kunstbus
Dit artikel is 16-04-2009 voor het laatst bewerkt.
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

zelfstandig-naamwoord

Zelfstandig naamwoord

Het zelfstandig naamwoord (Romaanse term: nomen of het substantief [-tieven] o) is de woordsoort die wordt gebruikt om in een uitspraak de personen of zaken aan te duiden waar de uitspraak betrekking op heeft. De meeste zinnen zijn zulke uitspraken; daarom bevat vrijwel elke zin wel een of meer zelfstandige naamwoorden.

Zelfstandige naamwoorden (of: substantieven) zijn woorden die een 'zelfstandigheid' aanduiden. Het kan hierbij gaan om personen, zaken, eigenschappen, gebeurtenissen, gevoelens enz. Zelfstandige naamwoorden kunnen worden gecombineerd met een aanwijzend voornaamwoord die/dat.

Een bijzonder soort zelfstandig naamwoord is de eigennaam, die gebruikt wordt om een bepaalde persoon of zaak mee aan te duiden, bv. Jan, Utrecht, België, Grolsch en Wiktionary. Eigennamen worden in het Nederlands altijd met hoofdletter geschreven.

De overige zelfstandige naamwoorden worden soortnamen genoemd, en met kleine letter geschreven. Ze kunnen telbaar zijn, wat betekent dat er bijvoorbeeld een telwoord voor kan worden geplaatst, of niet-telbaar.

Telbaar
De meeste zelfstandige naamwoorden kunnen bovendien van 'getal' veranderen. Een zelfstandig naamwoord is telbaar als het zowel een enkelvoudsvorm als een meervoudsvorm heeft en kan worden voorafgegaan door een hoofdtelwoord. Voorbeelden van telbare zelfstandige naamwoorden zijn bril (twee brillen), gebod (tien geboden), speler (elf spelers).
Uitzonderingen zijn zelfstandige naamwoorden (zoals fruit, vee, politie) die alleen een enkelvoudsvorm hebben en zelfstandige naamwoorden (zoals hersenen, hurken) die alleen een meervoudsvorm hebben.
Voorbeelden van niet-telbare zelfstandige naamwoorden zijn duisternis, gedoe, informatie, onzin, goud, melk, ijs.

Ook worden er nog andere onderverdelingen gemaakt:
concrete zelfstandige naamwoorden duiden tastbare zaken aan, dwz. direct zintuiglijk te ervaren. Hieronder vallen
. stofnamen, bijv. suiker, melk, kaas, zand, hebben speciale grammaticale eigenschappen, ze kunnen bijvoorbeeld als niet-telbaar worden gebruikt;
. voorwerpsnamen, bijv. boek, huis
. verzamelnamen ofwel collectiva, bijv. groep, horde, aantal
abstracte zelfstandige naamwoorden duiden niet-tastbare zaken aan, bijv. handelingen, instellingen, en zijn meestal van andere woordsoorten afgeleid.

Voorbeelden (waarin het zelfstandig naamwoord cursief is weergegeven):
(1a) Hij heeft een dure fiets. (enkelvoud)
(1b) Hij heeft drie dure fietsen. (meervoud)
(2) Jan heeft de laatste maanden helemaal afgezonderd in zijn studeerkamer aan zijn proefschrift zitten werken en heeft met veel pijn en moeite de definitieve versie gereed gekregen.

Zelfstandige naamwoorden in het Nederlands
Vóór een zelfstandig naamwoord wordt in het Nederlands, zoals in veel talen, een lidwoord geplaatst: de of het. Soms kan een zelfstandig naamwoord zowel de als het krijgen. Indien dit ook iets uitmaakt voor de betekenis is er sprake van homonymie, bijv. bij de twee woorden de bocht (curve) en het bocht (drank).

Een van de eigenschappen van het zelfstandig naamwoord is dat het in veel talen een geslacht ofwel genus heeft. In het Nederlands, dat geen naamvallen van het lidwoord meer kent, wordt voornamelijk nog onderscheid gemaakt tussen zijdig (de) en onzijdig (het). In de verzorgde schrijftaal komt ook het verschil tussen mannelijke en vrouwelijke de-woorden tot uiting in de vorm van sommige voornaamwoorden.

Verbuiging
In het dagelijkse Nederlandse taalgebruik komen verbuigingen niet meer voor, behalve in versteende uitdrukkingen als 's nachts, ten dienste van, met mate. In literair taalgebruik komen verbuigingen van het lidwoord nog wel een enkele keer voor.

Voor de totstandkoming van eigennamen zijn vrijwel geen beperkingen. Ze worden bijvoorbeeld
. uit andere talen ontleend; bv. Peter, oorspronkelijk een bijnaam ("de rots" in het Grieks) voor een bepaald persoon.
. door aanpassing uit al bestaande namen of woorden afgeleid; bv. Pim, ontstaan uit Wim omdat kinderen moeite hebben met het uitspreken van de W
. uit al dan niet achteraf bedachte afkortingen samengesteld; bv. de naam van de Spar (supermarkt) staat voor Door Eendrachtig Samenwerken Profiteren Allen Regelmatig
. helemaal uit het niets verzonnen, bv. Oibibio, een palindroom zonder verdere betekenis

Ook andere zelfstandige naamwoorden worden vaak uit andere talen ontleend. Bovendien kunnen eigennamen gemakkelijk in gewone zelfstandige naamwoorden veranderen, zogeheten eponiemen .

Er zijn bovendien allerlei meer of minder produktieve manieren om uit andere woordsoorten zelfstandige naamwoorden af te leiden, bijvoorbeeld:
uit werkwoorden:
. op basis van de werkwoordsstam, een proces dat nominalisatie heet: bv. slag, slacht, nominalisatie, totstandkoming, bedenking, scoringspoging
. idem, met voorvoegen van ge-, bijvoorbeeld geslacht, gewin, gedoe, geschreeuw
. idem, door middel van andere aanvoegsels, bijvoorbeeld komst, dienst, winst, bedenksel
. uit deelwoorden, bijvoorbeeld gedachte, verdachte
. door toevoeging van -baar, -lijk of -zaam: laakbaar, huwbaar, bespreekbaar, ontegenzeggelijk, klaarblijkelijk, spraakzaam, mededeelzaam
. door toevoeging van -(d)er(d) om de bedrijver van de actie weer te geven, bv. denker, regeerder, hebberd, (top)scoorder

uit bijvoeglijke naamwoorden:
. zonder verdere toevoeging, bv. horige
. door toevoeging van -heid, bv. bijzonderheid, braafheid, welsprekendheid
. door toevoeging van -de of -te, bv. liefde, warmte, luwte, grootte
. door toevoeging van -er(d) of -aar(d) om een eigenschap aan iemand toe te kennen: luiaard, snoodaard, gierigaard, gulzigaard, dronkaard
. hetzelfde, maar met -erik: bloterik, botterik, luierik, gemenerik


Copyright, This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Zelfstandig_naamwoord.



Pageviews vandaag: 56.