kunstbus
Dit artikel is 22-10-2020 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Louise Michel

Louise Michel (Château de Vroncourt, Haute-Marne 29 mei 1830 - Marseille, 9 januari 1905) was een Frans anarchiste, , lerares, verpleegkundige, communard en publiciste. Ze was een belangrijk figuur tijdens de Commune van Parijs. Michel gebruikte vaak het pseudoniem Clémence en werd door de Parijse bevolking wel 'de rode maagd van Montmartre' genoemd.

Michel werd geboren als buitenechtelijke dochter van de zoon van de kasteelheer van Vroncourt Dehamis en een dienster. Ze werd opgevoed door de ouders van haar vader en werd in staat gesteld een opleiding tot onderwijzeres te volgen.

Tijdens haar studie kwam Michel in aanraking met het sociaal-anarchistisch en anti-Bonapartistisch gedachtegoed en werd ze lid van een vrijmetselaars-groepering. Toen ze begon met lesgeven aan vrije scholen in Parijs propageerde ze ook voortdurend haar revolutionaire ideeën tegenover haar leerlingen en met name haar atheïstische denkbeelden brachten haar regelmatig in een lastig parket.

Toen in 1870, tijdens de Frans-Duitse Oorlog, Parijs door de Duitsers werd belegerd, kwam Michel aan het hoofd te staan van een van de door de arbeidersbonden in het leven geroepen 'Comités van waakzaamheid' en hielp ze de stad verdedigen.
Toen de bevolking uit onvrede met een door de voorlopige Republikeinse regering gesloten vredesverdrag met de Duitsers in maart 1871 de Commune van Parijs uitriep sloot ze zich direct bij hen aan en trad ze toe tot de nationale garde van burgers. Michel was overal tijdens de commune: ze stond samen met de andere communards boven op de barricades bij Montmartre, voerde demonstraties aan, stond verzorgde gewonden en propageerde haar anarchistische gedachtegoed. Ze bood aan regeringsleider Adolphe Thiers te doden en stelde zelfs voor Parijs te vernietigen als wraak voor de vernederende vredesvoorwaarden.

Michel is nooit getrouwd geweest maar koesterde wel een grote doch onbeantwoorde liefde voor de na de Parijse commune geëxecuteerde revolutionair Théophile Ferré (1846-1871). Ze verscheen op haar proces, kort na diens executie, in een zwarte rouwsluier.

Nadat de Parijse Commune op 28 mei 1871 was neergeslagen werd Michel publiekelijk gearresteerd, berecht en veroordeeld voor haar aandeel in de opstand. Ze werd gedeporteerd naar het strafeiland Nieuw-Caledonië, waar ze haar activistische activiteiten vervolgens gewoon weer voortzette onder de inheemse bevolking.

In 1880 kreeg ze amnestie en keerde naar Frankrijk terug. Ook daar zette ze haar activisme voort, hield overal in het land lezingen (in 1888 werd ze tijdens een toespraak door een kogel geraakt aan haar oor) en publiceerde tal van artikelen en pamfletten met haar anarchistische ideeën. Michel verbleef van 1892 tot 1895 in Londen, werd steeds meer een vooraanstaande figuur in internationaal anarchistische kringen, gewaardeerd ook om haar theoretische geschriften en raakte bevriend met onder meer Peter Kropotkin en Jan Antoon Fortuyn.

Michel schreef op latere leeftijd ook gedichten en haar veelgeprezen, nog altijd lezenswaardige memoires. Ze overleed op 74-jarige leeftijd aan een longontsteking.

In de Parijs gemeente Levallois-Perret werd het metrostation aan lijn 3 in 1946 omgedoopt in het Louise Michel Metrostation.


Pageviews vandaag: 1807.