kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Raymond Brulez

West-Vlaamse roman en toneelschrijver, geboren 18 oktober 1895 te Blankenberge - overleden 17 augustus 1972 te Brussel.

Kenmerkend voor Brulez' schrijverschap is een ironische afstandelijkheid. Het beschouwend, wijsgerig element in zijn proza is tevens, literair gezien, de zwakke kant van zijn werk.

De Vlaamse auteur Raymond Brulez staat vooral bekend voor zijn monumentale tetralogie Mijn Woningen (1950-1955). Daarin maakt hij gebruik van een afstandelijk-kritische verteltoon waarin de beeldspraak een opvallende plaats inneemt. In enkele poëticale geschriften heeft Brulez zelf het belang van de beeldspraak voor zijn werk beklemtoond, veeleer als een ethische dimensie dan als een esthetische ingreep. Raymond Brulez schrijft herinneringsproza vanuit een modernistische poëtica, waarbij de waarneming, het bewustzijn en het herinneren mee gethematiseerd worden. De metafoor kan beschouwd worden als een instrument van het subject waarmee hij inzicht kan verwerven in de werkelijkheid en zichzelf. Franse traditie (hij werd ooit een Voltairiaan genoemd).
Hij schrijft onder het motto ‘Zum Sehen geboren, zum Schauen bestellt’ (Goethe) en zijn personages bekijken het leven vanop een afstand, wat bij momenten ironisch wordt beschreven. Dat leidt bij hem niet tot het te verwachten nihilisme of existentialisme, maar tot humanisme. Hij hanteert in zijn werken een relativerende toon en laat het verhaal primeren op de vorm.
Brulez was vooral iemand die voor zijn plezier schreef, waardoor hij vaak wordt afgedaan als een middelmatig schrijver die in de buurt komt van schrijvers als Van Ostaijen en Teirlinck, maar hun poëtische kracht mist. (www.ned.univie.ac.at)

Biografie
Raymond Brulez (Eig. Raymond Ferdinand Martin Jacques Gustave) was de zoon van de gemeentesecretaris van Blankenberge, een belangrijk en gewaardeerd ambtenaar. Hij studeerde wijsbegeerte en letteren aan de Vrije Universiteit Brussel waarna hij leraar werd aan een middelbare school.

Brulez debuteerde in 1930 met de psychologische roman André Terval of Inleiding tot een leven van gelijkmoedigheid, gevolgd in 1933 door zijn symbolische verhalenbundel Sheherazade of de literatuur als losprijs waarin hij de instellingen en opvattingen van zijn tijd hekelt.

Van 1936 tot mei 1938 was hij literair adviseur bij het Nationaal Radio-Instituut te Brussel.
Van 1945 tot 1960 was hij directeur van de Vlaamse Gesproken Uitzendingen.

Vóór de oorlog verschenen er bijdragen van hem in onder andere Forum en ’t Fonteintje en in de jaren erna schreef hij literaire bijdragen voor Het Laatste Nieuws. Hij schreef recensies van Vlaamse en Nederlandse romans voor De Groene Amsterdammer, Elseviers Weekblad en het Franstalige weekblad Cassandre.

Zijn omvangrijkste en meest bekende werk is de tetralogie (serie van vier bijeenhorende drama's) Mijn woningen (1950-1954): Het huis ter Borgen, Het pact der Triumviren, De haven en Het mirakel der rozen. Voor "Het huis te Borgen" ontving hij de driejaarlijkse Staatsprijs voor verhalend proza.
. In Het huis te Borgen verhaalt de auteur de geschiedenis van zijn kinderjaren in een Belgische badplaats, waar zijn vader gemeentesecretaris is en zijn moeder een hotel-pension drijft, dat een internationale cliëntèle herbergt.
. Het pact der Triumviren brengt het verhaal van het eedverbond van onderlinge vriendschap, dat de schrijver in zijn jeugd met twee schoolkameraden sluit.
. In De haven worden de verdere lotgevallen van de drie kameraden tot aan het uitbreken van wo ii beschreven.
. Het vierde boek, Het mirakel der rozen, steunt op de belevenissen van de auteur tijdens en kort na de jaren 1940-1945.
Deze geromantiseerde autobiografie is geschreven in een speels-ironisch proza, dat verwantschap vertoont met de schrijftrant die Marnix Gijsen later beroemd heeft gemaakt. Naar de inhoud kan men Mijn woningen beschouwen als de geschiedenis van een sociale klasse gedurende de eerste helft van de 20ste eeuw in een badplaats aan de Vlaamse kust en in de Belgische hoofdstad. Het werk wordt vooral gekenmerkt door de grondige afschuw van al wat naar het zwaarwichtige zweemt.

Een van zijn volgens hemzelf beste geschriften is De verschijning te Kallista (1953) waarin het geloof in miraculeuze verschijningen wordt gepersifleerd.

In 1960 werd hij verkozen als lid van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal en Letterkunde.

Websites: www.dbnl.org, www.neerlandistiek.nl, www.maatschappijdernederlandseletterkunde.nl, www.ned.univie.ac.at


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 1066.