kunstbus

(advertentie)
Er staan 3 artikelen in onze webwinkel Kunstbus


Winston karaf/vaas Per Lutken voor Holmegaard, Denemarken

Deze zeldzame vaas of karaf is ontworpen door Per Lutken voor Holmegaard in Denemarken. Deze karaf is ooit aangeschaft in het chique warenhuis van Hans Hansen in Kolding in Denemarken.
Prijs: € 300

Dit artikel is 02-06-2008 voor het laatst bewerkt.

Stedebouwkunde

Stedebouwkunde gaat over:
. ruimte én tijd
. het ontwerpen én plannen van stad én land
. het analyseren van het verleden om te komen tot (ontwerp)opgaven voor nu en straks, én over het (ontwerpend) verkennen van de toekomst om (vooral wenselijke, niet waarschijnlijke) mogelijkheden in kaart te brengen voor opgaven van nu.
. vormgeving én planvorming. Dóór alle schalen heen, van huizenblok tot eu-regio; top down én bottom up.
. ruimtelijke ontwikkelingen en hun maatschappelijke implicaties én over maatschappelijke ontwikkelingen en hun ruimtelijke implicaties. Vóór, dóór en mét mensen; gebruikers, beslissers, ontwerpers en planners.
. de ruimtelijke condities waar zich het dagelijkse leven van mensen afspeelt én over de ruimtelijke condities voor een duurzame toekomst voor nieuwe generaties.
. het tekenen, visualiseren, verwoorden en communiceren van ideeën over stad en land in plannen, én over het strategisch denken en handelen om plannen daadwerkelijk gerealiseerd te krijgen, of op zijn minst te laten meespreken in het debat over de inrichting van de ruimte.
. het vormgeven aan (gegeven) stedelijke programma’s én over het creëren van fysiek-ruimtelijke mogelijkheden voor nieuwe (niet gegeven) stedelijke programma’s.
. het conceptualiseren van zowel de bestaande (ruimtelijke) werkelijkheid, alsook het conceptualiseren van de wenselijke toekomsten van die ruimtelijke werkelijkheid, onder andere ten behoeve van de communicatie met anderen.

De basis van de stedebouwkunde bevindt zich rondom de twee kernbegrippen, ruimte en tijd. De stedebouwkunde dient het als haar taak te zien om ruimtelijke voorstellen te doen om de fysieke leefomgeving van de mens, stad en land, in de tijd te organiseren. Het stedebouwkundig plan / ontwerp is het middel waarmee de stedebouwkundige dit doet. De stedebouwkunde is daarmee handelings- en toekomstgericht, maar met een groot historisch besef omtrent het feit waarom zaken zijn, zoals ze nu zijn.

Zie verder op: planologie, stedenbouwkundig ontwerpen, architectuur, regelgeving, detailleren en stedenbouwkundig onderzoek. Nergens wordt zomaar begonnen met bouwen. Er moeten eerst plannen worden goedgekeurd. In een klein dichtbevolkt land als Nederland is het maken van plannen extra belangrijk. Want hoe plaats je al die bebouwing in de beperkte ruimte die we hebben? Niet alleen woningen, maar ook kantoorgebouwen en wegen. Dit maakt allemaal onderdeel uit van planologie en ruimtelijke ordening. Als stedebouwkundige jouw pakkie-an!

Een stedenbouwkundige doet onderzoek naar wenselijke en mogelijke ontwikkelingen voor bestaande en nieuw in te richten gebieden in de openbare ruimte (stedenbouwkunde). Het vakgebied van de verkeerskunde heeft ook raakvlakken met het werk van de stedenbouwkundige. Hij of zij is doorgaans werkzaam bij de overheid of eenarchitectenbureau.
Een stedenbouwkundige heeft een hogere stedenbouwkundige opleiding. Aan universiteit en hogeschool is het een Master na Master, dwz. dat men vooraf reeds een Master-opleiding heeft voltooid. Dit kan een opleiding zijn aan een:
. Academie van Bouwkunst
. Academie voor Stedenbouw, Verkeer en Logistiek
. Architectenschool
. Industrieel of burgerlijk Ingenieur
. Technische Universiteit
De BNSP is de Beroepsvereniging van Nederlandse Stedebouwkundigen en Planologen. De BNSP-leden zijn betrokken bij de ruimtelijke inrichting van het land, zowel in stedelijk als in landelijke gebied.

Stedenbouwkunde is het vakgebied (onderdeel van bouwkunde) dat onderzoek doet naar wenselijke en mogelijke ontwikkelingen voor bestaande en nieuw in te richten gebieden inc. de openbare ruimte. In de stedenbouwkunde wordt gebruik gemaakt van rapporten en haalbaarheidsstudies, technische middelen, schetsvoorstellen, enz. De voorstellen worden in conceptvorm gepresenteerd en men heeft veelvuldig overleg met betrokken werkgroepen, opdrachtgevers, w.o. gemeenten, particuliere instellingen en andere belanghebbenden.
In latere fasen worden de plannen binnen wettelijke kaders Wet Ruimtelijke Ordening en Woningwet ter visie gelegd in de vorm van z.g. "bestemmingsplannen" (Nederland) of een "Bijzonder plan van aanleg" (Vlaanderen). Deze plannen liggen dan ter inzage voor de burgers. Het betreft vaak tekeningen, toelichting en maquettes voor nieuw in te richten gebieden of renovatie van bijvoorbeeld een vooroorlogse woonwijk. Bijzondere aandacht wordt daarbij gevestigd op eventuele onteigeningen. De inrichting van o.m. groenvoorziening en landschap, recreatiegebieden en industrie, kunnen deel uitmaken van de stedenbouwkundige discipline. In toenemende mate wordt de computer ingezet als instrument voor visualisering van het ontwerp CAD. De stedenbouwkundige is daarmee iemand die werkt op het grensvlak van planologie en architectuur. Het vakgebied van de verkeerskunde heeft ook raakvlakken met het werk van de stedenbouwkunde.
Een bijzondere uitingsvorm van stedenbouwkunde uit de twintigste eeuw is het zogenaamde Nieuwe Bouwen, vooral geïnspireerd op Tony Garnier en Le Corbusier. - (Planologie is een vakgebied dat zich bezighoudt met de (zo effectief mogelijke) indeling van de beschikbare ruimte in een land, provincie, gewest, stad of dorp en dat studie maakt van het ontstaan van de bestaande ruimtelijke ordening.
De term planologie is in 1929 geïntroduceerd door J.M. de Casseres in een artikel in De Gids. In het internationale verkeer heeft men het wel over "urbanisme", wat terugvertaald kan worden naar stedenbouwkunde. De bestudeerde ruimte is de menselijke habitat, het leefgebied van de mens, natuurgebieden behoren niet tot het vakgebied.
De definitie die het best in de buurt komt luidt: "de best denkbare wederkerige aanpassing tussen ruimte en maatschappij, zulks ter wille van die maatschappij". Planologie kijkt naar de inrichting van de ruimte, de ruimtelijke ordening, en hoe deze met beleid kan worden verbeterd. Planologen dragen materiaal aan voor het maken van bestemmingsplannen of streekplannen en voor het nemen van verantwoorde infrastructurele besluiten, bijvoorbeeld een Planologische kernbeslissing.

Planologie heeft te maken met sociale geografie, economie, milieukunde, verkeers- en vervoerskunde en zelfs met psychologie en sociologie. Planologie maakt gebruik van onder meer cartografie (zie ook Geografisch informatie systeem), ecologie, hydrologie, bodemkunde demografie, statistiek en sociologie. Planologen kunnen in dienst zijn van de overheid, bedrijven, gemeenten, provincies, architecten, stedenbouwkundigen, adviesbureaus en belangenorganisaties.

Bij het nemen van beslissingen over inrichting van ruimte gaat het, zeker in een klein en dichtbevolkt land als Nederland, vaak om de vraag: Is het wenselijker te kiezen voor economische groei of voor milieubelangen? Leefbaarheid en de noodzaak van economische ontwikkeling zijn vaak strijdig met elkaar. Voorbeelden hiervan zijn de veel bediscussieerde aanleg van de HSL-Zuid, de Betuweroute, de uitbreiding van de luchthaven Schiphol en de aanleg van de door Rotterdam zo gewenste Tweede Maasvlakte.

Ook moeten er keuzes gemaakt worden voor wonen, werken, recreatie of verkeer. Allerlei partijen hebben verschillende belangen en worden in het onderzoeks- en beslissingsproces vaak vertegenwoordigd door belangengroepen en lobbyisten.

Andere vraagstukken waar planologen zich mee bezig kunnen houden zijn groenbehoud, de verdeling of herverdeling van landbouwgronden, milieubeheer, stadsontwerp, de noodzaak en inrichting van bedrijfsterreinen, monumentenzorg en acquisitie.

Subdisciplines zijn de technische planologie, verkeersplanologie en de groene planologie.

Technische planologie is een wetenschappelijke discipline die zich richt op de relaties tussen ruimte, infrastructuur en milieu als basis voor bewuste ingrepen die de kwaliteiten van de leefomgeving handhaven en waar mogelijk verbeteren en waarbij een technische invalshoek op deze vraagstukken centraal staan. Technische planologie kan aan de Rijksuniversiteit Groningen als bachelor-opleiding en als masteropleiding (Engelstalig) worden gevolgd. Technisch-planologen worden ingezet bij planningsprocessen waarbij technische en planologische kennis nodig is. De opleiding geeft inzicht in de organisatie en uitvoering van ruimtelijke planningsprocessen. In de Groningse studie is veel aandacht voor ontwerptechnieken en methoden & technieken van planologisch onderzoek. Het gaat hierbij vooral om ondergrondse en bovengrondse infrastructuur en het fysieke milieu zoals de planning van wegen, spoorlijnen, vliegvelden, de planning van verkeersvoorzieningen, de planning van het waterbeheer, van milieubeschermingsgebieden, integrale milieuzonering en bodemsanering.

De groene planologie is een deelgebied van de planologie en houdt zich bezig met de ruimtelijke vraagstukken van het zogenaamde landelijk gebied; dat is de open ruimte buiten de steden. De Universiteit van Wageningen biedt als enige een geheel Engelstalig gedoceerde opleiding groene planologie aan.

Geschiedenis
De rol van de planoloog is in de loop van de tijd aanzienlijk veranderd. Tot de jaren '60 hield hij zich voornamelijk bezig met het intekenen (net als de stedenbouwkundige) van plannen. Vanaf de jaren '60 is de rol echter steeds meer verschoven naar het participeren in het planningsproces en het opstellen van plannen voor het ruimtelijke beleid op verschillende schaalniveau's. Het topjaar voor de planoloog was 1966 toen met de komst van de tweede Nota op Ruimtelijke Ordening een globaal plan werd opgesteld voor Nederland dat uitging van scenario's van een Nederland dat in het jaar 2000 ongeveer 20 miljoen inwoners zou tellen. Later (in de derde Nota) toen bleek dat deze scenario geen werkelijkheid ging worden nam de invloed van de planologie licht af.

Nederlands verschijnsel
Planologie is een typisch Nederlands verschijnsel. In het buitenland kent men vrijwel geen planologen. Hier worden zij vaak "Urban Planners" genoemd, wat meer neigt naar een soort planologie voor steden. De reden dat planologie een typisch Nederlands verschijnsel is is dat Nederland al sinds jaar en dag kampt met ruimtegebrek. In het verleden is Nederland dan ook al groot geweest in het zo efficiënt indelen van de beschikbare ruimte. In andere landen, waar doorgaans minder schaarste van ruimte bestaat, is daarom ook nooit een broodnodig belang geweest voor efficiënt ruimtegebruik.

Planologie als wetenschappelijke discipline
Planologie wordt in Nederland op een aantal universiteiten gedoceerd. De Universiteit Utrecht, de Universiteit van Amsterdam, de Rijksuniversiteit Groningen, Wageningen Universiteit en de Radboud Universiteit Nijmegen geven het vak. Daarbij moet vermeld worden dat in Utrecht, Groningen en Nijmegen de discipline in de volledige bachelorfase onderdeel is van de studie Sociale Geografie en Planologie. Aan de Groninger faculteit wordt ook de opleiding Technische Planologie gedoceerd, met meer aandacht voor weg- en waterbouwkunde en bouwtechniek. Ook op een aantal HBO-scholen, waaronder de NHTV te Breda en de HRO te Rotterdam, doceert men planologie.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Planologie

(advertentie)
Er staan 3 artikelen in onze webwinkel Kunstbus


Winston karaf/vaas Per Lutken voor Holmegaard, Denemarken

Deze zeldzame vaas of karaf is ontworpen door Per Lutken voor Holmegaard in Denemarken. Deze karaf is ooit aangeschaft in het chique warenhuis van Hans Hansen in Kolding in Denemarken.
Prijs: € 300

Pageviews vandaag: 10.