kunstbus







Kristien Hemmerechts
Geboren: 27-08-1955 Brussel

Kristien Hemmerechts groeide op in Stroombeek-Bever, een gemeente aan de rand van Brussel. Ze woonde hier tot haar twintigste. Kristien Hemmerechts ging naar school (kleuterschool, lager onderwijs en middelbaar onderwijs) in Laken. Haar vader was journalist, haar moeder lerares Latijn.

Kristien Hemmerechts studeerde Germaanse filologie in Brussel (1973-1975) en in Leuven (1975-1977).

In 1977/1978 volgde ze colleges aan het Amsterdamse Instituut voor Literatuurwetenschap.

Kristien Hemmerechts trouwde in mei 1978 met Steve, een Welshman. Ze gingen in Londen wonen, waar ze typiste werd. Ook leidden ze een half jaar een jeugdherberg in Dover. Uit Kristien Hemmerechts eerste huwelijk werden drie kinderen geboren. De oudste was een meisje, Kathy. Het tweede en derde kind waren jongetjes die beiden als baby overleden (in 1983 en 1984). Deze gebeurtenis giet Hemmerechts in een literaire vorm in Sprookje uit de bundel Kerst en andere liefdesverhalen uit 1992, wat veel reacties opwekte.

De verwerking hiervan kostte haar haar huwelijk. Ze schrijft hierover: 'Ik zit in een diepe put en hij zit in een diepe put. Als we allebei uit onze put zijn geklauterd, kunnen we elkaar een hand geven. Het is niet mogelijk om van mijn put een tunnel naar zijn put te graven. Er staan geen ladders tegen de rand van de put.'

Na de scheiding van haar man vestigde Hemmerechts zich in Brussel, waar ze Engelse literatuur doceerde aan de Katholieke Universiteit van Brussel.

Tot februari 1982 - ze was toen 26 jaar - had ze nooit geschreven. In de trein - op 9 februari 1982 - begon ze aan een verhaal in het Engels.

Ze promoveerde in 1986 met een proefschrift over de schrijfster Jean Rhys.

Kristien Hemmerechts debuteerde in 1986 met drie Engelse verhalen in de bundel 'First fictions, Introduction 9'. Geert van Istendael vertaalde ze en later werden deze opgenomen in de bundel Weerberichten uit 1988.

In 1987 publiceerde ze haar eerste Nederlandstalige roman, Een zuil van zout, waarvan het manuscript een jaar daarvoor was bekroond met de Driejaarlijkse Prijs voor het Proza van de Provincie Brabant.

In 1987 ging Hemmerechts met haar tweede man, de dichter Herman de Coninck, in Antwerpen wonen.

Een zuil van zout (proza)(1987)
A Plausible Story and A Plausible Way of Telling It: A Structuralist Analysis of Jean Rhys's Novels (proefschrift) (1987)

Weerberichten (verhalen) (1988)

Alles is geschreven in een sobere, trefzekere stijl die door critici wordt geprezen. 'Ik denk dat mijn thema het menselijk onvermogen is, de menselijke onmacht,' zei Hemmerechts ooit, en dat is duidelijk te merken aan haar eerste twee verhalenbundels, Weerberichten (1988) en 's Nachts (1989), en de roman Brede heupen (1989). Voor deze drie werken krijgt Hemmerechts in 1990 de Driejaarlijkse Prijs van de Vlaamse Gemeenschap.

Zonder grenzen uit 1991 is het eerste boek met een mannelijke hoofdpersoon. Het is tevens een van haar meest ambitieuze romans, met verschillende verhaallijnen die niet-chronologisch in elkaar overvloeien en met elkaar contrasteren. Hemmerechts houdt van een dergelijke manier van vertellen - suggestief en met veel vervreemdingseffecten - zo zegt ze in een interview.

Amsterdam retour (reisverhalen) (1991)

Kerst- en andere liefdesverhalen(proza) (1992)
Zegt zij, zegt hij (bloemlezing uit haar verhalen) (1992)

Wit zand(proza) (1993)
Frans Kellendonk-prijs 1993 voor haar gehele oeuvre.

Lang geleden (verhalen) (1994)

Veel vrouwen, af en toe een man(proza) (1995)
Patatten ophalen(proza) (1995)

Kort kort lang (verhalen) ( (1996)
Altijd met uw gezever, gij (essay) (1996)

Anna, Esther, Suzanne en de anderen(proza) (1997)
Margot en de engelen (proza)(1997)

Kristien Hemmerechts was voor de tweede keer getrouwd met de dichter Herman de Coninck. Na zijn overlijden in 1997 schreef ze het boek 'Taal zonder mij' over hem.

De tuin der onschuldigen(proza) (1998)
Kristien Hemmerechts schreef op verzoek van regisseuse Heddy Honigmann het scenario voor de tv-film 'De juiste maat'. De film werd uitgezonden in december 1998.

Toneel:
Op verzoek van Guy Cassiers bewerkten Carel Alphenaar en Kristien Hemmerechts 'Anna Karenina' van Tolstoj. Alphenaar vanuit het personage Lewin en Hemmerechts vanuit Anna. Cassiers schoof het daarna weer in elkaar tot een toneeluitvoering van vier uur die werd gespeeld in 1999.

Zonder grenzen werd genomineerd voor de Prix Jean Monnet de Littérature Européenne 1999.

Kristien Hemmerechts poseerde naakt voor het 'Nieuw Wereld Tijdschrift' (februari 2000). De recordoplage van 8000 exemplaren was totaal uitverkocht. Het betrof een themanummer over erotiek.
De kinderen van Arthur (proza)(2000)
O, toen alles nog voorbij kon gaan (bibliofiel) (2000)
Kristien Hemmerechts was in de zomer van 2000 één van VPRO's 'Zomergasten', waarbij ze een hele zondagavond geïnterviewd werd door Adriaan van Dis en zelf de uit te zenden fragmenten mocht uitkiezen.

Donderdagmiddag. Half vier (proza) (2002)

privacybeleid