kunstbus
Dit artikel is 03-04-2020 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

veen

Veengrond is een bodemtype waarbij de grond uit veen en ander plantaardig materiaal bestaat. In natte en vochtige omstandigheden gaat de afbraak van organisch materiaal langzamer dan de ophoping, waardoor veenvorming optreedt. Veen komt vooral voor in gematigde vochtige streken.

Veen komt in Nederland ook op grotere diepten voor, als zand-op-veen en klei-op-veen, bijvoorbeeld in Groningen en Drenthe. Het is een bijzondere afzetting doordat het niet-klastisch is. Omdat het in tegenstelling tot sediment ter plaatse is gevormd, wordt het sedentaat genoemd.

Veenvorming
Normaal gesproken wordt dood plantenmateriaal snel afgebroken door de aanwezigheid van zuurstof en de werking van bacteriën. Vooral bij hoge temperaturen en droge omstandigheden gaat de afbraak snel. Bij aerobe afbraak ontstaat dan H2O en CO2. Bij de afwezigheid van zuurstof treedt echter anaerobe afbraak op, waarbij CH4 ontstaat. In natte en vochtige omstandigheden gaat de afbraak langzamer dan de ophoping, waardoor veenvorming optreedt. Veen komt vooral voor in gematigde vochtige streken. In Nederland en België is het meeste veen gevormd in het Atlanticum, waarschijnlijk door het vochtoverschot dat optrad door de overgang van naaldbos naar loofbos in die periode en de stijging van de grondwaterspiegel onder invloed van de zeespiegelstijging.

Indeling
Veensoorten verschillen sterk, afhankelijk van de ligging ten opzichte van het grondwater en van de voedselrijkdom. Gebaseerd op de ligging ten opzichte van het grondwater tijdens de veenvorming is de volgende indeling te maken:

Laagveen
Laagveen heeft als belangrijkste kenmerk dat het veen onder invloed van het grondwater ontstaan is. Laagveen is afhankelijk van de grondwaterkwaliteit eutroof-oligotroof. Limnisch veen wordt onder de waterspiegel gevormd, telmatisch veen in de zone rond de waterspiegel. Juist daarboven wordt terrestrisch veen gevormd, wat over het algemeen echter snel oxideert tijdens het uitdrogen, behalve als hoogveenvorming optreedt.

Hoogveen
Hoogveen heeft als belangrijkste kenmerk dat het ontstaan is onder invloed van regenwater, zogenaamd ombrogeen veen. Het is altijd oligotroof. Het belangrijkste bestanddeel is veenmos (Sphagnum) dat grote hoeveelheden water in zich kan opnemen en in opgezwollen toestand voor meer dan 90 procent uit water kan bestaan. Bovendien kan het goed in zure omstandigheden groeien die ontstaan doordat regenwater uit zichzelf al lichtelijk zuur en niet gebufferd is. Het milieu is extreem voedselarm en ontstaat als er de dode plantenresten op een ondoorlatende humusrijke ondergrond liggen, zodat er geen voedselrijk water meer kan binnendringen. Veen dat voornamelijk door veenmos gevormd is wordt ook veenmosveen genoemd.

Het komt in onontgonnen vorm in Nederland nog op enkele plaatsen voor, zoals het Bargerveen bij Schoonebeek in Drenthe, het Aamsveen bij Enschede, en in de Groote Peel in Noord-Brabant, omdat een zeer groot deel in de 19e eeuw is afgegraven voor brandstofvoorziening. In België bevindt zich op de Hoge Venen (Hohes Venn of Hautes Fagnes) nog een grote hoeveelheid hoogveen.

De bovenste laag (40-50 cm) wordt bonkaarde genoemd en is niet geschikt om er turf van te maken. Deze bonkaarde werd in de Groningse, Drentse en Friese veenderijen (niet in de Peel!) vermengd met de zandgrond die na het afgraven van het veen tevoorschijn kwam en vormde zo de dalgrond, die met goede bemesting en ontwatering een redelijke landbouwgrond vormt.

De onderste laag (30-40 cm) wordt dargveen genoemd. Deze is sterk samengeperst en bevat vaak het kienhout. Dit zijn wortels en delen van stammen van bomen die bedolven zijn door het veen.

Verdronken hoogveen
Nog steeds wordt wel de indeling van veen naar de huidige ligging ten opzichte van het grondwaterniveau aangehouden. Men meende aanvankelijk dat het laaggelegen veen in West- en Noord-Nederland ook rond de waterspiegel, dus als laagveen, was ontstaan. Rond 1930 bleek echter dat veel van dit veen bestaat uit sphagnumveen dat door de latere stijging van het grondwaterniveau is verdronken. Het onderscheid dat natte vervening de vervening van laagveen en droge vervening de vervening van hoogveen was bleek dus niet juist te zijn.

Voedselrijkdom
Gebaseerd op de voedselrijkdom is de volgende indeling te maken:
. Eutroof veen, dit is voedselrijk veen, ontstaan door slibhoudend water. Eutroof veen is als gevolg van de grondwaterkwaliteit zoet of brak. De vegetatie van zoet eutroof veen is broek- en ooibos (els, wilg, populier) en riet. De vegetatie van het brakke veen is riet.
. Mesotroof veen, dit is matig voedselrijk veen, ontstaan door kwelwater. De dominante begroeiing is Zegge.
. Oligotroof veen, dit is voedselarm veen, dat wordt gevoed door regenwater. De begroeiing die op dit type voorkomt noemt men veenmosveen.

Dominante begroeiing waaruit het veen is ontstaan
Veen wordt ook ingedeeld naar de soorten die dominant waren in de begroeiing van waaruit het veen ontstaan is. In dit geval worden onderscheiden:
. Rietveen: Veen bestaande uit de resten van waterplanten zoals Riet.
. Zeggeveen: veen bestaande uit de resten van een vegetatie gedomineerd door zeggen. Ook mossen zijn in deze vegetatie vertegenwoordigd.
. Bosveen: veen bestaande uit de resten van bossen.
. Veenmosveen Veen bestaande uit de resten van veenmos. Veenmos heeft zoals boven vermeld de eigenschap water op te zuigen daardoor kan het boven de grondwaterspiegel blijven groeien. Het staat voornamelijk onder invloed van regenwater is daardoor voedselarm.

Klei-op-veen
In grote delen van Holland en andere gebieden in Nederland is er in het Holoceen, tijdens de vorming van de Westlandformatie, een dunne laag (minder dan een meter) jonge klei op hoofdzakelijk laagveen afgezet.

Veenverzakkingen
Veen bestaat grotendeels uit plantaardig materiaal. Zoals elk organisch materiaal verteert ook veen. Als het veen onder water staat, gaat dat verteren heel langzaam. Als de bodem geschikt moet worden gemaakt voor agrarisch gebruik of voor woningbouw, moet soms het grondwaterpeil worden verlaagd. Dit heeft tot gevolg dat het plantaardig materiaal in contact komt met zuurstof uit de lucht en daardoor oxideert met als gevolg volumeafname; er treedt bodemdaling op. Oxidatie van veenlagen in de bodem is een onomkeerbaar proces.

Ook voor de aanleg van wegen en spoorlijnen wordt de waterstand soms verlaagd, waardoor uiteindelijk verzakkingen kunnen optreden. Een goed voorbeeld hiervan is Gouda waar door veenverzakkingen de gemeente zo erg op kosten wordt gejaagd dat ze bijna 40 jaar lang een artikel 12-status heeft gehad.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Veen_(grondsoort)


Pageviews vandaag: 38.