kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Paul Auster



Amerikaanse schrijver en dichter, geboren 3 februari 1947 te Newark in New Jersey.

Paul Auster (1947) is een postmoderne dichter en (detective)romanschrijver die in zijn werk magisch realisme vermengt met de bestaande werkelijkheid. Door zijn rijke en onverwacht droomachtige proza, wordt Paul Auster beschouwd als één van de grootste levende schrijvers uit de V.S.

Auster gebruikt de detectivevorm om existentiële kwesties en kwesties van identiteit te behandelen. Toeval en vrije wil spelen een belangrijke rol in de boeken en filmscenario's van de voornamelijk door Kafka beïnvloede Auster.
Met zijn soepele stijl, zijn aanstekelijke vertelkunst en een filosofische inslag die zelden nadrukkelijk wordt is elk nieuw boek van hem tegelijk een voortzetting en een verrassende variatie van zijn thematiek: welke speelruimte kan een individu ontwikkelen binnen een moeilijk te doorgronden, van buitenaf opgelegd systeem.

Biografie
De schrijver is geboren als zoon van Samuel en Queenie Auster. Hij liep school in Newark aan Columbia Highschool en studeerde Engelse en Franse letterkunde aan Columbia University. Hier behaalde hij zijn B.A. Engels en Comparitieve literatuur in 1969, en een M.A. in Comparitieve literatuur aan dezelfde universiteit in 1970.

Al voordat hij naar Columbia University ging wist hij dat schrijver wilde worden en altijd onafhankelijk wilde zijn. Omdat hij geld nodig had om van te leven en schrijven maar weinig oplevert heeft hij na zijn afstuderen allerlei freelance baantjes, o.a. als assistent op een olietanker.

Na een tijdje van rondzwerven, waarin hij probeerde zijn afkeer van geld te overwinnen - die grotendeels was te wijten aan de voortdurende onenigheid over financiën die het mislukte huwelijk van zijn ouders definitief de das had omgedaan - woont hij jaren in Parijs, waar hij waar hij samen met zijn toekomstige echtgenote Lydia Davis leefde van vertaal- en recensiewerk. Zo vertaalde hij werk van o.a. Charles Baudelaire, Arthur Rimbaud, Stéphane Mallarmé, Joseph Joubert en Verlaine.
Daarnaast probeerde hij in Parijs te overleven als schrijver van eigen poëzie en essays. De gedichten uit deze periode werden verzameld in Unearth (1970 - 1972) en Wall Writing (1971 - 1975). Deze werden op hun beurt gebundeld in Ground Work (1990), waarin ook de essays werden opgenomen die hij omstreeks deze tijd schreef en die eerder al verschenen onder de titel The Art of Hunger. In die essays behandelt Auster de meest diverse auteurs, zoals twee van zijn grote voorbeelden, Franz Kafka en Samuel Beckett, en andere grote inspiratiebronnen, waaronder Knut Hamsun, Edmond Jabis, Georges Bataille, de Dada - beweging, Laura Riding, Paul Celan, Guiseppe Ungaretti en Charles Resnikoff.
Veel leverde dit Auster echter niet op, zodat hij geregeld opdrachten moest aanvaarden die hij zich nadien beklaagde. Zo was hij een tijdje actief als ghostwriter voor de synopsis van een mysterieus filmscenario. Maar de aap kwam pas uit de mouw toen even later bleek dat hetgeen eigenlijk van hem verwacht werd was dat hij met de vrouw van de producent, wiens schrijverscarrière ook niet echt van de grond kwam, mee zou gaan naar Mexico om haar te assisteren bij het schrijven van een roman.

Sinds zijn terugkeer in Amerika in 1974 heeft hij zijn eigen gedichten, essays, romans en vertalingen van Franse schrijvers zoals Stéphane Mallarmé en Joseph Joubert gepubliceerd.

Auster debuteerde officiel in 1974 met de dichtbundel 'Unearth', die in de herdruk 'Disappearances' heette.

In oktober 1974 huwde hij met de romanschrijfster Lydia Davis.
Hij publiceerde nog enkele gedichtenbundels, Fragments from Cold (1976 - 1977), White Spaces (1978) en Facing the Music (1978 - 1979), maar de neergang zette zich voort. Toen zijn zoon Daniel het levenslicht zag, voelde Auster zich genoodzaakt om terug allerlei vertaalwerk aan te nemen. Hij werkt o.a. in een antiquariaat en probeert tevergeefs een door hem uitgevonden spel op de markt te brengen.

Hij had er alles voor over om zijn schrijversdroom te realiseren maar kreeg weinig of geen literaire erkenning. Hij was op de lange duur alleen nog maar bezig obscure Franse documenten te vertalen, terwijl er voor het echte werk geen tijd meer overbleef. Die erkenning kreeg hij pas toen hij er zich net had bij neergelegd dat hij nooit schrijver zou worden.

Hij komt op een idee voor een plot en schrijft in drie maanden tijd onder het pseudoniem Paul Benjamin het detectiveverhaal, Squeeze Play, dat echter nooit officieel zal gepubliceerd worden.

Na zijn scheiding in 1978 valt het echte begin van Austers schrijverscarrière uiteindelijk samen met de plotselinge dood van zijn vader Sam Auster in 1979. De nalatenschap van zijn vader stelde Auster in staat om zich gedurende enkele jaren ongebonden en onbezorgd aan zijn literaire roeping te wijten en na 1980 en gaat hij met schrijven meer geld verdienen.

In 1981 leert hij de jonge Noorse dichteres en auteur kennen met wie hij in 1981 in het huwelijk treedt en zeven jaar later zijn dochter Sophie krijgt.

Na zijn anthologie van de twintigste eeuwse Franse poëzie, The Random House Book of XXth Century French Poetry verschijnt in 1982 Austers eerste prozawerk: 'The Invention of Solitude'.

'The New York Trilogy' (1985-87)
Auster bereikte bekendheid met een reeks van drie experimentele detectiveverhalen: City of Glass (Broze stad)(1985), Ghosts (Schimmen)(1986) en The Locked Room (De Gesloten Kamer)(1986), die collectief als The New York Trilogy werd gepubliceerd (1987).
In 'The New York Trilogy' komen Austers liefde voor zijn stad en zijn fascinatie voor het genre van de mystery novel op meesterlijke wijze samen. De boeken zijn geen conventionele detectiveverhalen die rond een geheim en een reeks aanwijzingen worden georganiseerd.
De romans vertonen kenmerken van de detective, maar behandelen thema's als identiteit, schrijverschap, toeval en (nood)lot en de verhouding taal-werkelijkheid. De hoofdfiguren worden geconfronteerd met het verzoek zich te gaan verdiepen in het leven van een ander. Teruggeworpen op zichzelf tijdens zoektochten door New York gaan ze zich vragen stellen omtrent hun eigen zijn. Observator en geobserveerde vallen steeds meer samen in deze bij alle raadselachtigheid glashelder geschreven romans en de lezer mag zich afvragen of hij niet te maken heeft met de hersenspinsels van de in isolement rakende vertellers (vgl. de titel van Austers prozadebuut 'Het spinsel van de eenzaamheid'). Er zijn veel onderlinge verbindingen, zoals de ik-figuur van 'De gesloten kamer' zelf ook constateert: 'Alle drie de verhalen zijn eigenlijk een en hetzelfde verhaal, maar elk behelst een ander stadium in mijn bewustzijn van waar het om draait.'

City of Glass (Broze stad)(1985)
Een amateurspeurder raakt verstrikt in de mysteries die hij probeert op te lossen.
Gekunstelde detective waarin het spel met personages, auteurs en lezers - alles meervoudig - belangrijker is dan de spanning. Dubbelgangers en rolverwisselingen zijn aan de orde van de dag.

In the Country of Last Things (1987) (In het land der laatste dingen)

Moon Palace (1989) (Maanpaleis)
Marco Stanley Fogg is een wees, een kind van de jaren zestig, een speurder die eeuwig op zoek is naar de sleutel tot zijn verleden, naar het antwoord op het raadsel van zijn lot. Het boek begint in de zomer dat de mens zijn eerste stap op de maan zette, en beweegt vooruit en achteruit in de tijd, drie generaties omvattend. Aan het einde staat de 'ik' opnieuw oog in oog met de leegte.

The Music of Chance (1990) (De muziek van het toeval)
Zesde roman van de Amerikaanse schrijver. 'De muziek van het toeval' begint met een lange tocht kriskras over het Amerikaanse continent, om ten slotte in te zoomen op een weiland in Pennsylvania waar twee mannen een muur aan het bouwen zijn. Waarom ze dat doen en wat hen hier heeft gebracht is niet helemaal duidelijk. Het enige wat de lezer met zekerheid uit het verhaal kan opmaken is dat het toeval er een belangrijke rol in heeft gespeeld. Jim Nashe besluit nadat hij een erfenis heeft gekregen voor het vrije leven te kiezen. Een jaar lang reist hij onvermoeibaar door de VS. Dan ontmoet hij Pozzi, een beroepsgokker, en zet hij bij een urenlange pokerpartij met twee excentrieke miljonairs al zijn geld op hem in. Maar helaas, Pozzi en Nashe verliezen en zien zich gedwongen hun schulden af te betalen door het bouwen van een immense muur. De inzet van het spel blijkt meer te zijn geweest dan een paar rottige dollars...
Het knappe van Auster is dat alle elementen van deze bizarre geschiedenis een symbolische betekenis in zich bergen maar zo in het verhaal verweven zijn dat de lezer nergens gemakkelijke oplossingen krijgt aangereikt.

Leviathan (1992) (Leviathan)
Auggie Wren's Christmas Story (1992)

In 1992 verscheen The Red Notebook, and other writings, ‘een verzameling non-fictie die zicht wil bieden op de grondslagen van zijn schrijverschap’. Het is een heterogene verzameling waargebeurde verhalen, essays, voorwoorden, interviews en beschouwingen.

Mr. Vertigo (1994) (Mr. Vertigo)
'Ik was twaalf jaar toen ik voor het eerst op water wandelde'. Met deze intrigerende mededeling begint de bijna tachtigjarige verteller Walter Rawley zijn bewogen autobiografie. Als negenjarig straatschoffie wordt hij uit de goot geplukt door meester Yehudi, een geheimzinnige Hongaarse jood, die belooft hem te leren vliegen. We hebben het dan over het jaar 1927, het jaar waarin Lindbergh met zijn Spirit of Saint Louis de oceaan overstak. Meester Yehudi neemt hem mee naar zijn boerderij in Kansas, waar de Indiaanse moeder Sioux het huishouden doet en waar verder nog de jonge geniale bultenaar Aesop woont. En na 33 zware beproevingen is Walt in staat tot levitatie. Met een spectaculaire vlieg-act trekken de meester en zijn pupil door het Amerika van de crisisjaren en maken geld als water. Tot Walt na elke voorstelling door onvoorstelbare hoofdpijn wordt overvallen en meester Yehudi op dramatische wijze aan zijn einde komt.
Een originele Bildungsroman die overgaat in een schelmenroman, vol vaart (ook in het mindere tweede deel), in een inventief vertaalde krachtige bravouretaal. (Biblion recensie, Theo Vos)

Films: Smoke, Blue in the Face (1995) en Lulu on the Bridge (1999)
De grootste bekendheid binnen en buiten de literaire wereld verwierf Auster met de scenario’s die hij schreef voor de films Smoke en Blue in the Face (1995; beide geregisseerd door Wayne Wang). In 1999 debuteerde hij met Lulu on the Bridge, een langspeelfilm waarvoor hij zelf zowel het scenario als de regie verzorgde. Samen met zijn echtgenote Siri Hustvedt en Wayne Wang werkt hij aan The Centre of the World, die in 2001 uitkwam.

Timbuktu (1999) (Timboektoe)
Mr. Bones, een hond van onduidelijke afkomst, is het maatje van Willy G. Christmas, een briljante maar tobberige dichter uit Brooklyn. Als een moderne Don Quichot en Sancho Panza trekken ze erop uit voor een groot avontuur. Ze reizen richting Baltimore, op zoek naar Bea Swanson, Willy's lerares Engels van de middelbare school. Het is jaren geleden dat Willy deze zeer beminde mentor zag. Mr. Bones volgt zwerver Willy waar hij maar gaat. Maar op een bepaalde dag staat hij er alleen voor.

'Experiments in Truth' (2000)(Oefeningen in waarheid)
Vier verhalen over het toeval, over verbazingwekkende verbanden tussen gebeurtenissen die ogenschijnlijk niets met elkaar te maken hebben maar die ons wijzen op betekenisvolle patronen in ons leven.
'Mijn leven is vol van tientallen merkwaardige gebeurtenissen zoals deze, en wat ik ook probeer, ik lijk ze niet van me af te kunnen schudden. Wat ter wereld is het dat me maar blijft betrekken in al die malligheid.' De bijeengebrachte oefeningen zijn inkijkjes in een kleine dertig jaar schrijverschap.

The Book of Illusions (2002)(Het Boek der Illusies)
David Zimmer, professor in Vermont, verliest zijn vrouw en twee zoontjes bij een vliegtuigongeluk. Zes maanden lang brengt hij de dag door in een waas van dronkemanstranen en zelfmedelijden. Op een avond ziet hij op televisie een stukje van een verloren gegane stomme film, gemaakt door een komiek, Hector Mann. Voor het eerst in maanden moet hij lachen. En voor hij het weet heeft hij zich ingegraven in het leven van de mysterieuze Mann, die van de aardbodem verdween in 1929. Zimmer schrijft de eerste serieuze studie van Manns werk en houdt zo het verdriet op draaglijke afstand. Een jaar na de verschijning van het boek krijgt hij een brief van iemand die beweert de vrouw van Mann te zijn. Hij wordt uitgenodigd Mann te komen bezoeken. Is dit een grap of leeft Hector Mann echt nog? Zimmer aarzelt. Dan verschijnt op een avond een vreemde vrouw aan zijn deur, en zij neemt de beslissing voor hem. Dat verandert zijn leven voor altijd.

Oracle Night (2003)(Orakelnacht)
De vierendertigjarige schrijver Sydney Orr is herstellende van een ziekte die hem bijna fataal werd, wanneer hij op een dag een kantoorboekhandel binnenloopt in Cobble Hill, Brooklyn. Hij koopt een blauw schriftje. Het is 18 september 1982. Negen dagen lang zal zijn leven beheerst worden door de vreemde werking van dit lege schriftje; hij wordt gevangen in een web van griezelige voorgevoelens en verwarrende gebeurtenissen. Zijn huwelijk lijkt te zullen stranden en zijn geloof in de werkelijkheid wordt ondermijnd.
Op zijn bekende wijze construeert de Amerikaanse auteur (1947) een web van verhalen. Tussen de verhalen ontstaan verbanden en vertrouwde Auster-elementen als identiteit, toeval en noodlot en de stad New York spelen daarbij een rol. Het spel met realiteit en fictie wordt versterkt door de uitgebreide voetnoten die uiteraard zelf ook fictie zijn. 'Orakelnacht' is tevens een roman over het schrijverschap, over de macht van het geschreven woord en de kracht van verhalen. Zo krijgt Orr pas grip op het geheim dat zijn vrouw meedraagt door een plausibele verklaring voor haar gedrag te verzinnen.

The Brooklyn Follies (2005)(Brooklyn Dwaasheid)
Nathan Glass is negenenvijftig jaar. Hij is ernstig ziek, zijn huwelijk is mislukt en hij heeft zojuist de moeizame relatie met zijn enige dochter ook nog verpest. Bij toeval ontmoet hij zijn neef Tom Wood - ooit een wonderkind maar nu gesjeesd student - in een tweedehands boekwinkel die eigendom is van een totaal uitgerangeerde ex-gevangene. De drie mannen voelen zich tot elkaar aangetrokken, verenigd in een leven vol dwaasheid. Tijdens een etentje besluiten ze de handen ineen te slaan en een einde te maken aan de reeks mislukkingen.
De ochtend dat Nathan het leven weer zonnig inziet, is de ochtend van 11-9-2001. Dat maakt deze door Auster zelf als 'a tribute to daily life' getypeerde verbeeldingsrijke roman vol literaire verwijzingen ook tot een wat nostalgisch boek: het leven in het Amerika van Bush, over wie Auster kritisch is, is immers voorgoed veranderd.

Travels in the Scriptorium (2006)(Op Reis in het Scriptorium)
Een oude man wordt volledig gedesoriënteerd wakker in een onbekende kamer. Hij herinnert zich niet wie hij is of hoe hij daar terechtgekomen is. Op het bureau liggen enkele spullen die hij bestudeert in de hoop aanwijzingen over zijn identiteit te vinden. Al snel stelt hij vast dat hij opgesloten zit, en daarom begint de man maar te lezen in het manuscript dat hij op het bureau gevonden heeft. Het verhaal handelt over een gevangene en speelt zich af in een wereld die de man niet herkent. Toch lijkt het of het manuscript speciaal voor hem is achtergelaten, evenals een stapel foto's.
De lezer die Austers werk kent, heeft al snel door dat de personages rondom meneer Blanco de namen dragen van figuren uit andere boeken van deze auteur. De romanschrijver wordt in dit boek dus ter verantwoording geroepen door zijn personages.

Van de hand in de tand - een kroniek van vroeg falen
In 'Van de hand in de tand' komen de donkere kanten van Paul Austers levensverhaal aan bod. Als jongen van zestien, zeventien wist hij namelijk al: hij zou schrijver worden. Het vergaren van zoveel mogelijk wereldse goederen zei hem niets, zijn hele leven zou in het teken van dat ene Grote Doel staan. Natuurlijk moest hij zichzelf daartoe allereerst in leven zien te houden en daarom waren baantjes prima. Voorwaarde was wel dat ze tijdelijk waren en op de een of andere manier van nut voor zijn schrijverscarrière: hetzij als levenservaring, hetzij als 'beproeving' van zijn instrument, de taal. Dit leven van de hand in de tand slorpte al zijn tijd en energie op en van het echte werk kwam het niet. De levenskeuze die hij als adolescent zo gemakkelijk maakte blijkt fatale gevolgen te hebben. In 'Van de hand in de tand' heeft Auster een cruciaal thema bij de kop gevat: leven van de pen. De belangrijkste personages: hijzelf, het Geld en het Toeval. In lucide proza voert hij het Geld ten tonele als een mogelijke brenger van vrijheid, maar vooral als de meest tirannieke slavendrijver die er bestaat.
In deze mooie kroniek beschrijft hij in een uitstekende stijl hoe hij probeert erkenning te vinden. Het geheel is geschreven als een boeiende detective, de spanning wordt prima opgebouwd en het slot komt dan ook als een zeer welkome ontknoping.

Websites: users.telenet.be/izithelo/thesis/auster.htm, www.paulauster.co.uk, boeken.vpro.nl, www.the-ledge.com


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 3431.

Tweets by kunstbus