kunstbus

(advertentie)
Er staan 3 artikelen in onze webwinkel Kunstbus


Grote glazen jaren vijftig/zestig plafonnière

Grote gele met groene en zwarte fantasie-motieven versierde jaren vijftig/zestig plafonnière met drie lichtpunten.
Prijs: € 65

Ridder

Een ridder was in de Middeleeuwen oorspronkelijk een bereden en bepantserde soldaat (ruiter) die de ridderslag ontvangen had. Allengs werd de naam echter geassocieerd met adel en sociale status, vermoedelijk omdat de kosten van de uitrusting voor het ridderschap het slechts voor de toenmalige elite mogelijk maakten een dergelijke status te verwerven.

Ridder is heden ten dage een formele adellijke titel.
De titel ridder komt in Nederland en Vlaanderen op twee manieren voor: "op alle" en "met het recht op eerstgeboorte".
In het eerste geval heeft ieder lid van de betreffende adellijke familie (dat wil zeggen iedere afstammeling, mannelijk of vrouwelijk, in mannelijke lijn) recht op de titel.
In het tweede geval wordt de titel vererfd in Salische lijn. Dat wil zeggen dat de oudste mannelijke afstammeling van de eerste drager van de titel zich ridder mag noemen. De rest is dan dus titelloos.

Formele titel
Het ridderschap werd uiteindelijk een formele titel, die werd toegekend aan edelen die voor militaire dienst waren opgeleid en lid werden van een ridderorde. In theorie kon het ridderschap aan een man worden toegekend door elke ridder, maar over het algemeen werd het eerbaar gevonden als de koning iemand tot ridder sloeg.

Ministerialen en ridderlenen
Aanvankelijk werd een groot deel van de ridders gerekruteerd uit de klasse der "ministerialen", dienstmannen van rijke edelen. Dat waren vaak eenvoudige boerenzonen die door hun landheer voor een andere taak waren uitverkoren. Dat kon de taak van huisbediende of rentmeester zijn, maar het meest nog hadden de grootgrondbezitters behoefte aan gewapende begeleiders, die te paard konden strijden. Het gevecht met de lange lans te paard was een alles behalve eenvoudige kunst; om daarin uit te blinken was het het best om reeds als kleine jongen met de training te beginnen.

De ministerialen leefden meestal in het kasteel van hun meester of op één van de ondergeschikte kastelen, indien de meester er meerdere bezat. De droom van iedere ministeriaal was echter om eens als beloning voor verleende diensten een "ridderleen" te ontvangen, een versterkt woonhuis met een klein aantal hoeven, waarvan de boeren hun pacht rechtstreeks aan de ridder betaalden. Dan kon je leven als een klein edelman. En de ambitie van een ministeriaal met een dienstleen was natuurlijk dat zijn zonen ook ridder zouden worden. Allengs begonnen de ridders zich huizenhoog verheven te voelen boven de "keerlen" (boeren), waaruit zij waren voortgekomen (iets dat zij liefst zo snel mogelijk probeerden te vergeten).

Zo ontstond vanaf de Karolingische tijd een "ridderstand", waarvan het lidmaatschap voor een groot deel erfelijk bepaald was. Wat hun levenswijze betreft, verschilden de ridders met een ridderleen niet veel van de kleine grondbezitters. In toenemende mate werd het ook voor een grondbezitter als onwaardig beschouwd om niet de ridderslag te ontvangen. Voor een zoon van een edelman was het enige maatschappelijk aanvaardbare alternatief voor de krijgsdienst te paard om geestelijke te worden. Zo werd de scheidslijn tussen ridder-ministerialen en edelen steeds vager, zonder overigens ooit helemaal te verdwijnen.

Hoofs gedrag
Tegen het einde van de 13e eeuw begon een gedragscode en een uniform voor ridders te ontstaan, gedeeltelijk tegelijk met de focus op hoofs gedrag. Ridders mochten een witte riem en gouden sporen dragen als teken van hun status. Vaak moesten ze trouw zweren aan een feodale meerdere. Het bekende salueren van tegenwoordige soldaten in dienst, is afkomstig van de gedragscode van een ridder waarbij hij het vizier lichtte teneinde het gelaat te tonen. Speciaal gebeurde dit nadat er een overwinning behaald was bij een steekspel. Zie toernooi hieronder.

Een ridder moest zich aan een strikte gedragscode houden. Deze bestond uit de ridderlijke waarden, waaronder:
. Barmhartigheid
. Nederigheid
. Eer
. Opoffering
. Godvrezendheid
. Trouw
. Rechtschapenheid
Deze waarden werden meer en meer geïdealiseerd. In werkelijkheid beantwoordde het gedrag van de ridders vaak niet aan deze hoge idealen.

Militair nut
De ridderschap kon opkomen dankzij enkele vernieuwingen in de wapentechniek, die vermoedelijk in het Parthische of Sassanidische Perzië voor het eerst met elkaar werden gecombineerd: stijgbeugel, grotere en sterkere paardenrassen, maliënkolder. Een dergelijke cavalerie had een enorm militair overwicht op te licht bewapende of slecht gedisciplineerde infanterie. Het Byzantijnse Rijk nam in de 6e eeuw van de Perzen het gebruik van deze gepantserde ruiters (catafracti) over, waarna deze strijdwijze zich spoedig ook naar West-Europa verspreidde.

In de loop der tijd begonnen de ridders zich echter al te zeker van hun zaak te voelen. Zij gingen ervan uit dat één ridder opwoog tegen tenminste tien voetsoldaten. Dit beginsel ging echter lang niet altijd op. Bij de Guldensporenslag in 1302 bijvoorbeeld leden de Franse ridders een nederlaag tegen het Vlaamse voetvolk.

Veranderingen in militaire tactieken, zoals het succesvol gebruik van de lange boog tegen de Franse cavalerie bij Crécy en Agincourt en later het gebruik van vuurwapens, verminderden het belang van de ruiterij, i.c. het harnas.

In de eeuwen gedurende welke de ridderschap de kern van de strijdmacht uitmaakte, droegen de ridders doorgaans een maliënkolder en geen plaatharnas. Het harnas uit staalplaat begon pas in de 15e eeuw algemeen te worden, toen het militaire belang van de ridders al op zijn retour was.

Toernooien
In vredestijd gedurende de latere Middeleeuwen en tot het einde van 16e eeuw werd de rol van de ridder bevorderd en verheerlijkt met behulp van gestileerde toernooien en steekspelen die weinig leken op de bloederige strijd waaraan de ridder ooit deelnam.

Dergelijke toernooien worden sinds kort door enthousiaste amateurs nagespeeld. Men moet een dergelijk toernooi niet verwarren met het steekspel, waarbij twee ridders op paarden naar elkaar toestoven om de ander uit het zadel te lichten. Men had daartoe soms een speciale lanshouder op de rechterarm gemonteerd.

Moderne tijd
Toen zelfs de toernooien uit de mode raakten, werd het ridderschap steeds minder geassocieerd met oorlogvoering en gaf de naam steeds vaker sociale status aan. Tegenwoordig worden ridderschappen nog steeds vergeven in Groot-Brittannië (Dame en Sir) en andere landen van het Brits Gemenebest en in Nederland, als erkenning van verdiensten aan de maatschappij. Die verdiensten zijn niet noodzakelijk meer militair van aard.

In Nederland kan men als Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau worden gedecoreerd. Dit geeft echter geen recht op een ridderlijke titel of rangkroon.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Ridder.


(advertentie)
Er staan 3 artikelen in onze webwinkel Kunstbus


Grote glazen jaren vijftig/zestig plafonnière

Grote gele met groene en zwarte fantasie-motieven versierde jaren vijftig/zestig plafonnière met drie lichtpunten.
Prijs: € 65

Pageviews vandaag: 166.