kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 11 02 2017 10:42 voor het laatst bewerkt.

Jeroen Brouwers

Jeroen (Godfried Maria) Brouwers

Genres: Roma, kort verhaal, dagboek, brieven, toneel, essay, polemiek, biografie

Het werk van Jeroen Brouwers is vaak autobiografisch. Tussen zijn verhalen/romans en zijn essays is daarom ook geen strikte scheiding aan te brengen. Belangrijke thema's zijn: literatuur, liefde en dood.

Inmiddels heeft Jeroen Brouwers meer dan 60 boeken op zijn naam staan, waaronder romans, novelles, korte verhalen en toneelstukken. Brouwers is verzamelaar van materiaal van en over zelfmoordenaars en schrijft veel over dit onderwerp.

Jeroen Brouwers publiceerde werk onder de pseudoniemen: Roosje W. Breuner, Jouwre Broesner, Henri van Maaren en Jeroen Zondervan. Theodoor Holman gebruikte Jeroen Brouwers als pseudoniem in 'Propria cures'.

Jeroen Brouwers werd geboren op 30 april 1940 in Batavia, de hoofdstad van het voormalige Nederlands-Indië (tegenwoordig Djakarta, Indonesië). Na twee broers en een zus was Jeroen het vierde kind van Jacques Theodorus Maria Brouwers (1903-1964), boekhouder bij een architectenbureau, en Henriëtte Elisabeth Maria van Maaren (1908-1981), dochter van de musicus Leo van Maaren (1885-1945). Later werd nog een broertje geboren.

Na de Japanse invasie in 1943 capituleerde het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL), en werd vader Brouwers in 1943 overgebracht naar een krijgsgevangenkamp in de buurt van Tokio. Enkele maanden later belandde Jeroen met zijn grootmoeder Elisabeth Henrica Pos (1885-1945), zijn moeder en zus eerst in het Japanse interneringskamp Kramat, en later in het vrouweninterneringskamp Tjideng, in een buitenwijk van Batavia. Zijn grootouders overleefden de kampen niet; Leo van Maaren stierf op 27 juli in het Jappenkamp Semarang, zijn echtgenote overleed in hetzelfde jaar in Tjideng.

Na de oorlog verbleef het herenigde gezin op Balikpapan (Borneo, nu Kalimantan). Op 14 juni 1947 repatrieerde mevrouw Brouwers met haar kinderen per schip naar Nederland. Het gezinshoofd kwam in 1948 naar Nederland.

Tot zijn tiende (1950) woonde Jeroen Brouwers bij zijn ouders op enkele adressen in Den Bosch. Daarna kwam hij terecht op diverse roomskatholieke kostscholen. Eerst in het Pensionaat St. Jozef van de Fraters van Utrecht in Zeist (waar hij werd ingeschreven onder nummer 37), later in het jongenspensionaat St. Maria ter Engelen in Bleijerheide (Kerkrade).

Brouwers haalde zijn MULO-diploma in Delft, waarheen zijn ouders in 1955 waren verhuisd.

Op 22 mei 1958 moet Brouwers zich aanmelden voor zijn militaire dienst. Van 2 november 1959 tot 1 augustus 1961 werd hij bevorderd van dienstplichtig matroos der derde klasse tot kwartiermeester (korporaal) der Speciale Diensten: Marine Inlichtingen Dienst (MARID).

Na zijn dienstplicht woont hij in Nijmegen en werkt hij als journalist. Op 13 maart 1961 voert hij een sollicitatiegesprek bij het krantenconcern De Gelderlander, waar hij op 7 augustus als leerling-journalist in dienst treedt. Binnen dit bedrijf werd hij toegevoegd aan de redactie van het soldatenblad Salvo.

Per 1 juli 1962 trad hij in Amsterdam in dienst van de Geïllustreerde Pers, uitgever van onder meer het blad Romance (het latere Avenue), tot de redactie waarvan hij werd ingedeeld.

Jeroen Brouwers (1940) debuteerde in 1964 met de verhalenbundel Het mes op de keel.

Begin 1964 verhuist Brouwers naar Brussel, waar hij tot 1976 als redactie-secretaris en later als (hoofd)redacteur aan de slag gaat bij uitgeverij Manteau in Brussel.

Jeroen Brouwers krijgt twee zonen: Daan Leonard (1965) en Pepijn (1968). Met zijn gezin verhuist de schrijver naar het landelijke Vossem (tussen Brussel en Leuven), waar hij tot 1970/1971 blijft wonen. Daarna trekt hij naar Huize Krekelbos in Rijmenam (Mechelen).

Vijverbergprijs 1967 voor 'Joris Ockeloen en het wachten'.

Zijn huwelijk (2 kinderen) mislukt en in januari 1976 neemt hij, na onenigheid met directeur Julien Weverbergh, ontslag bij Uitgeverij Manteau, verhuist naar Warnsveld (bij Zutphen) en wordt daar full-time schrijver. Een half jaar later vestigt hij zich in huize Louwhoek, Exel, in de Gelderse gemeente Lochem (Achterhoek).

In 1979 verscheen de roman Het verzonkene, het eerste deel van een aan zijn Indische jeugd gewijde trilogie. Het tweede deel, Bezonken rood (1981), leidde tot een heftige discussie, onder anderen met Rudy Kousbroek die het waarheidsgehalte van Brouwers opmerkingen over de Japanse kampen in Nederlands-Indië bestreed.(Brouwers beschrijft zijn herinneringen aan de toestanden in het interneringskamp Tjideng. )

In 1980 wordt zijn dochter Anne geboren.
Multatuli-prijs 1980 voor 'Het verzonkene'.

Dr. Wijnaendts Francken-prijs 1981 voor 'Kladboek'.

Geuzenprijs 1982 voor zijn gehele werk.

In 1988 verscheen het imposante slot van de trilogie De Indiëromans: De zondvloed.
F. Bordewijk-prijs 1988 voor 'De zondvloed'.

In 1991 vestigt Brouwers zich op een woonboot in Uitgeest.

Orde van de Vlaamse Leeuw (1992)
Ridder in de Belgische Kroonorde (1993)
Constantijn Huygens-prijs 1993 voor zijn gehele oeuvre.

In augustus 1993 verhuist hij naar het Belgisch-Limburgse Zutendaal, niet ver van Maastricht.

De versierde dood (herziene uitgave, 1994)
Brouwers kan wel Nederlands meest met zelfmoord gepreoccupeerde schrijver worden genoemd. Hij heeft nagenoeg alles erover gelezen en brengt in deze essaybundel een onvoorstelbare hoeveelheid informatie samen over allerhande sociale en groepsgebonden aspecten van zelfmoord. Eerder verscheen van Brouwers De laatste deur, een uitputtend overzicht van het doodsgevoel en doodsverlangen in de Nederlandse literatuur.

Gouden Uil voor non-fictie 1995 voor 'Vlaamse leeuwen'.
Prix Fémina Étranger (Frankrijk) 1995 voor 'Rouge décanté'.
Eredoctoraat Universiteit van Kessel-Lo (1998).

Begin 2001 werd Jeroen Brouwers beschuldigd van plagiaat. 'De Standaard' meldde dat er bewijs zou zijn dat 'Joris Ockeloen en het wachten' gebaseerd is op de nooit verschenen roman 'Dichotomie van een geboorte' van Dirk de Witte. Een week later trok de krant, nadat Brouwers met een aanklacht wegens smaad en eerroof had gedreigd, de beschuldiging weer in.

Multatuli-prijs, AKO-prijs 2001, Gouden Bladwijzer 2001 en Gouden Uil + Publieksprijs 2001 voor 'Geheime kamers'. Het omvangrijke 'Geheime kamers' gaat over een man, die gelouterd tevoorschijn komt uit een onafzienbare reeks beproevingen.

zie ook:
http://www.jeroenbrouwers.nl/
Een biografie van Jeroen Brouwers
bi(bli)ografie


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 11.