kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Anton Koolhaas

Nederlands prozaschrijver, criticus, scenarist, journalist, cineast en dramaturg, geboren 16 november 1912 in Utrecht - Overleden 19 december 1992 in Amsterdam.

Anton Koolhaas werd vooral bekend om de verhalen waarin dieren een dominante rol spelen. Het varken Mijnheer Tip, de snoek Wampoei en de meeuw Tractaal zijn enkele karakteristieke hoofdrolspelers uit de bijna zestig verhalen over dieren die Koolhaas schreef. Koolhaas' dieren kunnen het best worden beschouwd als surrogaten voor de mens, als diergeworden mensen. Het dier is in staat zich te verbazen en te respecteren; de mens daarentegen kan alleen beheersen en vernietigen. Zoals ook later in zijn 'mensenverhalen' beschouwt de schrijver het lijfelijk leven als een sta-in-de-weg, als onvolledig en vooral als een voortdurende strijd tegen de eenzaamheid die verlamt en deformeert. Geestelijk en lichamelijk sterven zijn aan elkaar identiek. Het overleven na een harde klap is een centraal thema in het werk van Koolhaas.

Interessant verschil met dierenverhalen van andere schrijvers, is de manier waarop Koolhaas zich inleeft in zijn karakters en de gedragingen van dieren. Geen moeite was hem te veel om deze beschrijvingen zo getrouw mogelijk te doen. Zo heeft hij eens drie weken in een kippenhok in Normandië doorgebracht om het pluimvee goed te kunnen observeren. Koolhaas sinds 1969 (Ten koste van een hagedis) 'mensenverhalen' schrijft, spelen ook daarin dieren een niet onaanzienlijke rol. Diezelfde motieven komen erin aan de orde: "Al heel vroeg had ik een eigen thema: de dood in het leven; de liefde en de dood en de ondeelbaarheid van het leven." Ze kenmerken zich in stijl door de veelvuldig wisselende lokaties, die een grote levendigheid en een bijna filmisch karakter aan de romans verlenen. Ze hebben een prelogische sfeer die, gekoppeld aan een grote dosis humor en een markante stijl, tegelijkertijd distantie en deelneming bewerkstelligt. Het gebruik van luchtige symboliek tilt de gebeurtenissen boven zichzelf uit. Zijn personages zijn zonder uitzondering op zoek naar liefde in het lijden, leven in de nood en 'volledigheid' van zijn. Hij beschrijft hun wereld, de confrontatie met de eenzaamheid en het vaak harde, wrede lot dat hen treft. In die zin vormen ze een natuurlijke eenheid met de dierenverhalen. Anton Koolhaas is de vader van de architect Rem Koolhaas (* 1944).

Biografie
Anthonie (voor intimi Tom) Koolhaas was de jongste in een gezin van vier kinderen. Zijn vader Teunis Koolhaas kwam van het platteland van Noord-Holland en had gevaren bij de marinestoomvaartdienst. Later werd hij inspecteur bij de Rijksmunt en directeur van een avondschool voor scheepswerktuigkundigen. Deze strenge man schonk Tom weinig zelfvertrouwen en later, toen deze studeerde en succes had met het studententoneel, vertaalde de vader zijn wantrouwen in verbazing dat zijn zoon zóiets tot stand wist te brengen. Met zijn moeder had de jonge Koolhaas evenmin contact. Zij werd gegeseld door panische angsten en stond nauwelijks voor hem open. Zij stierf op vrij jonge leeftijd aan een longontsteking die indirect het gevolg was van haar angsten: bevreesd voor een telefoontje had ze de hele nacht in een tochtige hall doorgebracht en dat werd haar te veel. Zijn oudste broer was twaalf jaar, zijn zuster tien jaar ouder, en ook met de slechts twee jaar oudere broer had Koolhaas als jongen nauwelijks omgang. ‘Ik was thuis een buitenbeentje’, zei hij eens, ‘ik was wel gedwongen om in een fantasiewereld te kruipen. Als ik zondagsmiddags alleen thuis in de salon aan tafel zat, heb ik mij vaak waanzinnig gelukkig gevoeld met mijn eigen wereld.’ Als kind al observeerde hij de dingen om zich heen met bijzondere aandacht. Daarin vond hij de kracht om de werkelijkheid naar zijn hand te zetten. Met zijn broer Rem en een vriendje speelde hij als zevenjarige in een zelfgeschreven toneelstukje, zich aldus, naar zijn zeggen, een omgeving scheppend voor zijn emoties. Koolhaas enige tijd aan de Universiteit in Utrecht. Hij was lid van de Utrechtse studentenvereniging Unitas waar hij een vriendenkring vormde met Albert Alberts en Leo Vroman. Samen met hen zette Koolhaas het Utrechts Studententoneel op.

Enkele van zijn verhalen werden voor het eerst geplaatst door de nrc in 1936. Tot 1945 was hij redacteur buitenland bij de Nieuwe Rotterdamsche Courant. Een onbereikbare eenling vonden ze hem daar, nu eens vol spotlust en dan weer ver weg met zijn gedachten, maar altijd werklustig.

1 November 1940 trouwde hij met Selinde 'Lind' Pietertje Roosenburg (geb. 1920). Uit dit huwelijk werden 2 zoons en 1 dochter geboren.

Na de oorlog werd Anton Koolhaas film- en toneelrecensent bij De Groene Amsterdammer.

Van 1952 tot 1955 werkte hij in Jakarta voor de Stichting Culturele Samenwerking. Na zijn terugkeer in Nederland werd hij adviseur bij Polygoon Profilty en toneelrecensent bij Vrij Nederland.

Anton debuteerde in 1956 met de bundel dierenverhalen Poging tot instinct. Zoals in veel van zijn verhalen spelen dieren de hoofdrol. Hij gebruikte dieren om de ondeugden en sociale misstanden in de mensenwereld weer te geven. In Poging tot instinct hebben mensen nauwelijks een eigen identiteit en worden vrijwel uitsluitend geschilderd als de doder van het dier.

Vergeet niet de leeuwen te aaien (1957)

Voor de verhalen van Er zit geen spek in de val (1958) werd in 1959 de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde toegekend.

In 1958 werd hij benoemd als docent scenarioschrijven aan de pas opgerichte Amsterdamse Filmacademie, waarvan hij in 1968 directeur zou worden.

Voor "Gekke witte" (1959) ontving hij de Novelleprijs van de gemeente Amsterdam.

1961 - Prozaprijs van de gemeente Amsterdam voor Gekke witte

Al geruime tijd schrijft Koolhaas toneelkritieken. Ook schreef hij zelf toneelstukken: Niet doen, Sneeuwwitje (1966) en Noach (1970).

Van 1968 tot '78 was hij als directeur verbonden aan de Filmacademie.

1972 - Vijverbergprijs voor Blaffen zonder onraad
1973 - Tollens-prijs voor zijn gehele oeuvre
1974 - Multatuliprijs voor Vanwege een tere huid

Een aantal van zijn romans werd door Bert Haanstra met wisselend succes verfilmd: De nagel achter het behang (1973) (als Dokter Pulder zaait papavers, 1975) en Een pak slaag (1978). Koolhaas werkte mee aan scenario's van enkele van Haanstra's meest succesvolle documentaires en speelfilms (Bij de beesten af, Alleman en De stem van het water).

In 1985 werd Anton Koolhaas getroffen door een hersenbloeding.

1989 - Frans Erensprijs voor zijn gehele oeuvre
1989 - Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre

1992 - P.C. Hooftprijs voor zijn gehele oeuvre
Anton Koolhaas ontvangt in het Letterkundig Museum in Den Haag de P.C. Hooftprijs 1992. De prijs bedraagt in dit jaar voor het eerst 75.000 gulden. Daarnaast krijgt Koolhaas 50.000 gulden om zijn werk te laten vertalen. Juryvoorzitter Kees fens prees de 79-jarige schrijver voor zijn oorspronkelijk woordgebruik.

Tot kort voor zijn dood schreef hij balletrecensies voor Vrij Nederland.

Werken:
De deur (1933, toneel)
Stiemer en Stalma (1939), stripverh. met tekeningen van L. Vroman;
Poging tot instinct (1956)
Vergeet niet de leeuwen te aaien (1957, verhaal)
Er zit geen spek in de val (1958)
Gekke Witte (1959), nov.;
Een gat in het plafond (1960), nov.;
Weg met de vlinders (1961), nov.;
Een schot in de lucht (1962, verhaal;
Een pak slaag (1963), r.;
Een geur van heiligheid (1964), nov.;
De hond in het lege huis (1964), nov.;
Niet doen, Sneeuwwitje (1966, toneel)
Vleugels voor een rat (1967), verh.;
Andermans huid (1968), nov.;
Ten koste van een hagedis (1969), verhaal;
Corsetten voor een libel (1970), novelle;
Mijn vader inspecteerde iedere avond de Nijl (1970), nov.;
Noach (1970, toneel)
De nagel achter het behang (1971), r.;
Blaffen zonder onraad (1972), r.;
Vanwege een tere huid (1973), r.;
Een punaise in de voet (1974), r.;
De geluiden van de eerste dag (1975), r.;
Tot waar zal ik je brengen? (1976), r.;
De laatste goendroen (1977), r.;
Een kind in de toren (1977), r.;
Nieuwe maan (1978), r.;
Raadpleeg de meerval (1980), nov.;
Een aanzienlijke vertraging (1981), r.
Rossignol is nachtegaal (1981, Poëzie).
Liefdes tredmolen en andere dierenverhalen (1985)
Alle dierenverhalen (1990)

Websites: www.dbnl.org, www.inghist.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 779.