kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Giorgio Vasari

Italiaans schilder, tekenaar, decoratieschilder, architect en een van de eerste kunsthistorici door zijn biografieën van Italiaanse kunstenaars, (Arezzo, 30 juli 1511 - Florence, 27 juni 1574).

Uffizi

Vasari schiep veel kunst voor de kerken van Florence. Vooral zijn altaarstukken belichamen de idealen van de contrareformatie waar het Concilie van Trente voor stond. Vasari werd echter meer gewaardeerd om zijn architectuur. Het bekendste voorbeeld is de Palazzo degli Uffizi door Vasari als kanselarij gebouwd (1560-1574), thans de Galleria degli Uffizi (kortweg 'Uffizi' genoemd), een van de rijkste musea ter wereld, dat een vrijwel compleet overzicht geeft van de Florentijnse schilderscholen, maar behalve dat bezit het ook belangrijke werken van Noord-Italiaanse (met name Venetiaanse) schilders, alsook van Nederlandse en Duitse.
Ook heeft hij de Sala dei Cinquecento in het Palazzo Vecchio in Florence ontworpen en gedecoreerd en was hij de architect van de Corridoio bovenop de Ponte Vecchio.

Als kunstschilder werkte hij in laat-renaissancistische maniëristische stijl en was hij een volgeling van de Romeinse school.

Biografie
Na zijn eerste schilderkunstige en humanistische studies in Arezzo leerde hij in Florence bij Andrea del Sarto, Salviati en Bandinelli verder. In 1531/1532 bestudeerde hij tijdens zijn werk voor kardinaal Ippolito de'Medici in Rome de werken van Rafaël, Michelangelo en Peruzzi. In 1538 begon hij tevens architectuur te studeren.

Het werk aan zijn biografieën over kunstenaars begon hij in 1546. In 1550 verscheen een eerste en in 1568 een tweede uitgebreide uitgave.

Behalve een postuum portret van Lorenzo Il Magnifico (1553, Florence, Uffizi) schiep hij vanaf 1555 de decoratieschilderingen in het Palazzo Vecchio die, sterk beïnvloed door het werk van Fiorentino, Michelangelo en Rafaël, op de barokke schilderkunst vooruitliepen. Als architect behaalde Vasari zijn grootste prestaties. Daarnaast leverde hij met de introductie van wisselende decors een belangrijke bijdrage aan de ontwikkeling van het toneel in het baroktheater.

Vasari's beginpagina over Michelangelo

Vite van Vasari
Vasari is tegenwoordig vooral bekend om zijn boek Vite dat, naast het Schilderboeck van Karel van Mander, nog steeds een van de belangrijkste biografische bronnen van Renaissancekunst is voor kunsthistorici. De volledige titel luidt Vite de' più eccellenti architetti, pittori, et scultori italiani, da Cimabue insino a' tempi nostri (Levens van de uitmuntendste Italiaanse architecten, schilders en beeldhouwers, van Cimabue tot onze tijd) uit 1550 en 1568.

Aan de hand van talloze bronnen en materialen beschrijft Vasari de chronologisch geordende biografieën van vele Italiaanse kunstenaars van de Middelleeuwen tot in de 16e eeuw. De 'levensbeschrijvingen' beginnen met Cimabue (ca. 1240- na 1302) en eindigen in de eerste, uit twee delen bestaande oplage van 1550 met Michelangelo (1475-1564). Pas in de tweede, met één deel uitgebreide uitgave van 1568 zijn de contemporaine kunstenaars opgenomen. De uitgave van 1568 is uitgebreid met onder meer (soms gefantaseerde) portretten van de kunstenaars in houtsnede.

In de eerste hoofdstukken geeft Vasari een inleiding op de bouw-, schilder- en beeldhouwkunst waaruit zijn kijk op de iconografie blijkt en de smaak van de 16e eeuw, de tijd van de contra-reformatie.

De volmaaktheid van de kunst ziet Vasari in zijn tijdgenoot Michelangelo. Over hem schrijft hij dat hij persoonlijk door God naar de aarde is gezonden, naar Florence, om daar te werken. De 'goddelijke' Michelangelo markeert het opvallende eindpunt van de ontwikkeling. Hem alleen komt de verdienste toe dat hij de kunst uit de Klassieke Oudheid niet alleen bedrieglijk echt heeft nagebootst, maar haar wat betreft schoonheid, gratie en vindingrijkheid ook meesterlijk heeft overtroffen.

Inderdaad is de omvangrijke verzameling van kunstenaarsbiografieën die hij in 1550 voor het eerst publiceerde, nog altijd een bron van onschatbare waarde bij de bestudering van de beeldende kunst en architectuur van de late middeleeuwen en de renaissance in Italië. Maar Vasari’s tekst beperkt zich niet tot feitelijkheden over de levens van kunstenaars. De beschrijvingen zijn voornamelijk gebaseerd op eigen waarnemingen en mondelinge overleveringen. De betrouwbaarheid is hierdoor niet altijd even groot. Het boek geeft wel een prachtig inzicht in de toenmalige opvattingen en ideeën over de ontwikkeling van de kunsten van omstreeks 1300 tot in Vasari's eigen tijd.
Elke biografie is opgezet als een heldenepos dat de kunstenaar verheerlijkt, gecombineerd met roddels en anekdotes. Vooral Michelangelo werd de hemel ingeprezen door Vasari, die een voorkeur had voor kunstenaars uit Florence. Kunst uit Venetië wordt genegeerd. Sommigen van de kunstenaars die Vasari in zijn Vite beschrijft zijn tegenwoordig niet meer algemeen bekend.

Hieronder een overzicht van de biografieën in de drie delen van de Vite:

  • Deel 1: Cimabue, Arnolfo di Lapo, Nicola Pisano, Giovanni Pisano, Andrea Tafi, Giotto, Pietro Lorenzetti (Pietro Laurati), Andrea Pisano, Buonamico Buffalmacco, Ambrogio Lorenzetti (Ambruogio Laurati), Pietro Cavallini, Simone Martini, Taddeo Gaddi, Andrea Orcagna (Andrea di Cione), Agnolo Gaddi, Duccio, Gherardo Starnina, Lorenzo Monaco en Taddeo Bartoli.

  • Deel 2: Jacopo della Quercia, Nanni di Banco, Luca della Robbia, Paolo Uccello, Lorenzo Ghiberti, Masolino da Panicale, Masaccio, Filippo Brunelleschi, Donatello, Giuliano da Maiano, Piero della Francesca, Fra Angelico, Leon Battista Alberti, Antonello da Messina, Alessio Baldovinetti, Fra Filippo Lippi, Andrea del Castagno, Domenico Veneziano, Gentile da Fabriano, Vittore Pisanello, Benozzo Gozzoli, Vecchietta (Francesco di Giorgio e di Lorenzo/Lorenzo di Pietro), Antonio Rossellino, Bernardo Rossellino, Desiderio da Settignano, Mino da Fiesole, Lorenzo Costa, Ercole Ferrarese, Jacopo Bellini, Giovanni Bellini, Gentile Bellini, Cosimo Rosselli, Domenico Ghirlandaio, Antonio Pollaiuolo, Piero Pollaiuolo, Sandro Botticelli, Andrea del Verrocchio, Andrea Mantegna, Filippino Lippi, Bernardino Pinturicchio, Francesco Francia, Pietro Perugino en Luca Signorelli.

  • Deel 3: Leonardo da Vinci, Giorgione da Castelfranco, Antonio da Correggio, Piero di Cosimo, Donato Bramante (Bramante da Urbino), Fra Bartolomeo Di San Marco, Mariotto Albertinelli, Raffaellino del Garbo, Pietro Torrigiano (Torrigiano), Giuliano da Sangallo, Antonio da Sangallo, Raphael, Guglielmo Da Marcilla, Simone del Pollaiolo (il Cronaca), Davide en Benedetto Ghirlandaio, Domenico Puligo, Andrea da Fiesole (Bregna?), Vincenzo da San Gimignano, Andrea Sansovino (Andrea dal Monte Sansovino), Benedetto da Rovezzano, Baccio da Montelupo en Raffaello da Montelupo (vader en zoon), Lorenzo di Credi, Boccaccio Boccaccino(Boccaccino Cremonese), Lorenzetto, Baldassare Peruzzi, Pellegrino da Modena, Giovan Francesco, il Fattore, Andrea del Sarto, Francesco Granacci, Baccio D'Agnolo, Properzia de’ Rossi, Alfonso Lombardi, Michele Agnolo, Girolamo Santacroce, Dosso en Dossi (Dossi brothers), Giovanni Antonio Licino (Giovanni Antonio Licino Da Pordenone), Rosso Fiorentino, Giovanni Antonio Sogliani, Girolamo da Treviso (Girolamo Da Trevigi), Polidoro da Caravaggio e Maturino da Firenze(Maturino Fiorentino), Bartolommeo Ramenghi (Bartolomeo Da Bagnacavallo), Marco Calabrese, Morto Da Feltro, Franciabigio, Francesco Mazzola, Jacopo Palma (Il Palma), Lorenzo Lotto, Giulio Romano, Sebastiano del Piombo (Sebastiano Viniziano), Perino Del Vaga, Domenico Beccafumi, Baccio Bandinelli, Jacopo da Pontormo, Michelangelo Buonarroti, Tiziano da Cadore (Titian) en Giulio Clovio, illustrator.
  • Begrip Renaissance
    Vasari was de eerste die de eeuwen vóór zijn tijd minderwaardig noemde en ze, vergeleken met de Klassieke Oudheid en zijn eigen glorieuze tijd, de naam "Middel Eeuwen" gaf. Hij vond dat de tijd waarin hij leefde een wedergeboorte (rinascità) van de Klassieke Oudheid was. Hiervan is het Italiaanse begrip "Rinascimento" afgeleid, beter bekend in zijn Franse vertaling "Renaissance".

    Vasari giet zijn kunstenaarsbiografieën in een vorm die teruggaat op het driedelige antieke schema van bloei, verval en nieuw begin. Met de bloei identificeert hij de Klassieke Oudheid, met het verval de Middeleeuwen en met het nieuwe begin de zich sinds het trecento ontwikkelende kunst van de Renaissance. Het nieuwe begin is wederom onderverdeeld in drie chronologische fasen: De kinderjaren in de 14e, de jeugd in de 15e en ten slotte de volwassenheid in de 16e eeuw. De werken van de diverse meesters worden door hem voor de eerste keer in de kunstgeschiedenis stijlkritisch bekeken. Zijn beoordelingscriteria zijn de 'inventione' (de uitvinding) en het 'disegno' (de tekening en lijn); twee kenmerken die door hem worden beschouwd als 'moeder' en 'vader' van alle kunsten.

    Vasari uit een documentaire over de Renaissance.


    Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Giorgio_Vasari.


    Test je competentie op YaGooBle.com.

    Pageviews vandaag: 438.