kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Jan Siebelink

Jan Geurt Siebelink, Nederlands schrijver (Velp, 13 februari 1938)

Franse decadente literatuur. Zijn belangrijkste romans zijn De herfst zal schitterend zijn (1980), En joeg de vossen door het staande koren (1982), De hof van onrust (1984), Ereprijs (1986), De overkant van de rivier (1990), Laatste schooldag (1994), Vera (1997), Margaretha en de bestseller Knielen op een bed violen (AKO Literatuurprijs 2005). In het laatstgenoemde boek vertelt Siebelink over zijn jeugd en de godsdienstige kring waar zijn vader toe behoorde.

Biografie:
Vrijwel alle boeken van Jan Siebelink zijn terug te voeren op wat de auteur in de bosrijke omgeving Velp-Ede overkomen is. Jan Siebelink groeide op in Velp, waar zijn vader een bloemkwekerij had. Daarover vertelt hij: 'Ik kom uit een godsdienstig 'zwaar' milieu. Mijn vader had zich, na een hemels visioen, aangesloten bij een streng orthodoxe groepering.' De kwekerij van Siebelinks vader wordt in veel werk o.a. De herfst zal schitterend zijn en En joeg de vossen door het staande koren als een soort Arcadië voorgesteld - en zijn vader als 'de tuinman van dit aardse paradijs'.

Siebelink volgde de MULO en daarna de Rijkskweekschool.
Hij moest zijn militaire dienstplicht vervullen en tekende twee jaar bij. Tijdens de opleiding in Breda tot reserve-officier bij de luchtmacht studeerde hij voor de akte Frans. Deze studie zette hij na zijn diensttijd voort en haalde de akten A en B, waarna hij aan een doctoraalstudie in Leiden begon. In 1972 sluit hij zijn studie met goed gevolg af en is dan inmiddels werkzaam aan het Marnix-college te Ede.

Tijdens zijn studie komt hij in aanraking met J.K. Huysmans, een decadente negentiende-eeuwse schrijver die tot de kringen van Zola behoorde. Siebelink is zo gegrepen door het boek A rebours, dat hij besluit het te vertalen. Het verschijnt in 1977 onder de titel Tegen de keer en krijgt daarna een cultstatus.

Hij huwde met de lerares - en later vertaalster – Gerda van der Haas. Siebelink werd leraar frans eerst in Dieren en daarna in 1969 aan het Marnix College in Ede. Herinneringen aan zijn docentschap aan een gymnasium in Ede zijn verbeeld in de verhalenbundel Laatste schooldag (1994) dat inmiddels 12 drukken beleefde.

Naast zijn leraarsbaan begon hij te schrijven, en produceerde een indrukwekkend aantal romans en verhalen.

In 1975 debuteerde Jan Siebelink met de verhalenbundel "Nachtschade", waarin het veelgeprezen 'Witte chrysanten' en het belangrijkste thema angst is.
Op de dag dat hij zijn Huysmans vertaling bij Johan Polak inlevert, gaat hij op de terugweg naar Dieren, waar hij toen woonde, bij zijn moeder in Velp langs. In de voorkamer, op de plaats waar zijn vader is overleden, schrijft hij op bloknootvelletjes, in enkele uren, het inmiddels klassieke verhaal Witte Chrysanten. Het werd met vier andere verhalen opgenomen in de bundel Nachtschade (1975). Een opvallend boek vanwege zijn zwartromantische motieven als verval, dood en religie in tegenstelling tot het toen heersende anekdotische realisme. J.G. Gaarlandt schreef in Vrij Nederland: 'Als er zoiets bestaat als een volmaakte vertelling, dan is het Witte Chrysanten'. Vervolgens verschenen een keur aan romans met hetzelfde motief: de kwekerij die steeds meer het beeld zou worden van het verloren paradijs en het duistere geloof van zijn vader dat, hoe exact en liefdevol beschreven, nooit begrepen zou worden.

Geïnspireerd door de Franse letteren publiceert hij vervolgens zijn eerste roman 'Een lust voor het oog' (1977). Het boek werd een sleutelroman. Het speelt zich af in de onderwijswereld en bevat surrealistische elementen. Thema's als verval, dood en religie domineren in deze roman. Daarnaast levert Siebelinks onderwijskundige ervaring ook de nodige romanstof op.

"De herfst zal schitterend zijn" (1980) werd een groot succes. Siebelink brak met deze roman definitief door.

Siebelink schreef naast romans en verhalen ook essays over Franse schrijvers voor de Haagse Post en Vrij Nederland. Deze artikelen zijn gebundeld in De reptielse geest (1981) en De prins van nachtelijke Parijs (1985).

Voor De overkant van de rivier (1990) kreeg hij de F. Bordewijkprijs.

Naast romans schreef Siebelink ook non-fictie: Pijn is genot (1992), waarin wielrenners als Erik Breukink en Johan van der Velde als devote avonturiers worden neergezet. Siebelink beschouwt deze bundel bijna als een reeks zelfportretten.

Met zijn oud-streekgenoot John Jansen van Galen voerde hij een briefwisseling over Velp: Dorpsstraat ons dorp (1995).

Vera (1997), een roman over een Haagse vrouw.
‘Jan Siebelink heeft een droomvrouw geschapen. Bijna 300 bladzijden lees je over haar en je hebt niet eens in de gaten dat hij kunst maakt. Maar je gelooft hem. Dat is de kunst.’ (Arjen Peters over Vera in De Volkskrant).

In Mijn leven met Tikker beschrijft Siebelink het leven van zijn geliefde windhond Tikker, die hem en zijn gezin meer dan veertien jaar vergezelde (1999).

In 2002 verscheen zijn historische roman Margaretha over landvoogdes Margaretha van Parma.

2005 Knielen op een bed violen, een monumentaal eerbetoon aan zijn vader. De roman werd unaniem geprezen, is genomineerd voor de NS Publieksprijs en won de AKO Literatuurprijs 2005. Knielen op een bed violen kan beschouwd worden als een uitwerking van de thematiek die al in het allereerste verhaal Witte Chrysanten aanwezig is.
Het thema van "Knielen op een bed violen" is "en had de liefde niet" en gaat over de verknochtheid tussen Hans en Margje, die uit elkaar worden gedreven door krachten van buiten, maar toch bij elkaar blijven. Jan Siebelink gebruikte hiervoor het verhaal van de liefde tussen zijn ouders als voorbeeld. De vader van Siebelink raakte in de ban van een groep rond een predikant, die zichzelf als uitverkorenen zagen. "Knielen op een bed violen" bereikte na de toekenning van de AKO-prijs in korte tijd de eerste plaats van de bestsellerlijst.

Bibliografie:
Nachtschade (1975)
Een lust voor het oog (1977)
J.K. Huysmans, Tegen de keer (1977)
Weerloos (1978)
Oponthoud (1979)
De herfst zal schitterend zijn (1980)
De reptielse geest (1981)
En joeg de vossen door het staande koren (1982)
Arnhem. Beeld en verbeelding (1983)
Koning Cophetua en het bedelmeisje (1983)
De hof van onrust (1984)
De prins van nachtelijk Parijs (1985)
Ereprijs (1986)
Met afgewend hoofd (1986)
Schaduwen in de middag (1987)
De overkant van de rivier (1990)
Hartje zomer en andere verhalen (1991)
Pijn is genot (1992)
Met een half oog (1992)
Verdwaald gezin (1993)
Laatste schooldag (1994)
Dorpsstraat Ons Dorp (1995)
Vera (1997)
Daar gaat de zon nooit onder (1998)
Schuldige hond (1998)
De bloemen van Oscar Kristelijn (1998)
Bergweg 17, Bosweg 19 (1999)
Mijn leven met Tikker (1999)
Engelen van het duister (2001)
Margaretha (2002)
Knielen op een bed violen (2005)


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1815.