kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Marcel Moring

Marcel Möring

Nederlands schrijver, Enschede, 5 september 1957 .

Nederlands Hervormde vader en een joodse moeder is Marcel in de ogen van zijn omgeving per definitie joods, hoewel het gezin weinig aan het geloof doet en alleen de traditionele feesten viert. Desondanks toont hij al vroeg belangstelling voor het Oude Testament: wanneer hij vijf wordt, krijgt hij van zijn vader een kinderbijbel. Door het lezen wordt zijn blijkbaar slapende neiging tot religiositeit gewekt en de deur naar de ‘andere wereld’, de wereld van de bijbel, geopend. Als jood zit hij opgezadeld met een beladen geschiedenis en met het gevoel van ‘anders zijn’ wat in sterke mate zijn later werk zal beïnvloeden.

Naast zijn joodse leed-erfenis dat hij gratis en ongevraagd kreeg, zoekt Möring in zijn schrijven steeds opnieuw naar wat de mens 'volledig' maakt. "Er mag dan geen gemeenschap zijn, ik geloof daar tenminste niet in, we zijn in ieder geval samen alleen en in onze eenzaamheid kennen we elkaars leed." is zijn slotzin van 'Lijdenslust', een essay over lijden, geschreven voor de Maand van de Filosofie 2006.

Omwille van de vele intertekstuele verwijzingen (naar de bijbel in Mendels erfenis of naar de Odyssee in Het grote verlangen), omwille van de manifeste vermenging van genres (de gothic novel in In Babylon) en omwille van het spel met tijd en ruimte en de gelaagde opbouw van zijn romans, rekent de literatuurkritiek Möring vaak tot het postmodernisme.

Marcel Möring heeft ook als recensent en essayist gewerkt voor de Drents-Groningse pers en vanaf 1991 voor NRC Handelsblad. Bovendien publiceerde hij onder meer in Esquire, Optima, Raster en Vrij Nederland.

In 1970 verhuisde het gezin van Enschede naar Assen, waar Möring de middelbare school doorliep.

Marcel Möring studeerde enkele jaren mo-Nederlands, maar brak deze studie af om zich op het schrijven te kunnen toeleggen. Daarnaast heeft hij honderd-en-één baantjes, van aardappelcontroleur en ober tot correspondent van lokale kranten, om in zijn onderhoud te kunnen voorzien.

In 1989 werkt de auteur mee aan de filmdocumentaire Een behoorlijke kille over de geschiedenis van de joodse gemeenschap in Assen.

Möring debuteerde in 1990 met de roman 'Mendels erfenis', (1991, Geertjan Lubberhuizenprijs).
Een boek over de botsing tussen de joodse en christelijke cultuur.

Voor zijn roman 'Het grote verlangen' (1992) ontving hij de AKO Literatuurprijs.
'Die hele AKO-prijs, dat is natuurlijk een beetje een gotspe. De AKO trekt daar vijftigduizend gulden voor uit, plus nog een biefstuk voor alle genodigden, maar je boeken hebben ze normaal gesproken niet in de winkel hoor.' (Provinciale Zeeuwse Courant, 16-4-1993)
Met Het grote verlangen bereikte hij (mede door toekenning van een literaire prijs) het grote publiek. De achtergrond van deze roman is stedelijk verval, bedelarij, geweld en sociale ongelijkheid.

novelle ‘Bederf is de weg van alle vlees’ (1995)

"Het derde testament" (1995), een verzameling van verhalen uit de joodse traditie.

‘In Babylon’ (1997) wordt in 1998 met de Gouden Uil-literatuurprijs en de Jonge Gouden Uil bekroond en is inmiddels in vele talen vertaald.

novelle ‘Modelvliegen’(2000).

Naakt en namaak in de literatuur
De auteur heeft zijn poëticale opvattingen het duidelijkst verwoord in het essay Naakt en namaak in de literatuur. Daarin zegt hij onder meer: “Ik verwacht van een een roman structuur, vorm, melodie, klank, toon, vragen en geen antwoorden, [...] verschuivingen in plaats van vastleggingen, metamorfose en geen bevriezing, een andere waarheid dan de journalistieke waarheid”. Voor de auteur is de roman in de eerste plaats een gesloten fictioneel systeem, tekst en niets dan tekst, en geen uitbreiding van de ons omringende actualiteit die mensen als werkelijkheid ervaren: “Literatuur is niet het doel, een afbeelding van de werkelijkheid, maar het zoeken naar de vormgeving van vragen over die werkelijkheid. Literatuur is de onzekerheid over de werkelijkheid, het ambigue en niet het duidelijke”.

In 2006 verscheen een nieuwe roman, ‘Dis’.
Jakob Noach, tijdens de Tweede Wereldoorlog ternauwernood ontsnapt aan de Duitsers, vestigt zich in de jaren vijftig als schoenmaker in Assen. Door zijn verbeeldingskracht en ondernemingsgeest weet hij zich in een aantal decennia te ontwikkelen tot de meest invloedrijke ondernemer van de stad. Dit geeft hem echter niet de genoegdoening voor het verlies van zijn ouders en broer en aan deze tragiek van de geschiedenis ontkomt de generatie na hem evenmin.
‘Dis’ is Dantes benaming voor de stad in de hel. Marcel Möring modelleerde zijn nieuwe grote roman, die zich tijdens de nacht van de TT in Assen afspeelt, naar de Inferno. Maar de hel van Assen wordt niet bevolkt door overspeligen, bedriegers en moordenaars. In ‘Dis’ wordt de hel bewoond door mensen die net als Jakob Noach speelbal zijn van hun tijd. Hun hel is de hel die gemaakt wordt door anderen. ‘Dis’ is een rijke roman die verwijst naar literatuur, filosofie en historie; veelomvattend en zeer eigentijds. ( www.wereldomroep.nl )

Websites: www.ned.univie.ac.at, boeken.vpro.nl www.vrijnederland.nl, nl.wikipedia.org, www.dbnl.org


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1904.