kunstbus
Dit artikel is 02-05-2021 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Friese Vrijheid

Hiermee wordt bedoeld het ontbreken van feodale instituties (het leenstelsel) in het gebied tussen de voormalige Zuiderzee en de Wezer, met name de huidige provincies Groningen en Friesland in Nederland en Oost-Friesland in Duitsland. In de middeleeuwen misten er twee dingen in de Friese gebieden die bijna overal als normaal of zelfs als onmisbaar werden beschouwd: een vorst die het hoogste gezag uitoefende én het feodale stelsel met zijn verschil tussen vrijen en onvrijen. Het ontbreken van die beide elementen werd in de middeleeuwen als vrijheid gezien.

De beeldvorming van Friezen als een vrijheidslievend volk is al heel oud. Van grote betekenis voor de verspreiding daarvan is het invloedrijke werk van Bartholomaeus Anglicus Over de eigenschappen der dingen uit ± 1240 geweest. ​Daarin staat dat de Friezen voor de vrijheid hun leven over hebben en de dood verkiezen boven het juk van de slavernij (=onvrijheid). Uit de inleiding hierboven bleek al dat Anglicus dat niet zomaar schreef.

In bestuurlijk opzicht namen de Friese landen dus een uitzonderingspositie in. De Friezen hadden het bestuur zelf in handen zonder dat er een graaf, hertog of bisschop aan te pas kwam zoals in andere gewesten. De Friezen vielen onder de keizer, maar die was ver weg en in de praktijk stelde zijn gezag niet al te veel voor.

Karelsprivilege

De Friezen waren trots op hun vrijheid. De ideologische rechtvaardiging daarvan werd, zoals de Friezen vertelden, geleverd door een privilege dat keizer Karel de Grote in 800 aan de Friezen toegestaan zou hebben als dank voor de steun die ze hem hadden verleend bij verovering van Rome. Dit zogenaamde Karelsprivilege is echter een vervalsing dat ook pas aan het eind van de dertiende eeuw opduikt, in een tijd dat de Friezen grote behoefte hadden aan een schriftelijke rechtvaardiging van het zelfbestuur. Het privilege gaf hen wel een historische en juridische grond voor hun aanhoudende verzet tegen graven en hertogen uit de buurt.

In 1417 gaf rooms-koning (later keizer) Sigismund de Friezen een privilege waarin de Friese Vrijheid officieel werd vastgelegd. De Friezen konden hun eigen bestuur regelen, maar moesten wel elk jaar een belasting aan de keizer betalen. In dit privilege werden de aanspraken van alle andere landsheren op Fryslân ongeldig verklaard. Vooral hierom was dit privilege zo belangrijk voor de vrije Friezen, want het was het enige originele stuk waarmee de Friezen hun zelfstandigheid konden verdedigen tegen aanspraken van andere landsheren. De vrijheid van de Friezen was officieel gesanctioneerd.

De wortels van de moderne democratie liggen niet in het antieke Athene of Rome, maar in de van vorstenmacht vrije steden die in de loop van de Middeleeuwen vooral in Noord-Italië en in Duitsland opkwamen. Maar de vrijheid manifesteerde zich ook in enkele niet-stedelijke regio's. Daarbij gaat het vooral om drie gebieden: de zogenaamde oerkantons van Zwitserland (Uri, Schwyz en Unterwalden), Dithmarschen en Fryslân.

In 1998 is het originele privilege uit 1417, een grote lap perkament verzegeld met het Rijkszegel, geschonken aan het Rijksarchief (nu Tresoar) in Fryslân. Dit privilege kan gezien worden als het topdocument van de Friese vrijheid. Op 28 september wordt een replica van dit document in de hal van het Provinciehuis onthuld zodat iedereen het kan (be)zien.

Groningen

De stad Groningen en de (Friese) Ommelanden sluiten in 1428 en 1473 verdragen tot onderlinge bijstand tegen binnen- en buitenlandse vijanden. De (Friese) Ommelanden vormen een gebied zonder landsheerlijk gezag en erkennen in naam alleen dat van de Duitse keizer. Men regelt zelf de zaken; de 'Friese Vrijheid'.

Websites en bronnen:
www.canonvannederland.nl

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.

Pageviews vandaag: 36.