kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 24-01-2016 voor het laatst bewerkt.

Esperanto

Esperanto is een internationale kunsttaal ontworpen door Lejzer Zamenhof, die in 1887 onder het pseudoniem Dr. Esperanto - "iemand die hoopt" - het eerste boekje over de taal publiceerde. Van dit pseudoniem is ook de naam van de taal afkomstig. Esperanto is ongetwijfeld van alle internationale hulptalen de succesvolste.

Ludovich Zamenhof
De kunsttaal Esperanto is samengesteld door Ludovich Zamenhof. Ludwik Lejzer Zamenhof (Białystok, 15 december 1859 – Warschau, 14 april 1917) was een Joods-Litouwse (Poolse) oogarts, polyglot en filoloog maar werd vooral bekend als bedenker van de Internationale hulptaal Esperanto. Hij was de zoon van Mordechai Mark Zamenhof en Rozalia Zofer. Zijn moedertalen waren Russisch, Jiddisch en Pools (volgens biografen A. Zakrzewski, E. Wiesenfeld) maar hij sprak ook vloeiend Duits. Later leerde hij Frans, Latijn, Grieks, Hebreeuws en Engels, hij had ook interesse in Italiaans, Spaans en Litouws.

De situatie in de stad waar Zamenhof zijn jeugd doorbracht is feitelijk de oorzaak geweest van het ontstaan van Esperanto. Wat was namelijk het geval? Zamenhofs geboorteplaats Białystok ligt in het noordoosten van Polen. Het oostelijke deel van Polen stond in die jaren onder Russisch gezag. Er woonden Polen, Russen, joden en Duitsers in Białystok. Ze spraken elk een eigen taal, wat vaak tot onenigheid en zelfs tot straatgevechten leidde. Als kind reeds filosofeerde Zamenhof over een oplossing voor dit probleem. Zijn conclusie was dat er naast die verschillende talen nog een extra taal zou moeten zijn die alle mensen zouden kunnen spreken.

De taal
De taal is speciaal ontworpen om mensen uit verschillende culturen met elkaar te laten communiceren. Esperanto wordt al ruim 125 jaar praktisch toegepast en heeft in die tijd een eigen literatuur en een eigen identiteit kunnen ontwikkelen, en is van een 'project' een volwaardige taal geworden, waarin alle nuances van het menselijk denken kunnen worden uitgedrukt.

Het Esperanto behoort niet toe aan een bepaald land of volk, al zijn er wel mensen die het Esperanto als moedertaal hebben. Daardoor worden niet enkele culturen bevoordeeld ten koste van alle andere, integendeel, bedreigde talen kunnen door het Esperanto beschermd worden en dus niet verdrongen door natuurlijke talen. Het gevolg hiervan is dat men met elkaar kan spreken op een voet van gelijkheid aangezien het voor ieder een vreemde taal is. Het vervult een brugfunctie tussen verschillende culturen.

Esperanto heeft een eenvoudige grammatica met grote regelmatigheid. Met enkele basiselementen kan men een groot aantal nieuwe woorden vormen. Hierdoor en dankzij het internationale karakter van de woordenschat is Esperanto gemakkelijker te leren dan veel andere talen.

Esperanto is een plantaal en is als zodanig niet verwant aan andere talen, maar bevat wel elementen die aan natuurlijke talen ontleend zijn. De klanken en woordenschat zijn gebaseerd op de westerse Indo-Europese talen. De klanken zijn voornamelijk Slavisch, terwijl de woordenschat voornamelijk is geïnspireerd door de Romaanse talen (60%), en in mindere mate door de Germaanse talen (30%), heel weinig door de Slavische talen (5%) en nog door overige talen zoals Grieks, Japans (5%) enz. De grammatica is niet op bestaande talen gebaseerd, maar schematisch opgezet.

Wat betreft typologie: De aanbevolen woordvolgorde is standaard Onderwerp-Werkwoord-Lijdend voorwerp, maar een andere volgorde is toegestaan. Veel woorden worden uit andere woorden afgeleid door het gebruik van voor- en achtervoegsels. Net als in het Nederlands worden in het Esperanto veel voorzetsels gebruikt.

Door een Duitse taalkundige is de taal omschreven als "qua woordenschat voornamelijk Romaans, morfologisch zeer agglutinerend en tot op zekere hoogte isolerend". Een agglutinerende taal is een taal die suffixen losjes aan een stam kan toevoegen, in plaats van het woord te verbuigen zoals een flecterende taal. Dat blijkt uit een woord als patrinojn "moeders (acc.)", opgebouwd uit patr- "vader", -in- "infix voor de vrouwelijke pendant", -o "suffix voor een zelfstandig naamwoord", -j "suffix voor het meervoud" en -n "suffix voor de accusatief".

De eerste publicatie
1878 Het ontwerp van die eerste versie, lingwe uniwersala, is voltooid. Feestje om dit te vieren met klasgenoten die de taal hadden geleerd. Naar Moskou voor een studie medicijnen. Nadat Zamenhof zijn doctorstitel in de medicijnen had behaald, ging hij zich specialiseren in de oogheelkunde.
Geld om een boek uit te geven bezat hij in die jaren niet. Daarin kwam verandering toen hij Klara Silbernik, zijn toekomstige vrouw, leerde kennen. Haar vader was een zeepfabrikant die geïnteresseerd bleek in de ideeën van zijn toekomstige schoonzoon. Hij gaf zijn dochter een aardige bruidsschat mee, waardoor Zamenhof nog in het jaar van zijn huwelijk (1887) een boekje kon uitgeven ter kennismaking met de door hem ontworpen taal, die hij nu de naam Internacia Lingvo gaf. Als pseudoniem gebruikte Zamenhof: 'D-ro Esperanto'. D-ro is de afkorting voor 'Doktoro' en Esperanto betekent: 'Hij die hoopt'. Later gaven zijn volgelingen de naam Esperanto aan zijn taal. Het boekje, waarvan de eerste druk in het Russisch werd geschreven (maar binnen een paar jaar verschenen er ook Poolse, Duitse en Franse uitgaven), werd toegestuurd aan een aantal journalisten, professoren en artsen in verschillende landen om bekendheid te geven aan het ontwerp.

Websites:
. GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Esperanto.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 2158.