kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Elckerlijc

(Den spyeghel der salicheyt van) Elckerlijc

De dood jaagt op Elckerlijc.

15e-eeuwse Nederlandse moraliteit of zinnespel 1475-1480, auteur onbekend, Brabant of Vlaanderen.

Het allegorische toneelstuk dat we kennen als Elckerlijc of Elckerlyc, heet eigenlijk Den spyeghel der salicheyt van Elckerlijc - Hoe dat elckerlijc mensche wert ghedaecht Gode rekeninghe te doen. In deze moraliteit van nog geen 900 versregels, met als spelers geen mensen maar personificaties als Gezelschap, Kennis, Schoonheid en Deugd, en met God als eerste spreker, wordt de Dood uitgestuurd om Elckerlijc (Iedereen) ter verantwoording te roepen.

Petrus Dorlandus
Elckerlijc komt uit Brabant en wordt toegeschreven aan de kartuizer Petrus Dorlandus (ook Petrus Dorlant of Dorlandus van Diest, Diesthemius en Van Doorland) (1454 Waalhoven bij Velp - 25 augustus 1507 Diest), Zuidnederlands prozaschrijver, vicarius van het klooster te Zelem bij Diest. Hij schreef de Corona Cartusiana, een geschiedenis van de Karthuizer orde tot 1468 en de Historie van S. Anna (1501). Sommige letterkundigen identificeerden hem als de Peter van Diest (Petrus Diesthemius) die in een 16de-eeuwse Latijnse bewerking van de tekst als schrijver wordt genoemd.

Elckerlijk was in de middeleeuwen een bijzonder populair en succesvol theaterstuk. Het stuk won de eerste prijs bij een bijeenkomst van Brabantse Rederijkerskamers.

In elckerlijc wordt de mens geroepen om de dood onder ogen te zien. De opdracht van waaruit de schrijver van dit rederijkersspel ging werken was de zin: 'Hoe dat elckerlijc mensche wert ghedaecht Gode rekeninghe te doen' (hoe iedereen voor God wordt geroepen om rekening af te leggen). Omdat er een zin als deze aan Elckerlijc ten grondslag ligt spreekt men ook wel van ‘Sinnespelen’. Maar meestal duiden we Elckerlijc aan met de term moraliteit. (Er zit een religieuze moraal in).

Het verhaal vertelt over hoe een mens zalig kan worden, dat wil zeggen hoe hij zich zo moet voorbereiden op de dood dat hij toegang krijgt tot de hemel. Het is een veelvoorkomend thema in de late Middeleeuwen en het speelt in de literatuur van die tijd een grote rol. Wie goed wil sterven en de hemel wil binnengaan, kan niet vertrouwen op geld of bezit, maar heeft een zuiver geweten nodig. Om dit te bereiken is het nodig om te biechten bij een priester en de laatste sacramenten te ontvangen. Er bestaan zelfs speciale boekjes met lessen om zalig te sterven.
In de Elckerlijc wordt deze les verteld in de vorm van een rederijkers-toneelstuk. Het is een allegorisch spel, dat wil zeggen dat de personages abstracte begrippen belichamen. De hoofdpersoon heeft geen alledaagse naam, maar heet Elckerlijc en zijn vrienden heten Gheselscap. Door dit literaire middel is het ook mogelijk om menselijke eigenschappen op het toneel te zetten, zoals Duecht of Kennisse. De schrijver maakt ons daarmee duidelijk dat hij niet zomaar een verhaal vertelt, maar iets te melden heeft dat alle mensen aangaat. Toch zullen de kijkers deze allegorische personages ook als gewone mensen hebben herkend. Het gaat tenslotte om een toneelstuk, en de personages moeten dus zijn uitgebeeld door mensen van vlees en bloed. Zo zal Elckerlijc er waarschijnlijk hebben uitgezien als een rijke koopman terwijl de dood misschien wel een kostuum droeg waarop een skelet was geschilderd!

Het verhaal
Vanuit de hemel ziet God dat de mensen zondig leven. Hij roept de Dood bij zich: Elckerlijc (Iedereen) moet verantwoording afleggen over zijn leven. De Dood gaat naar Elckerlijc en zegt hem dat hij een pelgrimstocht moet maken (dat wil hier zeggen: zal sterven).

Elckerlijc probeert nog zonder succes de Dood om te kopen. Zonder uitstel moet hij op reis. Wel mag hij reisgenoten meenemen. Elckerlijc vraagt Gheselscap, Maghe, Neve (vrienden en familie) en Tgoet (Bezit) mee op reis, maar zo gauw ze door hebben wat de ware bestemming is, haken ze af. Dan ontmoet Elckerlijc De Doecht (Deugdzaamheid) maar hij is te zwak.
Kennise (Zelfkennis), de zuster van Doecht, brengt Elckerlijc nu bij Biechte, en nadat hij boete heeft gedaan is Doecht weer aangesterkt. Nu vergezellen ook Scoenheit, Vroescap (Wijsheid), Cracht en Vijf Sinnen (Zintuigen) Elckerlijc op zijn tocht. Deze stelt zijn testament op en gaat naar een priester om de laatste sacramenten te ontvangen.
Als hij ten slotte bij het graf aankomt laten alle reisgenoten Elckerlijc in de steek, met uitzondering van Doecht, die tot in de dood meegaat en hem zal aankondigen bij God.
Een engel brengt de ziel van Elckerlijc naar de hemel.
In de epiloog volgt de moraal: laten we bidden dat iedereen zonder zonden voor God verschijnt.

De middelnederlandse tekst van Elckerlijc (editie Van Elslander 1985): Engeland opdook en de Duitse bewerking Jedermann uit 1911 door Hugo von Hofmannsthal.

Websites: www.kb.nl, www.literatuurgeschiedenis.nl, www.heuvelrugkerken.nl


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 38.