kunstbus

(advertentie)
Er staan 3 artikelen in onze webwinkel Kunstbus


Grote glazen jaren vijftig/zestig plafonnière

Grote gele met groene en zwarte fantasie-motieven versierde jaren vijftig/zestig plafonnière met drie lichtpunten.
Prijs: € 65

Dit artikel is 22-12-2008 voor het laatst bewerkt.

Robespierre

Frans advocaat en staatsman tijdens de Franse Revolutie, geboren 6 mei 1758 Arras - overleden 28 juli 1794 Parijs.

Maximilien-Marie-Isidore de Robespierre was een consequent doctrinair met een groot gevoel van eigenwaarde. Zijn aanhangers noemden hem L'Incorruptible, de onkreukbare, omdat hij niet uit was op persoonlijk voordeel en altijd trouw bleef aan zijn principes. Hierbij betoonde hij zich enerzijds flexibel in het trekken van consequenties uit die principes. Zo was hij vanwege de rechten van de mens eerst tegen de doodstraf, maar beredeneerde later het tegenovergestelde, omdat de staat die rechten moest verdedigen tegen de contrarevolutionairen; anderzijds deinsde hij er niet voor terug zijn vrienden aan zijn 'principes' onder de guillotine op te offeren.

Levensloop
Robespierre werd geboren in een vooraanstaande familie van Arras (het vroegere Vlaamse Atrecht) in Noord-Frankrijk. Hij blonk uit op school en kreeg een beurs voor het prestigieuze Collège Louis Le Grand te Parijs. Al jong werd hij beïnvloed door de ideeën van de 18e eeuwse denkers, in het bijzonder die van Jean-Jacques Rousseau. Deze filosoof van de Verlichting zou zijn ideologische leidsman blijven. Na zijn juridische vorming keerde hij terug naar Arras om zich daar te vestigen als advocaat, zoals zijn vader en grootvader destijds.
Op 5 mei 1789 ging hij naar Parijs als afgevaardigde van zijn provincie voor de Derde Stand in de Staten-Generaal in Versailles. De "Derde stand" omvatte destijds 25 miljoen Fransen, naast 130.000 leden van de clerus en 110.000 leden van de adel. De Staten-Generaal werden door koning Lodewijk XVI voor het eerst weer sinds 1614 bijeen geroepen, om een uitweg te vinden uit de financiële crisis en de bestuurlijke onmacht van het land. Vervolgens werd hij lid van de Nationale Grondwetgevende Vergadering (Constituante). Hij werd lid van de radicale "Club der Jacobijnen" en was voorstander van een verregaande democratisering, ook al was hij aanvankelijk nog voorstander van een constitutionele monarchie. Hij werd pas republikein in 1792, het jaar waarin hij deelnam aan de opstand van het revolutionaire Parijse gemeentebestuur ("Commune insurrectionnelle"). Toen de koning in juni 1791 Frankrijk probeerde te ontvluchten, maar bij Varennes werd aangehouden, rezen de anti-monarchistische gevoelens in Parijs de pan uit. Bij de stemming over het lot van de koning stemde Robespierre voor de doodstraf.

Robespierre nam deel aan de opstelling van de "Déclaration des Droits de l'Homme et du Citoyen" (Verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger) en ook aan die van de eerste Franse grondwet van 1791.

Robespierre was initiatiefnemer tot de Nationale Conventie, een nieuwe volksvergadering die met algemeen mannenkiesrecht werd verkozen. Robespierre zetelde hier met de radicale fractie van de "Montagnards".

Hij keerde zich in de Conventie fel tegen de oorlog met de andere Europese mogendheden, die zich tegen het revolutionaire Frankrijk hadden aaneengesloten, een oorlog waarop de gematigder en federalistisch gezinde fractie van de Girondijnen met enthousiasme had aangestuurd om de aandacht van de bevolking af te leiden van de interne problemen. De kritiek van generaal Dumouriez, diens nederlaag bij Neerwinden en zijn overlopen naar de tegenstander bracht diens politieke vrienden, de Girondijnen, in diskrediet. Het duurde niet lang voordat zij in groten getale onder de guillotine kwamen. (juni 1793)

Op 9 Thermidor van het jaar I (27 juli 1793) werd Robespierre lid van het "Comité van nationale redding" (Comité de salut public), een revolutionair orgaan dat de functie van regering vervulde. Hij richtte een regime, een Schrikbewind (=Terreur), op dat gebaseerd was op "de deugd". Omdat hij overal om zich heen corruptie en verraad zag (of meende te zien), liep zijn ijver voor de "deugd" uit op "Terreur" tegen allen die in zijn ogen onvoldoende ijver voor de revolutionaire beginselen aan de dag legden. In de oren van Robespierre en zijn fanatieke geestverwanten had het woord "terreur" overigens een positieve bijklank. Men verklaarde de terreur "tot de orde van de dag", noodzakelijk om de revolutie te doen slagen. Vanaf 5 september 1793 tot de val van Robespierre kwamen ruim 16.000 mensen, gemiddeld zo'n 50 per dag, onder het "nationale scheermes" terecht.

Men gaf Robespierre de bijnaam "l'Incorruptible" (=De Onomkoopbare) vanwege zijn onwankelbare beginselen en zijn sobere levenswijze. Mirabeau, een der revolutionaire leiders van het eerste uur, had in 1789 over Robespierre gezegd: "Deze man is gevaarlijk, hij gelooft in alles wat hij zegt".

Robespierre, sterk beïnvloed door de verlichtingsfilosofen, was een patriot die een ongedeelde volkssoevereiniteit voorstond. De republiek was "één en ondeelbaar". Met Rousseau beschouwde Robespierre de volonté générale of de algemene wil van het volk als de grondslag van politieke legitimiteit.

Robespierre had invloed op het "Comité van nationale redding". In politieke zin was hij radicaal, maar van het echte atheïsme moest hij weinig hebben. Atheïsme was voor Robespierre een decadent, aristocratisch verschijnsel, onverenigbaar met de ware aard van het het door hem zo hoog geschatte volk. Omdat hij het christendom beschouwde als hopeloos aangetast door het oude bestel, propageerde hij een "rationele godsdienst": de Eredienst van het Opperwezen (mei 1794), een 'verlichte' en deïstische staatsreligie. Op 8 juni 1794 ging hij voor in het grootse Fête de l'Etre suprême op het Champs-de-Mars. Radicale atheïsten die hem voor deze houding bekritiseerden, zoals Jacques Hébert, raakten in ongenade en kwamen onder de guillotine.

Dramatisch was ook de wijze waarop Robespierre vervreemd raakte van zijn vroegere strijdgenoot Georges Danton. Hij aarzelde niet ook Danton en diens aanhangers, onder wie Camille Desmoulins, tot de guillotine te laten veroordelen (5 april 1794).

Neergang en val
De arrestatie van RobespierreZonder dat Robespierre het besefte, begon het tij zich tegen hem te keren. De Franse legers waren in de oorlog weer aan de winnende hand, zodat de noodzaak van een krachtig terreurregime minder evident werd. Het feit dat het "Comité voor nationale redding" op onvoorspelbare wijze, ter linker- en ter rechterzijde, echte en vermeende vijanden uitschakelde, deed vrijwel alle leden van de Conventie vrezen dat zij bij de volgende ronde aan de beurt zouden kunnen zijn. Zowel personen die aanvankelijk vurige voorstanders van de terreur waren geweest, zoals Joseph Fouché en Paul Barras, als minder vurige revolutionairen van de middenfractie ("le Marais") sloegen de handen in elkaar.

Heel onverwacht werden Robespierre en zijn naaste medewerkers in de Conventie aangeklaagd en werd er besloten om Robespierre en ruim twintig van zijn vurige aanhangers, onder wie Louis Antoine Simon de Saint-Just, te arresteren. Dit was de roemruchte machtsgreep van 9 Thermidor van het jaar II (27 juli 1794). De volgende dag werden de aangeklaagden, zonder enige vorm van proces, naar de guillotine gestuurd (zoals dat tevoren met duizenden van hun tegenstanders was gebeurd).

Een poging van aanhangers om Robespierre te bevrijden mislukte, evenals een poging van de revolutionaire leider om zich zelf met een pistoolschot te doden: hij bracht zich alleen een kaakverwonding toe.

Vervolg en erfenis
De executie van Robespierre markeerde het eindpunt van de radicale fase van de Franse Revolutie. De mannen die op 9 Thermidor de macht grepen zouden - door de omstandigheden gedwongen - een veel behoudender koers gaan varen. Daarom wordt wel gesproken van "Thermidoriaanse reactie". Na de val van Robespierre begon het bewind van het Directoire, waarbij de burgerij het heft in handen nam. Robespierre wordt onthoofd zonder enige vorm van proces.
Achteraf kan gesteld worden dat Robespierre zijn tijd ver vooruit was door als eerste te pleiten voor een algemeen kiesrecht voor mannen en voor een progressief belastingsstelsel.
Robespierre heeft met zijn terreurbewind weliswaar te veel persoonlijke vijanden gemaakt, maar zijn bewind heeft wel effect gehad. De republiek zat in 1794 uiteindelijk stevig in het zadel, de koning was dood en het laatste verzet in de Vendée was bedwongen.

Van de sovjet-revolutionairen Trotski en Lenin staat vast dat zij de Franse Revolutie goed bestudeerd hebben, en dat ze beducht waren voor hun eigen 'Thermidor'.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Maximilien_de_Robespierre

(advertentie)
Er staan 3 artikelen in onze webwinkel Kunstbus


Grote glazen jaren vijftig/zestig plafonnière

Grote gele met groene en zwarte fantasie-motieven versierde jaren vijftig/zestig plafonnière met drie lichtpunten.
Prijs: € 65

Pageviews vandaag: 2014.