kunstbus
Dit artikel is 10-04-2021 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Max Ernst

Duits, later tot Frans genaturaliseerde schilder en beeldhouwer, geboren 2 april 1891 in Brühl bij Keulen - overleden 1 april 1976. Na WO I werd hij één van de leiders van het dadaïsme in Keulen. Belangrijkst is hij echter als surrealist. Sinds de jaren vijftig schilderde hij vooral kleurrijke, lyrische, abstracte schilderijen.

Zijn oeuvre, dat zeer omvangrijk was, getuigt van veel fantasie en een grote intelligentie. Steeds terugkerende objecten in zijn werk zijn vogels, het woud, de vrouw en de 'gestorven' stad.

Ernst gebruikte ook een veelvoud van technieken in zijn werk: de assemblage, (foto)collage, de frottage (een eigen uitvinding, geïnspireerd door het automatisme), de decolcomanie, de linoleum snede, de tekening; hij deed ook aan beeldhouwkunst en was natuurlijk ook schilder. Ernst was ook, in beperkte mate, schrijver (al dan niet in samenwerking met Hans Arp); zijn 'Écritures' werden in 1970 in Parijs uitgegeven. Veel van zijn werk is verloren gegaan.

Hij vond verschillende technieken uit die ook andere kunstenaars gingen gebruiken. Max Ernst was erg geïnteresseerd in het toeval, het objet trouve, en had ook verschillende technieken ontworpen om dat uit te buiten, zoals frottage, collage, grattage, raclage, assemblage, dripping en décalcomanie. Ook deed hij, samen met Breton, Picabia en andere literaire surrealisten, mee aan de eerste expirimenten met het automatisme.

Biografie
Nadat Max Ernst in 1910 in Bonn filosofie, kunstgeschiedenis en psychologie had gestudeerd, besloot hij kunstenaar te worden.

In 1913 exposeerde hij voor het eerst, bij de kunstenaars van het Rijnlandse expressionisme.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werkte hij weinig. In 1914 reisde hij naar de wijk Montparnasse in Parijs waar kunstenaars uit de hele wereld samenkwamen. Daar leerde hij Guillaume Apollinaire, Robert Delaunay en Hans Arp kennen. Toen later dat jaar de Eerste Wereldoorlog uitbrak, moest Ernst het Duitse leger in. In 1918 trouwde hij de kunsthistorica Luise Straus.

Na de Eerste Wereldoorlog vormde hij de Keulse Dada-groep Zentrale W/3 met Hans (Jean) Arp en sociaal activist Alfred Grünwald. Bij deze groep maakte Max Ernst talrijke collages. Ze richtten ook een tijdschrift op.

Hij bezocht de kunstenaar Paul Klee, creëerde zijn eerste schilderwerken en collages en experimenteerde met verschillende kunstvormen.

In 1920 kregen hij en Luise Straus een zoon, Hans-Ulrich, die als Jimmy Ernst een bekend schilder zou worden. Twee jaar later scheidde hij van Luise, met wie de relatie stormachtig was geweest, en keerde hij terug naar de artistieke commune in Montparnasse.

Catharina Ondulata, 1920, Londen, Verzameling Penrose
Een compositie met mechanistische inslag, verwijzend naar de machinerieën van Duchamp en Picabia. Een rotsachtig wezen met een eigen leven en vol humor. Ernst organiseerde in de geest van dada te Keulen i.s.m. Baargeld subversieve manifestaties en acties waaraan het publiek kon deelnemen, te vgl. met onze hedendaagse happenings. (Histoire)

La femme chancelante (heen en weer zwaaiende vrouw), 1920, olieverf op doek, 131x98, Düsseldorf, Kunstsammlung Nordrhein Westfalen
Le délire précis d'Ernst, associé aux pouvoirs suggestifs d'un tempérament philosophique toujours en alerte, lui inspire les plus belles fêtes de l'imagination et de l'humour. (Histoire)

De olifant van Celebes, 1921, olieverf op linnen, 130x110, Londen, the Tate Gallery
Overgang naar het surrealisme. Een totaalbeeld: een werken met de vorm. Stofzuigervorm. Celebes wordt vernoemd op het werk. Invloed van De Chirico. (Amarant)
Een dierlijke vitaliteit domineert dit schilderij, waarin net als bij De Chirico het diepteperspectief met een vergrote voorgrond wordt gecombineerd. Het lichaam van de 'olifant', dat gepantserd is met een soort Afrikaanse graansilo, heeft een slurf die in een stierenkop eindigt. Op het lichaam staat een metalen constructie. Een naakte vrouw zonder hoofd vlucht het beeld uit. Dit monster staat voor blindheid, geweld en de angst van de mens voor gevangenschap, onwetendheid en de dood. (Leinz 91-92)

In 1921 had hij een expositie met zijn collages, waar André Breton erg van onder de indruk was. Zo kwam hij bij het surrealisme.

In 1922 verhuisde de kunstenaar naar Parijs, waar hij een surrealistische groep oprichtte met André Breton en Paul Eduard. Hallucinaties, de droom en het onderbewuste werden belangrijk in zijn schilderijen en tekeningen.

Oedipus Rex, 1922, olieverf op doek, 93x102

Vogelmotief: op 16-jarige leeftijd wordt in dezelfde nacht zijn jongste zus geboren en sterft zijn lievelingsvogel. Verband: geboorte van de zus is oorzaak van de dood van de vogel, vandaar de fascinatie voor vogels in zijn werk. Verband tussen Oedipus en de slechte relatie met zijn vader: de vogels zijn gevangen. Vingers door het venster met noot en doorboord door zaag, zonder bloed na te laten. Perspectief à la De Chirico. (Amarant)

Rendez-vous des amis, 1922, olieverf op linnen, 130x195, Keulen, Museum Ludwig (Hamburg, verz. L. Bau)
Een waarheidsgetrouw portret van de groep dada-Parijs. De meesten zouden twee jaar later trouwens lid worden van de groep surrealisten onder leiding van Breton. Toch ook een beeld van Raffaël, Dostojewski, De Chirico. Verwant met oude barokke schuttersstukken (met nrs. en op een plaatje hun namen).
1. René Crevel (Schrijver, pleegde zelfmoord in 1935)
2. Philippe Soupault (schreef samen met Breton Champs Magnétiques)
3. Jean Arp
4. Max Ernst (exacte weergave van de jongeman uit l'age d'or, een film van Bunuel)
5. Max Morise
6. Fjodor Dostojevski
7. Rafaello Sanzio
8. Théodore Fraenkel
9. Paul Éluard
10. Jean Paulhan
11. Benjamin Péret
12. Louis Aragon
13. André Breton
14. Johannes Theodor Baargeld
15. Giorgio de Chirico
16. Gala Èluard (de latere vrouw van Dali)
17. Robert Desnos
De vrienden zijn tijdens een zonsverduistering bijeen in een berglandschap. Hun opstelling is ontleend aan Raffaëls fresco la disputà del sacramento. De aanwezigen zijn, zoals bijvoorbeeld ook op foto's van reünies gebeurt, van een nummer voorzien, dat naar de bijgevoegde namenlijst verwijst. De schrijvers en dichters zijn in de meerderheid, aangezien het Parijse surrealisme ontsproot rond het tijdschrift 'la littérature'. Desnos, Péret en Crevel schreven in de trance van het automatisch schrijven (écriture automatique) hun eerste surrealistische teksten. Naar die methode, het uit het duistere onbewuste beelden naar boven brengen, verwijst de zonsverduistering, die bovendien het samenzijn van de vrienden een historisch karakter geeft en deze 'in het licht' zet. Ook het stilleven links kan opgevat worden als een symbool van hogere kennis en inspiratie en als zinnebeeld van de moeilijke toegankelijkheid van de verborgen wijsheid (de vesting). Het mes, als instrument van de collagekunstenaars, krijgt de dimensie van schending en opheffing van taboes.
Hier zijn dus alle belangrijke personen en thema's samengevoegd van het vroege surrealisme, dat tussen 1924 (eerste manifest) en 1929 (tweede manifest) tot volledige ontplooiing kwam. (Leinz 88-90; Amarant; Histoire)

Les hommes n'en sauront rien, 1923, Milaan, Galeria Schwarz
De verwarrende titels van de ook literair talentvolle Ernst, voegen aan zijn plezierige werken ook een raadselachtige opwinding. Eerste surrealistisch schilderij. Zie biografie. (Histoire)
Al in 1923, een jaar voor het surrealistisch manifest van Breton, maakte hij Les hommes n'en sauront rien (Tate Gallery), dat alle karakteristieke elementen van het surrealisme bevatte: een onwerkelijke droomachtige sfeer, een verlaten landschap en erotische elementen.

Het paar (de omarming), 1923/24, olieverf op doek, 73x54, privé-verzameling
Het is ontstaan vóór het ontstaan van de frottagetechniek, en hier maakt Ernst ook weinig gebruik van de collage. De verf is grof en impulsief aangebracht. De in elkaar geslingerde vormen herinneren in hun anatomische vervorming aan het expressionisme. Het motief van de vogelmens zal regelmatig in het oeuvre van Ernst terugkeren, maar dan meer uitgewerkt. Dit mythische dier dat hij loplop of Vogelobre Hornebom noemt, is zijn privé-spook en is eigenlijk niets anders dan zijn spreekbuis, het wezen dat zijn fantasieën vertolkt.

Les grands amoureux, 1924,


Twee kinderen, bedreigd door een nachtegaal, 1924, olieverf op hout met houten constructie, 70x57x11, New York, Museum of Modern Art

Al experimenterend vond hij in 1925 de frottagetechniek uit, waarbij men, door met een potlood over papier te wrijven, afdrukken maakt van objecten onder het papier. Doet men dit bijvoorbeeld met een eikenblad, dan wordt op het papier een afdruk van dat blad gemaakt waardoor de structuur en de nerven zichtbaar worden. Deze afdrukken werkte Ernst vervolgens verder uit tot een kunstwerk.

Figuur (Vrouw), 1925, olieverf op doek, 100x65, Basel, Kunstmuseum, Emanuel Hoffmann-Stiftung
Er zijn verschillende technieken gesuggereerd: collage, frottage, tekenen, schilderen. De sterk uitgelengde hals en brede schouders versterken de dominerende pose en de bijna gezichtsloze kop herinnert aan De Chirico's ledenpoppen. (exp 352)

In 1926 ging hij samenwerken met Joan Miró om decors te schilderen voor de Ballets Russes van Serge Diaghilev. Ernst ontwikkelde samen met Miró vervolgens de grattagetechniek. Daarbij wordt (meestal opgedroogde) verf van het doek geschraapt.

Het grote woud, 1927, olieverf op doek, 114x146, Basel, Kunstmuseum
Een arsenaal van vormen die verwantschap schijnen te vertonen. Hij keert uit het magisch-bovenzinnelijke in zoverre tot het werkelijke terug dat de maan en het bos door de beschouwer te herkennen zijn als afkomstig uit een andere wereld. (KIB 20ste 195)

De horde, 1927, Verz. J.B. Urvater
Uiting van de strijd der Titanen. Halfdierlijke-halfmenselijke monsterachtige figuren rijzen op uit een soort brij en vormen een vreemdsoortig maar krachtig visioen. (Histoire)

Après nous la maternité, 1927, olie, 147x115, Düsseldorf, Kasteel Jägerhof, Kunstsammlung Nordrhein-Westfalen

De man, de beste vriend van de vrouw, 1927, olieverf op doek, 97x131, Basel, Kunstmuseum, Emanuel Hoffmann-Stiftung
In zijn tekeningen en schilderijen gaat Ernst uit van reeds bestaand en vooraf bij elkaar gebracht materiaal. Dat doet hij met collages en later ook met zijn frottage- of doordruktechniek. Deze bestaat hierin dat verschillende materialen als hout en steen door wrijven met een potlood op papier doorgedrukt worden. Vanuit deze frottages schept hij door combinaties en accentueringen een bizarre wereld die schijnbaar automatisch is gegroeid. De zo gevonden motieven gebruikt hij in tekeningen en schilderijen.
De automatische schriftuur en het organisch groeien van vaag menselijke gestalten in een illusie van constante beweging, zien we hier zeer duidelijk. De mens is hier geheel deelachtig aan groeiprocessen in de microkosmos (exp 352)

Zijn werk werd door de nationaalsocialisten in Duitsland verklaard tot entartete kunst.

Na ruzie met Breton verliet Ernst de surrealisten. Hij was woedend over de door André Breton gewenste verbanning van Ernsts vriend Paul Éluard. Met Éluard en diens vrouw Gala (later getrouwd met Salvador Dalí) leefde hij enige tijd in een driehoeksverhouding. In 1927 trouwde hij met Marie-Berthe Aurenche.

In 1934 wijdde Max Ernst zich aan de beeldhouwkunst, en bracht hij tijd door met de kunstenaar Alberto Giacometti.

Leonora Carrington

In 1936 kwam Ernst in contact met Leonora Carrington tijdens de International Surrealist Exhibition in London. De twee vertrokken naar Parijs, waar Ernst scheidde van Marie-Berthe. In 1938 vestigden Leonora en hij zich in Saint-Martin-d'Ardèche in het zuiden van Frankrijk. Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak werden beiden opgepakt door de Franse autoriteiten als 'ongewenste vreemdelingen'. Mede door tussenkomst van Paul Éluard en enkele kennissen van Ernst uit Amerika (waaronder journalist Varian Fry) werden ze na een paar weken vrijgelaten.

Frankrijk was echter niet veilig meer voor Max Ernst. Door de inval van de nazi's werd hij gezien als staatsvijand en als maker van "Entartete Kunst". Twee werken van hem waren getoond op de beruchte Entartete Kunst-tentoonstelling die in 1937 door Duitsland trok.

Peggy Guggenheim

Hij wist Frankrijk te ontvluchten, zonder Leonora Carrington - die in een ernstige depressie verviel en later uitweek naar Mexico - maar met de Amerikaanse kunstverzamelaarster Peggy Guggenheim. Zij had in 1938 een aantal werken van hem gekocht voor haar museum in Venetië. In 1941 arriveerden zij in de Verenigde Staten en het jaar daarop trouwden ze. Samen met andere kunstenaars en vrienden (zoals Marc Chagall en Marcel Duchamp) die ook waren gevlucht voor de oorlog en nu in New York leefden, werkte Ernst mee aan de ontwikkeling van het abstract expressionisme.

Napoleon in de woestijn, 1941, olieverf op doek, 46x38, New York, Museum of Modern Art

Gemaakt net voor zijn vertrek naar de U.S.A. De angst die het Franse leger kan hebben doorstaan in de beginfase van de oorlog is hier met een ijzige ironie weergegeven: de kunstenaar degenereert de menselijke en dierlijke figuren en herleidt hen tot een min of meer minerale toestand. (Histoire)

Dorothea Tanning

In 1942 leerde Max Ernst de surrealistische kunstenaar Dorothea Tanning kennen op een feest. Ernst, die op dat moment nog gehuwd was met Peggy Guggenheim, was verrast door haar werk "Birthday". Op dit zelfportret heeft Tanning zichzelf met ontbloot bovenlijf afgebeeld in een gang met deuren. Ze wordt geflankeerd door een hippogrief. Het werk werd toegevoegd aan de tentoonstelling The Exhibition of 31 Women die in 1943 werd georganiseerd door Guggenheim in haar galerij. In 1944 had ze haar eerste solo-show die werd georganiseerd door de Franse avant-garde galeriehouder Julien Levy.
Zijn huwelijk met Guggenheim hield niet stand en Ernst trouwde in 1946 opnieuw, deze keer met Dorothea Tanning, in een dubbele ceremonie met de kunstenaar Man Ray en Juliet Browner. In de daaropvolgende jaren bleef Ernst voornamelijk in de VS, wonend in de kleine stad Sedona in (Arizona). Dorothea bleef met Ernst gehuwd tot aan zijn dood in 1976. Zij overleefde haar man meer dan 35 jaar en overleed in 2012 op 101-jarige leeftijd. - (Wikipedia)

De koning speelt met zijn koningin, 1943-44, brons, hoogte 87, gegoten in 1954, New York, Verz. William N. Copley
Max Ernst laat zijn metamorfose plaatshebben op die plek waar woorden, voorwerpen en gedachten in de strenge ordening van de ruimte nog niet elk hun eigen plaats hebben gekregen. De koning en de koningin vertegenwoordigen alles wat deze twee woorden inhouden tegelijk: de demonische heerser uit de oertijd met de stierenkroon, tactische schakers en schaakstukken - spel en magie met woorden en begrippen, met vormen en dingen.

In 1948 schreef hij de verhandeling Beyond Painting voordat hij in 1950 voorgoed terugkeerde naar Frankrijk waar hij in 1958 werd genaturaliseerd tot Fransman. Ernst en Tanning woonden vanaf 1955 in Huismes. Werk van Ernst werd geëxposeerd in 1953 op de Biënnale van Venetië. Dat bracht hem zodanig veel publiciteit dat hij vermogend werd.

In 1963 verhuisden Ernst en Tanning naar Seillans in Zuid-Frankrijk, waar hij een eigen huis bouwde en versierde met fantasiefiguren uit zijn schilderwerk. Ook ontwierp hij decors en een fontein voor de stad Amboise. In 1975 werden in retrospectief zijn werken tentoongesteld in het Solomon R. Guggenheim Museum in New York. De "Galeries Nationales du Grand-Palais" in Parijs publiceerden een complete catalogus.

Ernst stierf op 1 april 1976, in de nacht van zijn vijfentachtigste verjaardag, in Parijs. Hij is gecremeerd en zijn as staat in het columbarium van Père-Lachaise. In 1976 won Ernst postuum de Goslarer Kaiser Ring en werd zijn werk tentoongesteld in het Mönchehaus Museum Goslar in de Duitse Goslar.

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.

Pageviews vandaag: 12.