kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Michail Boelgakov

Michaíl Afanás'jevitsj Boelgákov (Kiev 3 of 15 mei 1891 - Moskou 10 maart 1940) was een Russisch schrijver.

Boelgakov studeerde medicijnen en werkte enige tijd als dorpsdokter in de omgeving van Smolensk. Omstreeks 1919 begon hij te schrijven voor kranten en tijdschriften.

In 1924/1925 publiceerde hij een aantal afleveringen van zijn eerste roman, De Witte Garde in het tijdschrift Россия (Rossija). Deel 1 werd in in 1927 in boekvorm gedrukt, deel 2 in 1929, maar niet in de Sovjet-Unie, wel in Parijs. Het enige werk dat gedurende zijn leven in zijn geheel werd uitgegeven in de Sovjet-Unie is een bundel met vijf satirische verhalen: Diaboliade (1925).

Zijn boek De Witte Garde (1924) was één van de eerste ernstige pogingen om de burgeroorlog in Oekraïne te beschrijven. Het verscheen eerst in de krant Rossiia, en nadien maakte hij er in opdracht van het Moskovskij Khudozhestvennij Teatr - het befaamde Moskouse Kunsttheater of MKHAT - een toneelstuk van. Dat werd De dagen der Toerbins, dat in 1926 in première ging. Er werd gezegd dat dit één van Stalin's favoriete toneelstukken was. Er zouden tot 1941 nog bijna duizend voorstellingen volgen.

Boelgakov schreef nog meerdere toneelstukken. Zijn comedie Zoja's appartement werd geestdriftig onthaald door het publiek. In De Vlucht beschreef hij de verschrikkingen van een broederoorlog. Maar de Glavrepertkom, het Centraal Comité voor Repertoires, dat de macht had om toneelstukken te sanctioneren of te verbieden, vond dat het stuk de emigratie van de Witte generaals verheerlijkte, en het werd verboden. Zijn verhalen 'Hondenhart' en 'De Eieren der Rampp-spoed' uit 1925 werden verboden. Boelgakov was één van de meest populaire toneelauteurs van zijn tijd, maar zijn stukken werden slecht ontvangen in de Sovjetpers. Zo stond op 15 september 1929 in de krant Izvestia te lezen: "Zijn talent is overduidelijk, maar zo is ook het reactionair sociaal karakter van zijn werk". Naarmate de Sovjetunie ideologisch steeds rigieder werd op het einde van de jaren '20, kwam Boelgakov's werk steeds meer onder vuur te liggen, en zijn stukken werden volledig verboden in 1929.

Boelgakov zat zonder inkomen en deed wat zoveel schrijvers in die tijd deden: hij schreef een brief naar de regering van de Sovjet-Unie op 28 maart 1930. Daarin wist hij onder meer te melden dat hij, in tien jaar schrijversschap, 301 artikelen over hem in de Sovjetpers had gelezen, "waaronder: lovend - 3, vijandig-beledigend - 298". Verder vroeg hij in die brief, uitdrukkelijk in hoofdletters: "Ik vraag de regering van de USSR om mij dringend op te dragen de grenzen van de USSR te verlaten in gezelschap van mijn vrouw Ljoebov Evgenjeva Boelgakova". Of hij dat echt meende is twijfelachtig, want wanneer Boelgakov enkele weken later, op 18 april 1930, een persoonlijke telefoon krijgt van Stalin om zijn vertrek uit de Sovjet-Unie te bespreken, antwoordde Boelgakov dat hij als Russische schrijver niet buiten Rusland en de Russische taal kon leven. Stalin beëindigde dat gesprek met de mededeling dat het smeekschrift dat Boelgakov naar de Sovjetregering stuurde een positieve uitwerking zou hebben. En even later werd hem werk aangeboden in het Moskouse Kunsttheater. Hij sleet zijn dagen als regieassistent, librettist en vertaler.

Boelgakov begon steeds meer bewerkingen en historische fictie te maken - ideologisch minder gevaarlijke dingen dan origineel werk. Zo bewerkte hij Gogol's Dode Zielen en Cervantes' Don Quichote voor het Russisch theater. Hij schreef ook een biografie van de Franse toneelauteur Molière, en daarna nog een toneelstuk, De dienstbaarheid van de puriteinen. Dat gaat over de situatie van een schrijver onder een autocratische dictatuur. De gebeurtenissen rond de produktie van dit stuk vormden de basis voor Boelgakov's onvoltooid gebleven theaterroman Zwarte Sneeuw. Na 4 jaar van repetities in het Kunsttheater werd het in de krant Pravda onder vuur genomen en het mocht na 7 opvoeringen niet meer gespeeld worden. Een ander stuk, Poesjkin (De Laatste Dagen), behandelde hetzelfde thema en onderging hetzelfde lot. Boelgakov zat opnieuw in de rats en deze keer werd hij librettoschrijver voor de Bolsjoi Opera.

Van 1928 tot 1940 werkte Boelgakov aan zijn voornaamste werk: De Meester en Margarita. Deze roman werd pas in in 1968 in het westen volledig uitgegeven.

Boelgakov hoopte opnieuw in de gunst te komen van het regime door een stuk over Stalin te schrijven bij de gelegenheid van diens 60ste verjaardag. Het stuk, Batum, speelde zich af in de Kaukasus en portretteerde Stalin's jonge jaren als activist. Boelgakov was met de trein onderweg naar Batum om er met de repetities te beginnen toen hij per telegram werd teruggeroepen naar Moskou. Het stuk was verboden. Deze laatste tegenslag zal wellicht mee invloed gehad hebben op zijn reeds wankele gezondheid. Hij stierf op 10 maart 1940, twee weken nadat hij nog verbeteringen aan Master i Margarita had aangebracht..

Hondenhart
In 'Hondenhart' is een professor, die zich min of meer heeft weten te onttrekken aan de dictatuur van het proletariaat, bezig met verjongingsexperimenten. Hij plant in een hond de testikels en de pijnappelklier over van een zojuist gestorven muzikant die een slechte reputatie had. De hond wordt langzaam een mens die vloekt en tiert. Hij papt bovendien aan met de fanatieke voorzitter van het bewonerscomité die het op de welstand van de professor heeft gemunt. Onder invloed van die fanaticus komt de hond steeds meer in verzet tegen zijn schepper. De hoogleraar ziet zijn fout in en hij brengt de hond weer terug in zijn oorspronkelijke staat. Zo wil hij de mensheid redden van gedrochten als de hondse proletariër met zijn marxistisch-leninistische slogans. Het verhaal bevat veel sciencefiction en satire. Echter de kritiek op de Russische revolutie is ook niet mals.

De Eieren der Rampp-spoed
In dit verhaal heeft de Russische bioloog Persikov een bepaald soort rode straal uitgevonden waardoor eieren sneller uitgebroed worden. Ook worden de dieren veel groter. Op datzelfde moment heerst er een hoenderpest in de Sovjet-Unie. Het Centraal Comité van de Communistische Partij komt al snel de ontdekking van Persikov op het spoor en ziet mogelijkheden om het dreigende voedseltekort te verhelpen.
Het Centraal Comité richt een Sovchoz op, waarin kippen moeten worden uitgebroed met de rode straal. Daarvoor bestellen de autoriteiten grote hoeveelheden kippe-eieren. Intussen heeft Persikov voor zijn studie reptieleneieren (krokodillen en slangen) besteld. Een onoplettende ambtenaar verwisselt de eieren, zodat de Sovchoz, onder leiding van commissaris Rampp, de reptieleneieren uitbroedt. De gevolgen laten zich raden.
Overigens is de titel van het boek een woordspeling van Boelgakov. De Russische titel luidt: Роковые яйца (rokovie jaitsa) oftewel noodlottige eieren of eieren der rampspoed. De commissaris van de Sovchoz heet in het Russisch echter Рокк (Rokk). De vertaler Marko Fondse heeft deze woordspeling in het Nederlands weten te vangen in de titel Eieren der Rampp-spoed en de naam Rampp van de commissaris.

De Meester en Margarita
De Meester en Margarita (Russisch:Мастер и Маргарита) is een roman in twee delen van de Russische schrijver Michail Boelgakov.
Boelgakov begon met schrijven in 1928, en bleef eraan doorwerken tot een paar weken voor zijn dood in 1940.
De roman bestaat uit drie door elkaar heen lopende verhaallijnen: het verhaal van Satan, hier Woland (Воланд) genaamd, op bezoek in Moskou, de liefdesgeschiedenis van de Meester en Margarita, en het verhaal van Pontius Pilatus en Jezus. Alle verhalen lopen min of meer in elkaar over.

Satan op bezoek in Moskou
Dit deel van het verhaal speelt zich af in het Moskou ergens tussen 1930 en 1940. Stalin is aan de macht, en er is grootschalige corruptie. Religie is verboden, en er wordt veel werk verricht om aan te tonen dat Jezus nooit bestaan heeft. Kortom, een ideale plaats voor Satan om daar zijn Lentebal te houden, dat traditioneel gehouden wordt als de Walpurgisnacht samenvalt met Goede Vrijdag. Om de voorbereidingen voor zijn bal te treffen is Woland hoogstpersoonlijk naar Moskou gekomen, begeleid door zijn trawanten Fagot (Фагот, een voormalig "koormeester"), de gelaarsde kat Behemoth (Бегемот, Russisch voor nijlpaard), de moordenaar Azazello (Азазелло), de bleke Abaddon (Абадонна, Hebreeuws voor vernietiging) en de heks Gella (Гелла). Op het bal heeft Woland een gastvrouw nodig, en die gastvrouw moet als voornaam Margarita hebben (een duidelijke verwijzing naar Faust van Goethe).

Jezus en Pontius Pilatus
Het verhaal van Jezus wijkt op belangrijke punten af van het evangelie, en het begint op het moment dat Jezus gearresteerd is en voor Pilatus wordt gebracht. Jezus blijkt slechts een gewone man te zijn, met een uitermate groot empathisch vermogen, die achtervolgd wordt door een stel religieuze fanaten die al zijn woorden opschrijven en verkeerd interpreteren. Doordat Jezus in staat is de hoofdpijn van Pilatus enigszins te verlichten, wint hij zijn vertrouwen, en Pilatus probeert dan ook alles om de terdoodveroordeling van Jezus teniet te doen. Helaas voor hem slaagt hij daar niet in, en hij moet verder leven met zijn verschrikkelijke hoofdpijnen. De volgelingen van Jezus besluiten Judas te vermoorden en de beloning die hij kreeg bij hogepriester Kajafas over de schutting in diens tuin te gooien.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Michail_Boelgakov
Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 39.