kunstbus
Dit artikel is 08-04-2021 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Réveil

Het Réveil (1815- circa 1865) was een internationale opleving (opwekking) van het gereformeerde denken en handelen in een deel van het negentiende-eeuwse Europa. De nadruk lag op de beleving van de eigen vroomheid, op de harmonie van dogma en gevoel. De beweging liep min of meer parallel met de Romantiek en had ook een gemeenschappelijke wortel in de afkeer van het rationalisme van de Verlichting.

Later, vanaf 1845, verbreedde de beweging zich door de nadruk die kwam te liggen op maatschappelijke bewogenheid: armenzorg, strijd tegen alcoholisme, hulp aan verwaarloosde jeugd, prostituees en zwakzinnigen. Voor het maatschappelijk Réveil was Ottho Gerhard Heldring een leidende figuur.

In Nederland was Willem Bilderdijk de vader van het Réveil. Isaäc da Costa, Samuel Iperusz Wiselius, Willem de Clercq en Groen van Prinsterer waren leerlingen van Bilderdijk. Ook in Zwitserland (Genève) waar de beweging ontstond, in Frankrijk en in het zuiden van het huidige Duitsland was van een gereformeerde opleving sprake. Daarnaast waren er contacten in Groot-Brittannië (zie Apostolischen, Edward Irving, Henry Drummond).

Het Réveil heeft invloed gehad op staatkundig terrein. Mede door het Réveil zijn aan het einde van de 19e eeuw de anti-revolutionaire en christelijk-historische partijen ontstaan. Ten slotte kreeg de christelijke zending vanuit het Réveil belangrijke impulsen. In Engeland waren William Wilberforce en Thomas Chalmers belangrijke vertegenwoordigers van deze opleving.


Het Nederlands reveil is - mèt het katholieke renouveau van Broere en Thijm - het principiële verzet tegen het rationalisme en zijn optimisme, zijn geloof in de vooruitgang en zijn leer der perfectibiliteit van wereld en mensheid; het is het verzet tegen deïsme en atheïsme, tegen de theorieën over de vrijheid en gelijkheid der mensen, tegen het liberalisme en al wat in het maatschappelijke en politieke leven is voortgevloeid uit de verlichting. Men beoogde het Evangelie van Gods genade in Christus, in geest en, vóóral, in gemoed te beleven5. Niet de zelfgenoegzame mèns, die 'tot nut van het algemeen' doceert, brengt de wereld het waarachtig heil; het heil wòrdt de individuele mens gebracht, indien Gods genade doorbreekt in zijn ziel. Het hoogste wat de mens kan doen, is het omhelzen van Christus' godsdienst en zedenleer.

Men kan niet zeggen, dat het reveil rechtstreeks brede kringen van ons volk heeft beïnvloed. Om zijn piëtistische elementen zou het velen geboeid moeten hebben; het piëtisme is vanouds in ons land inheems. Maar dit in ons land inheemse piëtisme werd nu juist niet bepaald gekenmerkt door een grote voorkeur voor de strenge rechtzinnigheid der Dordse vaderen die de reveilmannen beheerste. - Anderen weer wendden zich van het reveil af, juist omdat zij niet bevredigd werden door een piëtisme dat hen min of meer van de wereld vervreemdde.
Desondanks is het, indirect, van enorme betekenis geweest, doordat het een aantal leidende geesten van ons volk greep, die door hun woord en geschrift (Da Costa, De Clercq) en door hun politieke invloed (Groen van Prinsterer) velen beïnvloedden en een eigen geestelijke formatie zoal niet in het leven riepen, dan toch in stand hielden. 'De fijnen' en de partij van de kleine luiden hebben een eigen stem in het koor van de sprekende en zingende Nederlanders; zich uitdrukkend in zijn eigen nieuwe tale Kanaäns, heeft deze stem geklonken van Bilderdijk tot Geerten Gossaert.



Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.

Pageviews vandaag: 450.