kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Cees Nooteboom

Cees nooteboom

Nederlands schrijver, geboren op 31 Juli 1933 in 's-Gravenhage.

Cees nooteboom is, onder meer met zijn reisverhalen, een van de meest vertaalde en gelezen Nederlandse schrijvers van na de Tweede Wereldoorlog.

Nootebooms werk houdt zich bezig met de spanning tussen de oneindigheid in ontwerpen omtrent de zin van het leven en het onberekenbare, vormloze, uiteindelijk door eindigheid bepaalde leven zelf.

Nooteboom schreef daarnaast tal van literaire reisreportages, een genre dat hij tot literatuur verhief in het Nederlandse taalgebied. Als literaire reiziger profileert hij zich als dè Europese auteur bij uitstek, met een bijzondere liefde voor Spanje en een grote verwantschap met het Duitse taalgebied.

Zijn 'gesloten', 'zwarte', 'koude', 'gemaakte' gedichten zijn open en dicht, helder en duister, ijzig en vurig tegelijkertijd. Ook in zijn gedichten toont Nooteboom een bijna obsessieve voorkeur voor de tijd. De dood is een belangrijk thema in zijn gedichten. De dood wordt beschreven aan de hand van het verglijden van de tijd, de wisseling der seizoenen, en de korte cyclus van een dag.

Biografie
Cornelis Johannes Jacobus Maria nooteboom werd geboren in 1933 in Den Haag.

Zijn vader verliet in 1943, toen Cees tien was, het gezin voor het kindermeisje. Twee jaar later, in 1945, kwam de vader om bij een Engels bombardement op Den Haag.

Na de oorlog verbleef Cees een paar maanden bij ooms en tantes en in 1946 trok hij weer bij zijn moeder in.

In 1947 hertrouwde zijn moeder met een streng katholieke man. Door hem werd Cees naar kloosterscholen in het katholieke zuiden van Nederland gestuurd, maar op geen enkele hield hij het lang uit. Van elke school werd hij na een tijdje weggestuurd, omdat hij een slechte invloed op de andere leerlingen zou hebben.

Toch wist hij toen al dat hij schrijver wilde worden. Hij las veel en had door zijn tijd op de kloosterscholen de klassieken leren waarderen.

Nooteboom bezocht het gymnasium in Venray en Eindhoven.

Op zijn zeventiende werden de problemen met zijn strenge stiefvader zo groot, dat Cees in 1951 te Hilversum op zichzelf ging wonen waar hij werkte bij een bank in Hilversum nadat hij werd afgekeurd voor militaire dienst, omdat hij te mager was . In de avonduren maakte hij zijn gymnasiumopleiding af.

Na zijn examen wijdde hij zich aan de literatuur en begon als literair journalist voor verschillende kranten te werken.

In 1953 begon Cees Nooteboom door Europa te zwerven. Hij vertrok al liftend naar het zuiden, richting Parijs. Hij rekende erop dat Simon Vinkenoog, die bij de Unesco in Parijs werkte, wel een baantje voor hem wist.

In Parijs aangekomen, leerde hij in een jeugdherberg de fotograaf Philip Mechanicus kennen. De dagen van Cees werden overdag gevuld met werken in de kantines van de Unesco en zijn vrije tijd bracht hij in gezelschap van Philip Mechanicus door, pratend, feestend en schrijvend. Aan het eind van de zomer in 1953 trokken Nooteboom en Mechanicus al liftend verder naar het zuiden en kwamen terecht op een eilandje voor de kust van Cannes. Toen het geld op was, liftten de twee weer terug naar Nederland, waarbij ze onderweg op de meest onmogelijke plekken de nacht doorbrachten. Na terugkomst in Nederland verwerkte Cees zijn reiservaringen in zijn debuutroman 'Philip en de anderen'. De naam Philip had hij geleend van zijn reisgezel Philip Mechanicus.

Zijn romandebuut 'Philip en de anderen' (1955) werd goed ontvangen door zowel publiek als kritiek. In deze roman, die werd bekroond met de Anne Frankprijs, het weemoedige verslag van de tocht die een adolescent maakt door Frankrijk.
Al in zijn eerste werk 'Philip en de anderen', dat de reis van een jeugdige outsider als een speurtocht naar identiteit schildert, botsen subjectieve verwachtingen en wensen steeds weer op de feiten die het leven beheersen. Hieruit volgt, dat een verzoening van deze tegenstellingen, alleen mogelijk is in een eenheid van elkaar tegensprekende gegevens.

Ondanks dit succes kon Nooteboom hier niet van leven, evenmin als van de gedichten die hij schreef, en hij werd copywriter bij een reclamebureau. Daarnaast verdiende hij bij door reisreportages te schrijven voor het weekblad Elsevier.

Van 1961 tot 1968 was hij redacteur bij de Volkskrant.

De roman 'De ridder is gestorven' (1963) is eveneens een zoektocht naar een verloren identiteit.
De hoofdpersoon in het boek voltooit een boek van een overleden collega, een boek dat zelf gaat over een man die een boek van een overleden collega voltooit. Schrijver, verteller, hoofdpersoon en lezer worden op die manier steeds in dubbelzinnige, verwarrende relaties ten opzichte van elkaar geplaatst.

Met het verschijnen van de bundel 'Gesloten gedichten' in 1964 verlegt Nooteboom het thema meer en meer naar de verhouding van de dichter tot de taal, en naar de onmogelijkheid in taal uit te drukken wat en wie de dichter is.

'Een nacht in Tunesië' (1965, reisverhaal).

Sedert 1967 is hij reisredacteur bij ‘Avenue'. Samen met de fotograaf Eddy Posthuma de Boer, en soms met zijn toenmalige vriendin Liesbeth List, reisde hij de hele wereld af. Zijn werk voor Avenue stelde hem in staat zijn doel te bereiken: reisverhalenschrijver worden. In 1977 verzorgt hij in Avenue ook de poëzierubriek.

Deze periode duurde tot 1980, toen pas durfde hij het weer aan een gewone roman te schrijven.

Het verst voert nooteboom zijn complex van thema's in de roman 'Rituelen' (1980). 'Rituelen' werd bekroond met de F. Bordewijkprijs 1981 en de Amerikaanse Pegasusprijs 1982. Het verhaal werd in 1989 verfilmd.
Met een bewust ironische afstand worden aan de hand van enkele goed uitgekozen figuren verschillende pogingen beschreven om door een geritualiseerde levenswijze te ontkomen aan de absurditeiten van het bestaan. Maar het verlangen naar absoluutheid dat al die rituelen kenmerkt, wordt gerelativeerd doordat Zijn en leven uiteindelijk niet gestructureerd kunnen worden.

Met dit boek kreeg Nooteboom eindelijk in brede kring erkenning en kregen de lezers belangstelling voor zijn ook eerdere werk. Het bleek ook een opmaat voor een enorme produktie van boeken van Nooteboom in de jaren erna, naast nieuwe romans uiteraard ook veel bundels met reisverhalen en gedichten.

De postmoderne thematiek van het verdwijnen van de grens tussen werkelijkheid en fictie ligt eveneens aan de basis van de bekende novelle 'Een lied van schijn en wezen' (1981).

'In Nederland' (1984) werd bekroond met de Multatuliprijs.

Cees Nooteboom schreef het boekenweekgeschenk van 1991: 'Het volgende verhaal'.

'De omweg naar Santiago' (1992 reisverhaal).

In 1992 werd Nooteboom bekroond met de Constantijn Huygensprijs.

In 1993 ontving hij voor zijn oeuvre de Europese Literatuurprijs.

In 1998 werd hem een eredoctoraat verleend door de Katholieke Universiteit van Brussel.

Op dit moment leeft Nooteboom als het ware uit de koffer. Hij reist de hele wereld af om lezingen te geven, literaire evenementen bij te wonen, speeches te houden.

Nooteboom woont in Amsterdam; de zomer brengt hij meestal door op Menorca; en zijn derde verblijfplaats is Berlijn. Cees Nooteboom heeft verschillende relaties gehad. Eerst was hij getrouwd met Frances Diana Lichtveld. Daarna heeft hij een relatie met Liesbeth List gehad voor wie hij ook songteksten schreef. Zijn huidige partner is Simone Sassen.

Zie ook:
Interview


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 617.