kunstbus
Dit artikel is 18-02-2009 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Toermalijn

Toermalijn is een groep van mineralen, allen cyclosilicaten. Andere voorbeelden van cyclosilicaten zijn smaragd en aquamarijn.

De mineralen in deze groep delen een karakteristieke chemische formule: AX3Y6(BO3)3 Si6O18(O, OH, F)4. De A kan calcium of natrium bevatten. De X kan bestaan uit aluminium, ijzer, lithium of magnesium. De Y is normaal gesproken aluminium, maar kan ook chroom of ijzer zijn. Op de positie van A kan wat kalium zitten, mangaan kan in X zitten en vanadium kan in Y gevonden worden, maar deze elementen komen niet vaak voor in de formules van de toermalijngroep.

Toermalijn komt voor in pegmatieten, metamorfieten, magmatieten en alluviale afzettingen.

Hoewel toermalijn al in de oudheid bekend was in het Middellandse Zeegebied, werd hij pas in 1703 vanuit Sri Lanka door Hollanders ingevoerd in West-Europa. Zij noemden de nieuwe edelsteen met een Singalees woord "Turmali", wat zoveel betekent als "steen met gemengde kleuren". Als edelstenen gebruikte men van oudsher rubellieten - ze werden door kunstenaars als talisman gebruikt, omdat ze het scheppingsvermogen van kunstenaars zouden vergroten.

De kristallen van toermalijn behoren tot het hexagonale systeem en bestaan in de regel uit langgerekte, slanke, zeskante zuilen.

Naar de kleur worden in de handel de volgende variëteiten onderscheiden:
. Ackroiet (of Achroiet) : Kleurloos of bijna kleurloos, zeer zeldzaam en duur.

. Rubelliet: (Latijns 'rubellus' rossig) Door ijzer met mangaan of lithium roze tot rood, soms met een zweem naar violet. Het waardevolste is de robijnkleur. Als het pegmatietmagma veel lithium bevat, zal de toermalijn die dan gevormd wordt, roze zijn. Gedurende de kristallisatie verandert de samenstelling van het pegmatietmagma en wordt er geen lithium meer ingebouwd, maar natrium. De nieuwe kristallen in de toermalijn worden dan groen.

. Het mineraal draviet (NaMg3Al6(BO3)3Si6O18(OH)4) is een bruin, groenbruin tot bruinzwart, zelden geel, donkerrood of grijsblauw cyclosilicaat. Draviet bevat magnesium en is doorzichtig, doorschijnend tot niet-doorzichtig. Het lijkt veel op het mineraal uviet dat ook tot de toermalijngroep behoort. Het mineraal draviet is genoemd naar de Drau, een zijrivier van de Donau. Draviet wordt onder andere gevonden in Duitsland, de voormalige Sovjet-Unie (Oeral, Transbaikal, Midden-Azië), de VS (Pennsylvania, Texas, New York) en Australië. Het mineraal wordt heel zelden bewerkt tot edelsteen.

. Verdeliet: Alle tinten groen.
. Siberiet: Lilarood tot violetblauw ; gedeeltelijk ook als synoniem van rubelliet gebruikt.

. Schörl is zwart toermalijn, dat vanwege zijn kleur vaak werd gebruikt in rouwsieraden. Naam naar oud-mijnwerkersuitdrukking.
Het mineraal schorl is een zwart, groenzwart of blauwzwart cyclosilicaat met de chemische formule NaFe3+3Al6(BO3)3Si6O18(OH)4. Schorl bevat ijzer en is opaak (volkomen ondoorzichtig). Schorl komt veel voor en is het meest verbreide mineraal uit de toermalijngroep. Het wordt onder andere gevonden in Duitsland, Noorwegen, Zweden, de Alpen, Brazilië en de VS. Het mineraal wordt onder andere toegepast in de elektrotechniek door de piëzoelektrische werking

. Indigoliet: Blauw in alle termen.
Blauwe toermalijn kreeg in 1800 van de Andrada e Silva de naam 'indigoliet' vanwege de indigo kleur van dit kristal. De donkerblauw tot inktblauwe kleur ontstaat door insluitsels van de mineralen magnesium en ijzer. Het kristal is doorzichtig tot doorschijnend en heeft meestal weinig insluitsels. Wanneer de steen duidelijk blauw of blauwgroen is, is hij even kostbaar als rubelliet. Indigoliet is uiterst zeldzaam. De waarde van de steen daalt sterk wanneer de kleur te donker of te inktachtig is. Indigoliet wordt in gemengde slijpvorm gefacetteerd, maar ook in 'trapvorm' met rechthoekige omtrek. De glans is meestal mooi en goed.

Geen enkele andere edelsteen kan zoveel kleuren hebben als toermalijn. Het is dan ook een mineraal dat we vaak terugvinden in sieraden. Het bijzondere aan toermalijn is dat in één kristal meerdere kleuren kunnen voorkomen, niet alleen in de lengte, maar ook loodrecht op de lengteas, waarbij het kristal aan de buitenzijde anders gekleurd is dan in het midden, afgewisseld door lichter getinte zones. Zo bestaan er kristallen met een rode kern en een groene buitenrand, die watermeloen worden genoemd. Kleurloze kristallen met een zwarte top worden moorkop genoemd, en groene kristallen met een rood uiteinde turkenkop. Allerlei ander combinaties kunnen verder ook voorkomen, maar hebben geen aparte naam. Deze veelkleurigheid ontstaat door de veranderingen van de samenstelling van de vloeistof waaruit toermalijn kristalliseert. Meestal vormen de kristallen zich in pegmatieten. Deze gesmolten gesteenten zijn rijk aan elementen als lithium en borium, elementen die ook in toermalijn voorkomen.

De laatste tijd gebruikt men in plaats van de variëteitsnamen steeds vaker een kleuraanduiding; bijvoorbeeld gele toermalijn en roze toermalijn.

In mineralogie onderscheidt men toermalijnen naar hun chemische samenstelling: De afzonderlijke vertegenwoordigers hebben de volgende namen:
Rossmaniet, naar Amerikaanse geleerde

Elbaiet, naar het eiland Elba, Italië
Het mineraal elbaiet is een sterk van kleur wisselend boor-houdend natrium-lithium-aluminium-silicaat. Elbaïet bevat lithium en is doorzichtig tot doorschijnend. Elbaïet kan kleurloos (variëteit achroïet), roze tot felrood (variëteit rubelliet), blauw tot groenblauw (variëteit indigoliet), groen tot donkergroen (variëteit verdeliet) of veelkleurig zijn. Elbaïet komt vrij zeldzaam voor. Het wordt onder andere gevonden in Italië, de voormalige Sovjet-Unie (de Oeral, Transbaikal, Kazachstan), de Verenigde Staten en Brazilië. Het mineraal wordt soms bewerkt tot edelsteen (facetstenen, cabochons).

Magnesiofoitiet, magnesiumanaloog van foitiet
Draviet, naar de rivier de Drau in Karinthië (Oostenrijk)
Chroomdraviet, de chroomanaloog van draviet
Vanadiumdraviet, de vanadiumanaloog van draviet
Schorl, naar een oude mijnwerkersuitdrukking voor valse steen
Foitiet
Oleniet, naar een oude mijnwerkersuitdrukking voor valse steen
Buergeriet, naar Amerikaanse geleerde

Povondraïet is een weinig voorkomend mineraal van de toermalijngroep, met korte prismatische kristallen en heeft een zwarte kleur. Hydrothermaal langs de spleten in gemetamorfoseerde evaporiet. Zwarte kristallen met en lengte tot 1 cm komen voor in vindplaatsen als Alto Chapare in Cochabamba, Bolivia.

Liddicoatiet, naar Amerikaanse gemmoloog

Uviet, naar provincie Uva in Sri Lanka = Magnesium-toermalijn.
Het mineraal uviet ((Ca,Na)(Mg,Fe+2)3Al5Mg(BO3)3Si6O18(OH,F)4) is een geelbruin, bruin tot zwart silicaat. Uviet bevat magnesium en is doorschijnend tot niet-doorzichtig. Het lijkt veel op het mineraal draviet dat ook tot de toermalijngroep behoort. Uviet wordt onder andere gevonden in de voormalige Sovjet-Unie (Transbaïkalië, Jakoetië), Sri Lanka, de Verenigde Staten (New York) en Canada (Ontario). Het mineraal wordt heel zelden bewerkt als siersteen.

Feruviet, ijzeranaloog van uviet.

Eigenschappen
Toermalijnen hebben bepaalde unieke eigenschappen. Ze zijn piëzo-elektrisch, wat betekent dat als een kristal verhit of samengedrukt, verschillende elektrische ladingen worden gevormd aan de beide uiteinden van het kristal. Dit veld veroorzaakt statische elektriciteit, dezelfde elektriciteit die je krijgt als je met een plastic kam wrijft over een wollen trui. De statische kam trekt papiersnippers of stofdeeltjes aan. Deze statische elektriciteit bij het verwarmen van toermalijn werd vroeger gebruikt door mensen die pijp rookten. Na het pijproken werd de as uit de pijp gehaald door het er met een warm gemaakte toermalijn uit te trekken.

Als er een externe elektrische potentiaal op het kristal wordt uitgevoerd, vibreert het. De mineralen zijn pleochroïsch, wat betekent dat het kristal donkerder van kleur is gezien langs de langste as van het kristal, dan gezien loodrecht op die as.

Voorkomen
De vier bekendste en meest voorkomende toermalijnmineralen hebben verschillende kleuren en transparanties. Elbaiet is transparant en een waardevolle edelsteen. Schorl, dat rijk is aan ijzer, is het meest voorkomende mineraal uit de toermalijn groep en is zwart en opaak. Het wordt voornamelijk gevormd in pegmatieten, de uiterste langzaam afkoelende ganggesteenten van een magma. De twee andere toermalijnen die regelmatig voorkomen zijn draviet en uviet. Draviet is doorgaans bruin doorschijnend en kan erg groot worden. Uviet is groen doorschijnend tot opaak.

Bewerking
Facetslijpsel, cabochons, kleine en grote gesneden stenen.

Vergelijkbare mineralen
Amethist, chrysoberyl, olivijn, robijn, smaragd, saffier, topaas, zirkoon, spinel, vesuviaan.

Imitaties
Glas.

Determinatie
Hardheid, soortelijk gewicht, optisch.

Aanbeveling
Reinigen met ultrasoon geluid of stroom is riskant, en grote temperatuurschommelingen moeten worden vermeden. De grensvlakken van meerkleurige stenen zijn bros.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Toermalijn.



Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.

Pageviews vandaag: 143.