kunstbus
Dit artikel is 13-04-2009 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

hoofdwerkwoord

Hoofdwerkwoord

Een hoofdwerkwoord (of: zelfstandig werkwoord) is het werkwoord dat in een zin de betekeniskern van een werkwoordelijk gezegde vormt.

Een zin (bijzinnen en nevengeschikte zinnen tellen apart) heeft altijd maar één hoofdwerkwoord.

In de tegenwoordige en de verleden tijd wordt het hoofdwerkwoord dikwijls uitgedrukt door de persoonsvorm:
(1) Hij loopt van hot naar her.

Het hoofdwerkwoord kan ook de vorm hebben van een infinitief (3 en 5) of een voltooid deelwoord (2, 4 en 6), als het gezegde een hulpwerkwoord bevat:
(2) Ik heb hem daar niet gezien.
(3) Mijn buurjongen kan goed voetballen.
(4) Het vervallen huis wordt afgebroken.
(5) Zij kan goed schrijven.
(6) Wij hebben een taart gebakken.

De termen hoofdwerkwoord en zelfstandig werkwoord worden vaak door elkaar gebruikt. Dit is niet verwonderlijk aangezien de functie van hoofdwerkwoord bijna altijd door een zelfstandig werkwoord wordt vervuld. Een koppelwerkwoord kan echter ook het hoofdwerkwoord vormen (voorbeeld 7) en zowel de term zelfstandig werkwoord als koppelwerkwoord verwijzen naar een type werkwoord, een woordsoort dus, en niet naar de functie in de zin.

(7) Jij bent een vrouw.

Andere voorbeelden:
. Hij loopt naar huis.
. Ik zag een bekende.


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Hoofdwerkwoord.

Klik hier voor informatie over auteurs, literatuur en websites waar veelvuldig uit geciteerd of geparafraseerd is.

Pageviews vandaag: 38.