kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Henric van Veldeke

Zelfportret Hendrik van Veldeke, miniatuur uit de beroemde Codex Manesse

(of Heinric van Veldeke), (oudste bekende) Nederlandse dichter uit de 12e eeuw (1128? te Veldeke, overleden 1190?). Hendrik van Veldeke is de eerste Nederlandse schrijver die we bij naam kennen.

Onzeker is het, of hij te Veldeke bij Maastricht dan wel te Veldeke tussen Hasselt en Diest geboren werd; onzeker ook of hij van adel was. Ook wanneer hij stierf is onbekend; Gotfrid von Straszburg spreekt in 1210 in zijn Tristan over hem als over een overleden voorganger.

Zijn werk wordt zowel tot de Duitse als de Nederlandse literatuur gerekend. Niet vreemd, wanneer je bedenkt dat hij leefde en werkte op de grens van twee taalgebieden. Veldeke is afkomstig uit het Maasland, uit de omgeving van Hasselt in Belgisch Limburg. In die streek treffen de Nederlandse en Duitse taal en cultuur elkaar en in Veldekes tijd bloeiden hier de kunst en de economie. Hij schreef in het Middelnederlands, ook Diets genoemd.

Uit zijn werk valt te concluderen, dat Veldeke een veelzijdig geschoold man was, zowel voor wat ridderlijke als geestelijke zaken betreft. Hij beheerst het Frans van de hoofse maatschappij; hij kent de moderne hoofse epiek en lyriek van Noord-Frankrijk, ook de lyriek van de Provence; hij kent Latijn. Hij sprak en schreef waarschijnlijk Maaslands-Oudlimburgs, de taal van de landschappen aan de Maas. Mogelijk bezat de door Veldeke - en anderen - gebruikte Maaslandse literatuurtaal een speciale aantrekkingskracht, die van een modetaal, met invloeden uit de bewonderde Franse cultuur.

Hendrik van Veldeke moet een professioneel dichter zijn geweest, die zich richtte op hoge heren en vrouwen. Dat lukte hem wonderwel, want hij verbleef zelfs enige tijd aan het hof van de Duitse keizer, een van de machtigste mannen van zijn tijd.

Hoofse lyriek
Het werk van Henric is onderdeel van een internationaal literair netwerk. In Frankrijk begint een algehele vernieuwing van de letterkunde, zowel naar de geest als naar de vorm, met de Provençaalse hoofse lyriek.
Ook voor wat de Nederlanden betreft gaat, in bescheidener proporties overigens, zulk een vernieuwende invloed uit van de hoofse lyriek en de daarin tot uitdrukking gebrachte liefde. Te denken valt daarbij allereerst aan Hendrik van Veldeke, de auteur die in het laatste kwart van de twaalfde eeuw in Limburg werkte, de regio waar in die dagen zulk een levendige literaire activiteit heerste.

Werken

Sint Servaes legende (1170-1180), een heiligenleven over Sint Servaas van Maastricht in zijn moedertaal het Limburgs geschreven.
Het verhaal volgt vele conventies van de Middeleeuwen: Servaes is een Griek die naar Lotharingen trekt, een heilige uit de 4e eeuw met middeleeuwse karaktertrekken, een heilige bovendien die tegelijkertijd een vechtjas was en zelfs Atilla de Hun zou hebben getrotseerd.

Eneas (Eneïde)(voor 1190)
In 1174 begon hij aan een ridderverhaal over de Trojaanse held Eneas van Vergilius. Veldeke baseerde zich op een Franse roman die kort daarvoor was gedicht. Hij was kennelijk goed op de hoogte van de nieuwste literatuur.

liefdesliederen
Ook de hoofse minnepoëzie die hij schreef, was geliefd aan de adellijke hoven. Van deze liefdesliederen zijn er zo'n dertig bewaard. De meeste liedjes beginnen met een verwijzing naar de natuur, die de dichter in een bepaalde stemming brengt. De liederen van Hendrik van Veldeke behoren tot een internationaal netwerk van middeleeuwse liefdeslyriek. In het twaalfde-eeuwse Frankrijk zongen de troubadours en trouvères hun minneliederen, die al gauw over heel Europa bekend raakten. Wie de liederen onderling vergelijkt, ziet dat dichters nogal eens beeldspraak en motieven uit elkaars poëzie overnemen, vaak voorzien van speelse variaties.

Websites: www.literatuurgeschiedenis.nl, www.dbnl.org, www.dbnl.org, nl.wikipedia.org


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 599.