kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Cyriel Buysse

Cyriel Buysse 1859-1932

Belgisch-Vlaamse naturalistisch proza en toneelschrijver. Zijn voorbeelden waren de Franse schrijvers Emile Zola en Guy de Maupassant.

Cyrillus Gustave Emile Buysse is 20 september 1859 te Nevele bij Gent geboren en overleed 25 juli 1932 te Afsnee.

Cyriel Buysse schilderde geen zachtaardige boeren en beminnelijke boerinnen als Conscience; hij tekende ze ‘met een onthutsende waarachtigheid’. Zijn werken zijn ‘het volledigste open-luchtmuseum’ van Vlaanderen. Zijn Vlaanderen is nog altijd het Arm Vlaanderen van Teirlinck en Stijns en van De Winne: ‘het land met de rijke grond en de schamele gezichten’. In zijn werk is de sociale nood van Vlaanderen; de maatschappelijke toestanden blijken duidelijk in zijn romans en in zijn boerentoneelstuk Het Gezin van Paemel.

In de literatuurgeschiedenis staat hij bekend als de auteur die het naturalisme in Vlaanderen introduceerde, maar een groot deel van zijn omvangrijke oeuvre is realistisch, niet naturalistisch. Een andere eenzijdige voorstelling is dat hij een schrijver is van ‘boerenromans’. Buysse heeft zijn romans en verhalen echter gesitueerd in zeer diverse milieus, maar in hoofdzaak in de gegoede burgerij op het platteland. Virginie Loveling, de zusters van zijn moeder.

In 1871 ging hij naar de Rijksmiddelbare jongensschool in Gent.
Van 1873 tot 1875 ging hij naar de 'cinquième professionelle' van het Gents ateneum.

Na de middelbare school in Gent ging Cyriel Buysse werken in de cichoreifabriek van zijn vader.

Cyriel Buysse begon pas op 26-jarige leeftijd op aanraden van zijn tante en schrijfster Virginie Loveling met schrijven.
Buysse schreef samen met Virginie Loveling onder het pseudoniem Louis Bonheyden.

Het oudste werk dat van hem bekend is zijn parodiërende 'Verslagen over den Gemeenteraad van Nevele', die hij in 1885 in zijn omgeving verspreidde.
In oktober 1885 verschijnt (anoniem) zijn eerste werk in het 'Volksbelang': 'Het Erfdeel van Onkel Baptiste'.
In 1886 publiceerde hij in 'Het Nederlands Museum' het verhaal 'Broeder en Zuster'.

Hij maakte enkele zakenreizen naar Amerika (1886, 1891, 1892 en 1893). Wellicht is hij van plan geweest te emigreren.

In 1890 begon hij met De Biezenstekker, opgenomen in de Nw. Gids.

1893 Medeoprichter van Van Nu en Straks.
Zijn relaties met het avant-garde-tijdschrift Van Nu en Straks, waarvan hij redacteur was, werden na de eerste jaargang (1893-1894) verbroken doordat hij niet in staat was de financiële bijdrage te leveren die de opgelopen schulden moest delgen. Aan de Nieuwe reeks ( 1896-1901) heeft hij niet meer bijgedragen. Ook was Cyriel Buysse uit de school van het Franse naturalisme, zodat hij niet veel voelde voor de Vlaamse Beweging.
De relaties met de Vlaamse literaire vrienden in de groep rond August Vermeylen werden ook fel bekoeld nadat hij zich in De Amsterdammer van 17 januari 1897 fel afwijzend had uitgelaten over het flamingantisme en (sommige) flaminganten.

Zijn eerste roman Het Recht van den Sterkste, 1893, toonde de invloed van Zola; reeds daarin toont hij zich de grote naturalistische verteller van het landleven. 'Het recht van de sterkste' was al in 1891 klaar, maar werd pas uitgegeven in 1893, na bemiddeling door Willem Kloos. Men vond dat er in het boek 'gewilde grofheden en vuiligheden' voorkwamen. Buysse weerlegde dit door te zeggen dat hij alleen de waarheid had opgeschreven. Mede hierdoor is zijn werk lang verboden geweest in katholieke bibliotheken en op katholieke scholen.

"De biezenstekker" (1894).

Als jonge schrijver maakte Buysse deel uit van de Franstalige Gentse vriendenkring van het tijdschrift Le Réveil, waarin hij in 1895 een drietal ‘petits contes’ liet verschijnen. In die periode leerde hij ook Maurice Materlinck kennen, met wie hij voor de rest van zijn leven bevriend zou blijven.

1 oktober 1896 trad hij in het huwelijk met de Nederlandse Nelly Dyserinck. Zij was weduwe en had drie dochters. Op 28-08-1889 werd hun zoon René Cyriel geboren. Ze woonden in Den Haag.

Naast meer dan 20 romans schreef Cyriel Buysse tussen 1895 en 1921 een aantal toneelwerken: "De plaatsvervangende vrederechter" (1895), "Driekoningenavond" (1899), "Maria" (1900), "Het gezin van Paemel" (1903), "De landverhuizers" (1904), "De sociale misdaad" (1904), "Het recht" (1908) en "Jan Bron" (1921).

In de 'Amsterdammer' van 17-01-1897 liet Cyriel Buysse zich laatdunkend uit over de flaminganten en de Vlaamse literatuur. Dit werd hem in Vlaanderen niet in dank afgenomen, het leidde o.a. tot een breuk met 'Van nu en straks'. Buysse zwakte zijn verhaal later wat af, door te verklaren dat hij het vooral over de leden van de Vlaamse Academie had gehad.

In 1899 werd Cyriel Buysse lid van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde in Leiden.

Vanaf 1900 woonde het gezin in de lente en de zomer in Vlaanderen. Ze huurden een klein landgoed in Afsnee aan de Leie (in de buurt van Gent).

Het werk van Buysse werd minder pessimistisch van toon en een wat ironische inslag.

Door Maurice Maeterlinck werd hij 'onze Maupassant' genoemd.

Groot Nederland
In 1903 stichtte hij met Louis Couperus en Willem Gerard van Nouhuys in Den Haag Groot Nederland op.
In 'Groot Nederland' gebruikte Cyriel Buysse het pseudoniem Prosper van Hove. De roman 'Levensleer' (1911) verscheen eerst in 'Groot Nederland'.

'Het leven van Rozeke van Daelen' (1906) wordt gezien als zijn beste werk.

In 1911 gaf 'De Boomgaard' een speciaal Buysse-nummer uit.

In 1915 was hij kort redacteur van 'De Vlaamsche Stem.

Driejaarlijkse Staatsprijs voor de Vlaamse letterkunde 1917.

Van 1917 tot 1919 werkt Cyriel Buysse mee aan 'De Haagsche Post'.

In 1930 werd Cyriel Buysse lid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde.

Cyriel Buysse overleed in juli 1932 in Afsnee ten gevolge van een beroerte. Hij was de laatste tijd ziekelijk: spieraandoeningen en aderverkalking. 29-07-1932 werd begraven op de Westerbegraafplaats in Gent (graf 332-R), naast (zijn tante) Virginie Loveling.

Enkele dagen voor zijn dood kreeg hij de titel baron. Hij was kommandeur in de Leopoldsorde, kommandeur in de Kroonorde, ridder on de orde van Oranje Nassau.

'Het gezin Van Paemel' werd in 1986 verfilmd door Paul Cammermans.

Websites: www.dbnl.org, bi(bli)ografie op www.schrijversinfo.nl, archive.ugent.be, www.degrootstebelg.be


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 49.