kunstbus
Dit artikel is 31-03-2020 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Campbell's Soup Cans van Andy Warhol

Campbell's Soup Cans is een 32-delig werk van Andy Warhol dat zich bevindt in het Museum of Modern Art in New York. In juli en augustus van 1962 stelde Warhol voor het eerst zijn doeken met soepblikken van Campbell tentoon. De tentoonstelling die plaats vond in de Ferus Gallery in Los Angeles wordt gezien als de eerste manifestatie van popart aan de Westkust van de Verenigde Staten.


Andy Warhol - Campbell's Soup Cans - 1962 - acryl op canvas

Andy Warhol had voor deze serie 32 kleine schilderijen gemaakt die hij presenteerde alsof het om conserven in een supermarkt ging. De werken werden als soepblikken op een schap in een lange rij op gelijke afstand van elkaar opgesteld, schematisch verdeeld over drie witte muren. Hij ging te werk volgens Product Placement waar de conserven een commercieel georiënteerd en esthetisch standpunt innemen. In 1962 maakte Campbell 32 smaken en dus maakte Warhol 32 schilderijen. Warhol verheft hiermee een voorwerp uit de Amerikaanse supermarkt tot motief van de schilderkunst.

Andy Warhol was een commerciële illustrator die artistieke reclamecampagnes produceerde en vond dat je ook wel commerciële beelden in kunst kon verwerken. Hij zocht naar een onderwerp dat hem onderscheidde van andere kunstenaars die al op deze weg waren. Strips werden al gebruikt door artiesten als Roy Lichtenstein, maar toen een binnenhuisarchitecte Warhol dan voorstelde dingen te schilderen waarvan hij het meeste hield en de mensen ook herkennen, een blik soep bijvoorbeeld, zou Warhol dit letterlijk hebben opgevat. Volgens Ted Carey (een van de assistenten van Warhol in eind jaren 50’) was het Muriel Latow die Warhol op het idee heeft gebracht om soepblikken en dollarbiljetten te gebruiken. Muriel was behalve een ambitieuze interior designer ook eigenares van de Latow art gallery in de Upper east side in Manhattan. Ze stelde Warhol voor “to paint something you see every day and something that everybody would recognize. Something like a can of Campbell’s Soup”. Volgens Ted Carey zou Warhol gereageerd hebben met “Oh that sounds fabulous.” Warhol ging de volgende dag naar de supermarkt en heeft een doos met “alle soepen” gekocht.Toen een kunstcriticus aan Warhol vroeg waarom hij soepblikken verfde antwoorde hij: “I used to drink it, I used to have the same lunch every day, for twenty years.”

Zijn eerste reeks, Campbell's Soup Cans, stelde hij tentoon op 9 juli 1962 in zijn eerste solo-expositie in de Ferus Gallery in Los Angeles, Californië. Het was een reeks van 32 kunstwerkjes op doek, allemaal 51 bij 41 centimeter. Warhol gebruikte voor de vervaardiging van de werken een deels gemechaniseerde zeefdruktechniek.

De combinatie van half mechanische productie, afwezigheid van schildershand en keuze voor een commercieel onderwerp zorgde voor controverse en onbegrip, op een moment dat de Amerikaanse kunstscène nog in de ban was van het abstract expressionisme à la Jackson Pollock.

Een van de weinigen die 100 dollar overhad voor een schilderijtje was acteur en kunstcollectioneur Dennis Hopper. Maar uiteindelijk besloot galeriehouder Blum de 32 werken als een reeks bijeen te houden en de enkele verkochte exemplaren terug te kopen.

Elk werk was een product van gemengde technieken die deels met de hand en deels met een machine werden uitgevoerd. Ondanks vele gelijkenissen tussen de werken waren er ook verschillen. Zo stond elk exemplaar voor een andere smaak: zoals Tomato, Chicken, Clam Chowder, Cream of Asparagus, en Beef, hetgeen individuele accenten zette in het homogene geheel.

Dankzij de zeefdruk kon hij een massale en repetitieve productie van schilderijen verwezenlijken. Het begrip van het unieke karakter van het kunstwerk werd toen door Andy Warhol herzien en gecorrigeerd. Hij maakte een veelvoud van zijn werken, maar retoucheerde ze één per één, waardoor ze toch door enkele nuances van elkaar te onderscheiden waren. De zeefdruk is een druktechniek waarmee men motieven repetitief kan reproduceren. Men kan sterke neerslag van inkt bewerkstelligen en een intense en duurzame kleur doorheen de tijd garanderen. Andy Warhol gebruikte dit mechanische middel voor zijn werken, maar bewerkte ze daarna elke keer weer. Op die manier relativeerde hij deze stelselmatige reproductie door een onregelmatigheid in de afdruk met onhandige en opzettelijke markeringen aan te brengen.

Op het rood/witte etiket staat als embleem de gouden medaille voor design die Campbell bij de wereldtentoonstelling in Parijs in 1900 had gewonnen. Warhol schildert de blikken frontaal en schuin van boven, zodat de bovenkant te zien is. De lettertypes op het etiket geeft hij nauwkeurig weer. De achtergrond is spierwit, de blikken staan helemaal geïsoleerd. Er is alleen wat schaduw op de deksel aangebracht. De schilderijen sluiten aan bij zijn reclamewerk vanwege de felle kleuren en de stilistische verwerking.

De expositie van de 32 werken had een provocerend karakter, dit door het platvloerse motief en stereotiepe weergave maar ook door de gelijkstelling van kunstgalerij en supermarkt en dus de gelijkstelling van kunst- en levensmiddelenhandel. De maatschappelijke context waarin de werken zich ontwikkelen was even belangrijk als zijn specifieke onderwerp. Alle industriële producten waar Warhol een status van kunst aan verleende, drukten een stempel op het leven van de Amerikaanse middenklasse. hierover zei hij: "Wat zo fantastisch is, is dat Amerika een traditie heeft ingesteld waarin de rijkste consumenten in principe dezelfde dingen kopen als de armste". Het doel van Warhol was om dit ook te bereiken met kunst door middel van gestandaardiseerde productiemethoden.

Het thema ligt in het verlengde van de schilderijen van ingeblikt voedsel die Warhol vroeger maakte. Voedsel als industriëel product, als commerciële handelswaar is en blijft een thema wat hem boeit. Hij gaat net als de dadaïsten uit van een 'objet trouvé' een blik uit de supermarkt en schildert als pop art-kunstenaar een symbolisch voorwerp van de consumptiemaatschappij. De schilderijen deden de discussie over pop art oplaaien. Ze werden het voorbeeld genoemd van de nieuwe trend in de schilderkunst en tot iconen van de moderne maatschappij uitgeroepen.

Warhol bleef doorgaan met het schilderen van de soepblikken, maar dan in allerlei varianten: geopend, met gescheurd etiket, platgedrukt, enzovoort. Via het schilderen van deze series kwam hij op het idee om ze te zeefdrukken. Zo maakte hij series van 100 of zelfs 200 dezelfde soepblikken.

In de tweede helft van de jaren zestig ging hij experimenteren met de kleuren en verving hij het typische rood en wit, daarna ging hij de beelden omkeren en maakte ook voorstellingen van blikken met gescheurde wikkels zoals Big Torn Campbell's Soup Can (Pepper Pot), van gedeukte en platgedrukte blikken of van een blik met een blikopener erbij.


Pageviews vandaag: 477.