonge Dimitri er met behulp van zijn grootmoeder in is geslaagd aan dit uitzichtloze leven te ontsnappen. Dankzij haar ingrijpen wordt hij uit huis geplaatst en dat is zijn redding, daardoor krijgt hij een opvoeding, een opleiding en de kans op wat geluk. Zodra hij als volwassene met zijn niet-gewenste vijfjarige zoon Joeri de kroeg bezoekt waar zijn ooms domicilie houden, schaamt hij zich uiteraard voor dit geluk: het is het geluk van de tegenpartij, van de mensen die hem weliswaar een reddingsboei hebben toegeworpen, maar die de rest van zijn familie verachten: “De Verhulsten zuipen. De Verhulsten vechten en bekruipen de ploerten van de gemeente. De Verhulsten profiteren en parasiteren.”
Het is geluk dat je ten deel valt als je – al heb je geen keus – overstapt naar de vijand. En zoals Dimitri Verhulst in deze door ingehouden woede beheerste roman overtuigend laat voelen, dan verlies je je thuis.
Contact
€ 18,90
ISBN 90 254 2773 1

Christiaan Weijts
ART. 285b

Juryrapport
ART. 285b is onmiskenbaar het meest ambitieuze Nederlandse romandebuut van de 21ste eeuw. Sterker: het is de eerste Nederlandse roman waarin een geslaagde poging wordt ondernomen die eenentwintigste eeuw, ingezet op 11 september 2001 gevolgd door de moord op Pim Fortuyn nog geen jaar later, te doorgronden. Beide gebeurtenissen drukken hun stempel op dit post 9/11-epos, waarvoor het begrip 'straatrumoer' tekort schiet. Er barst een maatschappelijke tsunami in los.
Als typerend voor de nieuwe tijdgeest kiest de begenadigde stilist Christiaan Weijts het recent ingevoerde wetsartikel 285b tegen belaging ofwel stalking. Zijn hoofdpersoon, de al even begenadigde pianist Sebastiaan Steijn, wordt ervan verdacht een stalker te zijn. Maar is hij dat ook? Misschien is deze 24-jarige romanticus gewoon de weg kwijt in een tijd waarin sprake is van een ‘Umwertung aller Werte’.
“Wat je ook van het derde millennium mocht denken, één ding was zeker: het zou het millennium zijn van de vrouw. Vrouwen en meisjes hebben mannen nergens meer voor nodig en voor het eerst worden ze – althans in de beschaafde wereld – ook nog eens bevoordeeld door de wet”, denkt de hoofdpersoon.
Sebastiaan kan niet kiezen tussen Victoria, een door de wol geverfd peepshowmeisje op de Amsterdamse wallen met wie hij geen seks mag hebben, en een gewillige pianoleerlinge van 15. Hij verliest beiden, maar probeert hen aan zich te binden door ze te bestoken met poëtische brieven en smachtende voicemail-berichten.
Victoria behandelt hem zoals door de eeuwen heen mannen vrouwen hebben behandeld. “Zo had ze hem de eerste keer bereden, zo gedroeg ze zich in financieel opzicht, zo stelde ze zich carrièretechnisch op, zo zou ze later zonder enige scrupules een strafrechtelijke vervolging tegen hem doen instellen.”
De tijden zijn definitief veranderd en niet alleen als gevolg van het feminisme en de gewijzigde sekseverhoudingen, maar ook door de politieke gebeurtenissen. Wat vóór 06-05-02 - de dag dat Pim Fortuyn werd vermoord en Sebastiaan Steijn voor de rechter moet verschijnen - nog onschuldig kon lijken, een woord, een brief, een taart in iemands gezicht, kan in de wereld die daarop volgt worden berecht. Hoe verwarrend die nieuwe wereld is, blijkt uit het rapport dat Sebastiaan van de reclassering moet schrijven en waarvan de veelvormige roman ART. 285b de weerslag vormt. Het is een klassieke raamvertelling waarin de obsessies van een op drift geraakte kunstenaar in een op drift geraakte samenleving breed worden uitgemeten.
Het resultaat is een flitsend totaaltheater over onze tijd, waarin, zoals de hoofdpersoon met zijn vernieuwende muziek beoogt, alle geluiden zijn vastgelegd in één stuk. Een complex taalkunstwerk dat met zijn intrigerende verwijzingen naar klassieke literatuur, muziekgeschiedenis en maatschappelijke gebeurtenissen, een rijke bron vormt om uit te putten bij het doorgronden van onze tijd.
De Arbeiderspers
€ 18,95
ISBN 90 295 6220 x


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 30.